Wat met Paul Beliën … naar aanleiding van 20 jaar Centrum

Wat met Paul Beliën … naar aanleiding van 20 jaar Centrum

zaterdag 16 februari 2013 18:00

In De Morgen van zaterdag 16 februari staat een reportage over hoe een extremistisch en militant islamofoob buitenlands gezelschap – ‘buitenlandse zakenlui’ volgens de heer Filip Dewinter (hier letterlijk te nemen: mensen uit het buitenland met wie hij blijkbaar graag zaken zou willen doen) –, het Vlaams Parlement hebben mogen gebruiken om te vergaderen en te eten.

Er zitten nogal wat namen tussen die Anders Breivik tot zijn ‘muzen’ gerekend heeft., vrienden ook, vermoed ik, van een zekere meneer Paul Beliën die recent nog weinig van zich laat horen, toeval of niet, na de moordpartij van Anders Breivik. Breivik verwees immers ook naar hem als een van zijn lichtgevende inspiratiebronnen.

Eigenlijk  is dit zwijgen van meneer Beliën maar logisch ook. Ik wil even de redenering overdoen die hij zelf ooit op mij toegepast heeft. Je kan het nog nagaan, vandaag op het internet. Google even ‘Paul Beliën Leman’ en je krijgt een prachtige redenering voorgeschoteld, getekend diezelfde Paul Beliën en nog een ander persoon, getekend Oscar Laurens Schrover. Twee redeneringen uit 2006.

Wat was er gebeurd?

Paul Beliën had op zijn  site een tekst geplaatst waarin hij het had over ‘Marokkaans tuig’ dat het gewend is “… om kelen over te snijden; zij hechten niet zoveel waarde aan het leven.” Hij had hen ook roofdieren genoemd, enzovoort. We zijn mei 2006.

Ik reageer nogal gepikeerd op het feit dat het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding daar toen niet keihard op reageerde. Ik laat hier even in het midden of ik het bij het juiste eind had of niet. Het is altijd delicaat om je als ex-directeur van dit Centrum op het terrein te bewegen van je opvolger en normaal doe je dat beter niet. Oké. Mijn reactie op de radio is dat ik geen moment zou gewacht hebben en onmiddellijk tegen zoiets klacht zou neerleggen.

En wat gebeurt nu…

Paul Beliën reageert hierop met een bericht dat hij naar al zijn vrienden in de VS stuurt, onder de titel: “If I get hurt, blame Father Leman”, met een foto van mij erbij. Dit wordt door meer dan 28.000 mensen gelezen als ik de bezoekerscijfers moet geloven. Tot daar. Maar onmiddellijk nadien wordt mijn  e-mail box overspoeld door e-mails uit de VS met regelrechte scheldpartijen en dreigingen.

Immers, Paul Beliën had zijn bericht geëindigd met de waarschuwing: “If his hate speech against me (nota bene: het feit dat ik gezegd had dat ik klacht zou neergelegd hebben, niets méér, niets minder) should lead to extremist and unbalanced people threathening or hurting (“punishing”) me in any way, he is the culprit”.

Ik heb nooit de gewoonte gehad om te klagen over wat allemaal in mijn e-mail box terecht kwam, en wat ik nu doe is eigenlijk een beetje een uitzondering: ik verwijs er dus wèl naar in dit geval. Het ging om honderden en honderden Amerikaanse e-mails, de grootste nonsens eerst.

Nochtans denk ik nog altijd niet dat de stap tussen zoiets als een gerechtelijke klacht en een aanslag op het leven van de heer Beliën een normaal te verwachten stap is (en eerlijk gezegd, ik zou dit echt betreurd hebben), maar ten tweede is mijn vraag nu: voelt de heer Beliën zich nu zelf wèl verantwoordelijk voor wat Andres Breivik gedaan heeft? Voelt hij zich mede verantwoordelijk voor de tientallen slachtoffers van Breivik?

Zelf zou ik de conclusie niet zo maar trekken, maar ik zou het wel eens uit zijn mond willen horen? Immers, indien niet, waarin pas ik dan zijn eigen logica, die hij (met veel minder reden) op mij toepaste, verkeerd toe? Hetzelfde geldt dan ook voor mensen als Filip Dewinter en die mensen die in het Vlaams Parlement vergaderd hebben! Waarom vonden ze dat die redenering op mij kon toegepast worden en nu niet op hen?

Dit brengt me echter tot een belangrijker probleem en het werd vrijdag op het feest van 20 jaar viering van het Centrum door een van de sprekers, Jerôme Jamin (ULG) aangeraakt: het racismediscours is zeer fundamenteel aan het veranderen de laatste jaren. Wat nu meer en meer gebeurt is dat racisten zich op het antifascisme beroepen om hun discours in te vullen.

Het is degene die het pluralisme verdedigt die in de rol van de fascist geduwd wordt. Eigenlijk was iemand als Paul Beliën daar nadien gezien al een voorloper van. Het was de antiracist die zich in zijn ogen verzette tegen democratische waarden als de vrije meningsuiting en het zogenaamd “anti-blank” racisme niet wou zien.

Zo is het vandaag voor veel racisten de antiracist die niet wil zien dat de Islam een fascistische ideologie is… Je ziet duidelijk op vandaag hoe het racisme op deze thema’s verder borduurt en daarenboven soms (in onderscheid met Beliën eertijds) een sociaal zeer links programma gaat verdedigen, wat hen zou kunnen helpen om hun populaire basis te versterken.

Dit wordt een van de grote uitdagingen van het Centrum in de komende jaren: hoe met dit soort nieuw racisme op een efficiënte wijze omgaan? Want hier wordt best niet te lang geaarzeld vooraleer het antiracisme in immobilisme verzeilt. Omgekeerd kan men daar ook niet met een grove borstel doorheen vegen. Absoluut geen gemakkelijke klus, maar wèl een absolute prioriteit.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!