Nieuws, Cultuur, België, Recensie, Boekrecensie -

Literatuur versus het politiek conformisme en de liberale eenheidsmaatschappij

Joris Note verzamelde enkele essays die de verhouding tussen politiek en literatuur onderzoeken. Via fragmenten uit het oeuvre van de Franse surrealist André Breton, de Martinikaanse schrijver Aimé Césaire of dichter Herman Gorter probeert hij te formuleren wat hedendaagse schrijvers 'moeten' doen als ze meer willen zijn dan "cultuur als gezellige selfservice".

dinsdag 12 februari 2013 17:39

http://shop.dewereldmorgen.be/boeken/titel/wonderlijke-wapens

Joris Note schreef met “Was dat nu wel nodig? David Van Reybrouck tegen Lumumba” één van de sterkste essays van de laatste jaren. Het is een genadeloze ontmaskering van de hype rond het boek Congo. De bestseller van Van Reybrouck (250.000 exemplaren in Nederland en Vlaanderen) werd in de markt gezet als het ultieme Congo-boek, het boek dat alle andere geschiedschrijvingen overvleugelde, het boek dat de Belgen toeliet een punt te zetten achter het koloniale verleden. Dat kon doordat het boek zogezegd boven het gewoel uitsteeg, boven de antieke strijd tussen pro- en antikoloniale analyses.

Note heeft het moeilijk met zo’n “genuanceerd erboven-staan”. “Degenen die daarvoor kiezen moeten niet snoeven, want ze doen niet meer dan zich braaf conformeren aan de heersende cultuur”, klinkt het hard. Het beeld dat Van Reybrouck schetst is dan ook “een fictie als een andere. Het is een verfijnde vorm van bekrompen conservatisme”, aldus Joris Note.

Note sabelt Congo niet neer met slogans maar gaat enkele passages uit het boek te lijf gewapend met feiten. Het essay werd opgenomen in Wonderlijke wapens. Over literatuur en politiek dat eind vorig jaar verscheen. Note probeert in dat boek voor zichzelf en de welwillende lezer klaarheid te scheppen over de gespannen relatie tussen politiek en literatuur. Of – aangezien Note politiek begrijpt als “groepen en mensen die een bestaande orde willen ondergraven of minstens ondervragen, die versteende toestanden willen doen dansen” – over de maatschappelijke roeping en mogelijke impact van literatuur.

Het Congo-essay van Note wist niet te tornen aan de canonisering van het boek. Het zegt ook iets over de plaats van literatuur(kritiek) in onze maatschappij en media dat Van Reybrouck zich niet eens verplicht zag te reageren op de kritiek van Note. Ook na de publicatie van de kritiek trok het Congo-circus onverstoord verder.

Onmeetbare impact

Is het schrijven van zo’n essay dan nutteloos? Nee, of toch niet volgens een citaat van Note uit de verzameling essays: “Hoe woorden werken onder de mensen, woorden van allerlei slag, op korte en op lange termijn, onder verschillende groepen mensen: het is echt onmeetbaar. Maar waarom zou dat betekenen dat ze niet werken?”

Het essay is duizenden keren gelezen en het werd geciteerd in kranten en op websites. De woorden hebben dus hun werk gedaan. Nog eens Note: “Literatuur lijkt in staat om de evidentie te doen wankelen, om samenstelling en indeling van de realiteit te doen verschuiven, om dingen, mensen, houdingen, ritmes… waarneembaar te maken die het niet waren, die zogezegd illegaal waren of minstens oningeburgerd. De realiteit wordt dan opengebroken, of losgesneden uit een bepaald blik en taal; iets wat weggesloten zat komt aan het licht. Telkens als literatuur zoiets doet, heeft ze politieke implicaties.”

In Wonderlijke wapens. Over literatuur en politiek vind je geen theorie maar wel citaten als hierboven. Het zijn kanttekeningen van Note tijdens het lezen van heel uiteenlopende schrijvers als Pound, Gorter, Césaire en André Breton. De verzameling essays is het relaas van een zoektocht naar de relatie tussen literatuur en politiek.

Indignados en de occupyers

Na het dichtklappen van het boek heb je toch min of meer een zicht op de visie van Note. Politiek is verzet. Zie daarvoor het eerdere citaat maar ook: “Politiek, dat zijn de indignados en de occupyers, niet de ministers en de eurocommissarissen”. Literatuur wordt dan politiek door te verwoorden “wat elders verdrongen of verzwegen bleef”.

In tegenstelling tot wat vaak verondersteld wordt, is politieke literatuur niet snel verouderd. Een politiek literair werk moet je altijd – ook decennia later – politiek lezen. Voor Note betekent dat “vanuit het heden”. Vandaar ook de moeite die hij doet om met handen en voeten uit te leggen dat Een klein heldendicht, het vergeten marxistische epos van Herman Gorter actueel is. Of dat althans de literaire en politieke problemen waar Gorter mee worstelde van deze tijd zijn.

Wie Wonderlijke wapens leest kan samen met Note zijn gedachten ordenen over literatuur en politiek. Het is tegelijk ook een inleiding tot enkele onterecht vergeten of weinig gelezen auteurs. Wonderlijke wapens kan je eveneens gebruiken als handleiding om politieke literatuur te leren lezen.

Het is ook een appel aan de hedendaagse schrijvers. Note durft het woord ‘moeten’ gebruiken als hij zich tot schrijvers richt. “Ze moeten bereid zijn tot het ondergraven van het hele complex van opvattingen en gevoelens waarin ze zelf thuishoren en wellicht floreren.”

Nog een eis aan de literatuur: “Dat ze zich, simpel gezegd, niets aantrekt van de omvang van haar publiek, dat ze niets toegeeft aan het/een publiek.”

Meer nog: schrijvers moeten breken met de heersende cultuur van gezapigheid op tv en in de cultuurbijlagen. “Er hangt iets sinisters aan al die toeristische folders – en aan die hele cultuur van opwindende en wervelende consumptie, cultuur als menu of ‘aanbod’ of lokkende vitrine, cultuur als gezellige selfservice met voor elk wat wils. Kunst en literatuur moeten zich niet aan die ‘cultuur’ onderwerpen.”

Helemaal op het einde van het boek schrijft Joris Note dat die discussies op den duur altijd moeten uitkomen bij maatschappelijke of politieke vragen. Eén van die vragen is dan bijvoorbeeld hoe een schrijver wel impact kan hebben als het forum van de klassieke media een te mijden plaats is. Dichters als Neruda en Césaire hadden een politieke carrière dankzij de communistische partij. Wat moeten hedendaagse dichters doen? Soep uitdelen aan daklozen op een plein in Antwerpen? Of een ander plein in die stad herdopen als provocatie tegen Bart De Wever?

Die vragen kan u zelf proberen te beantwoorden na het lezen van het boek. Misschien zal Joris Note dat zelf ook doen in een vervolg op deze verzameling. Dat belooft hij toch. “We gaan door”, staat aan het einde van het voorwoord.

Joris Note, Wonderlijke wapens. Essays over literatuur en politiek. De Bezige Bij, 288 blz., ISBN 9789023473985, € 22,50.

Je kan het boek bestellen in de webshop van DeWereldMorgen.be.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!