Italië: de impasse

Italië: de impasse

maandag 8 april 2013 15:34

De politieke situatie in Italië ligt bijzonder moeilijk. Drie partijen hebben elk ongeveer een derde van de stemmen gehaald, met een heel lichte voorsprong voor de PD, de linkerzijde, gevolgd door de M5S (partij van Grillo) en de PDL (de partij van Berlusconi). De overige 10% zijn naar de partij van Monti gegaan.

Over de partij M5S van Grillo hebben we in een vorig bericht al iets geschreven. Als daar een commentaar aan toegevoegd moet worden, is het dat het personage Grillo meer en meer kenmerken begint te tonen die aan fascisme doen denken. Recent stuurde het Instituut van Recente Geschiedenis uit Trieste een tekst rond met de vraag aan de lezers wie de auteur van de tekst was… Iedereen antwoordde: Beppe Grillo. Nadien kregen de mensen als antwoord dat het om een tekst uit 1932 ging, afkomstig van Hitler. Dit spreekt boekdelen. Grillo ontpopt zich de laatste twee weken als een partijleider, die vindt dat hij niet via verkiezingen verkozen moet worden, maar die tegelijk ook vindt dat hij  – en hij alleen – kan bepalen welk het stemgedrag van de verkozenen in zijn partij moet zijn. Voor de rest weigert hij elke samenwerking met om het even welke andere  politieke formatie (want “ze zijn allemaal corrupt”, aldus Grillo).

De PD en PDL zijn veroordeeld tot elkaar om samen een grote coalitie te vormen, maar de PD beseft dat er een wonder moet geschieden als dat nadien niet door de kiezer wordt afgestraft. De kiezer wenst weliswaar een regering, maar wil blijkbaar niet begrijpen dat als Grillo niet meedoet, een regering enkel mogelijk is als PD en PDL samen gaan. O ja, Grillo zegt dat hij wil regeren, maar enkel als zijn partij het alléén mag doen. Arrivederci, democratie! Eigenlijk kan enkel PDL echter winnen bij een grote coalitie. De Montianen staan ondertussen te zwak en Monti ontbeert het specifieke politieke talent dat vandaag blijkbaar nodig is om electoraal door te breken. 

Dit is de contekst waarin Napolitano, de huidige president zijn laatste maand ingezet heeft. Er is een groot meningsverschil in Italië over de wenselijkheid op korte termijn van nieuwe verkiezingen, zeker als de kieswet niet gewijzigd wordt. Napolitano behoort duidelijk tot het kamp van diegenen die oordelen dat verkiezingen zonder wijziging van de kieswet niet wenselijk zijn en hij doet de zetten die Italië volgens hem kunnen helpen om uit de politieke impasse te geraken.

1. Napolitano beseft dat zo lang Monti regeringsleider is, de Europese Unie Italië met vertrouwen benadert. Dus laat hij Monti zo lang mogelijk zijn technische regering leiden. Tegelijk steunt hij Monti door het door eigen tussenkomst van de president mogelijk gemaakt te hebben dat de Staat de voor de Italiaanse bedrijven levensbelangrijke uitbetaling van achterstallen aan bedrijven kan uitbetalen, waar die uitbetaling maanden lang tegen gehouden werd door de centrale administratie die nog altijd vasthield aan het besparingsbeleid terzake van Tremonti, de voormalige minister van Berlusconi.

2. Hij weet dat een grote coalitie tussen PD en PDL bijzonder moeilijk ligt, maar hij gaat ervan uit dat zo’n kortstondige regering voor Italië wenselijk is om zodoende nu al nieuwe verkiezingen te kunnen vermijden. Daarom heeft hij  geweigerd om de datum voor het kiezen van  een nieuwe president uit te stellen. Het is zijn uitdrukkelijke wil geweest om de verkiezingen voor een nieuwe president reeds te laten aanvangen per 18 april. Daarmee heeft hij de PD en PDL gedwongen om met mekaar te gaan praten en naar een overeenkomst te zoeken. Normaal zal het vinden van een overeenkomst over een nieuwe president gemakkelijker liggen dan het vinden van een nieuwe regeringsleider. Maar de nieuwe president heeft dan iets meer tijd om dit te bemiddelen en ondertussen is het water tussen beide partijen wellicht al wat minder diep.

3. Hij heeft twee werkgroepen van wijzen aangeduid die hem tegen 16 april een document moeten overmaken met wat volgens hen de meest urgente problemen (en oplossingen) zijn op institutioneel, wettelijk, economisch en sociaal gebied. Indien Napolitano de documenten valabel vindt kan hij ze aan zijn opvolger overmaken, zo niet kan hij ze gewoon opbergen.
Er stellen zich nu dus echter twee grote problemen die op korte termijn een oplossing moeten vinden. Wie kan Napolitano opvolgen?

Had Monti zich er eertijds toe beperkt om na drie à vier maanden technische regering de bal weer in het kamp van de politiek te leggen, of in alle geval niet de vergissing had begaan om zelf in de politiek te gaan, dan zou hij nu waarschijnlijk de aangewezen kandidaat geweest zijn om Napolitano op te volgen. Nu is dit uitgesloten. Men gaat er echter vanuit dat er wel een overeenkomst zal gevonden worden. Er circuleren nu al namen: Emma Bonnini, Prodi, Amato… maar het is zoals bij pauskeuzes, wie in Italië te uitdrukkelijk als kandidaat voor het presidentschap genoemd wordt, haalt het meestal niet.

Ander en wellicht belangrijker groot probleem: wie kan dan nadien  zulke grote coalitie tussen PD en PDL leiden? Bersani? Renzi? Berlusconi? Alfano? Het lijkt allemaal erg onwaarschijnlijk.  Iemand als Monti weerom? Had gekund… ware hij niet in de politiek gegaan. Nu dus weerom uitgesloten. Iemand als Ciampi eertijds? Ja. Maar is er zo iemand vandaag in Italië te vinden? Waarschijnlijk wèl… maar zijn naam circuleert nog niet in de media. Misschien gelukkig maar… 

Bron: Eugenio Scalfari, Inventarsi un presidente e inventarsi un governo, in La Repubblica, 7 april 2013,

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!