Foto: Free Press Pics
Nieuws, Wereld, Persvrijheid, Reporters Sans Frontières, Reporters Without Borders (RSF), World Press Freedom Index -

2012 was dodelijkste jaar voor journalisten

2012 was het meest dodelijke jaar voor journalisten tot nu toe. Sinds 2002 maakt de in Frankrijk gesitueerde NGO Reporters Without Borders (RWB) ieder jaar een index van de persvrijheid. De World Press Freedom Index geeft aan welke landen de meeste persvrijheid genieten, en welke landen de minste. De aanvoerders en afsluiters van de ranglijst bleven hetzelfde; Europa is het continent met de meeste persvrijheid.

donderdag 31 januari 2013 20:25

Democratiën voeren de ranglijst aan, terwijl landen met een dictatuur traditioneel de lijst afsluiten. Volgens Christophe Deloire, secretaris-generaal van RWB, wordt er in de index niet gekeken naar het politieke systeem van de landen, maar is het uiteraard wel zo dat een democratie de vrijheid om journalistieke teksten te produceren en te verspreiden beter beschermt dan een dictatuur.

Maar, benadrukt hij, een democratie ondervindt zijn eigen bedreigingen voor de persvrijheid, zoals commerciële invloeden en belangenverstrengeling.

Terwijl de index van vorig jaar veel beweging kende door de opstanden gerelateerd aan de Arabische Lente, is volgens RWB de lijst nu evenwichtiger en geeft deze een beter beeld van hoe overheden omgaan met persvrijheid op de lange en middellange termijn.

De top drie van landen die de meeste persvrijheid hebben, is hetzelfde als vorig jaar: Finland, Nederland en Noorwegen. Ook in de drie landen die het slechtst scoren op het gebied van persvrijheid is geen verandering, dit zijn nog steeds Turkmenistan, Noord-Korea en Eritrea.

België staat op de 21ste plaats van de 179 landen. De best scorende niet-Europese landen zijn Nieuw-Zeeland, op de 8ste plaats, en Jamaica op de 13de plaats. Het Afrikaanse land waar de meeste persvrijheid is, is Namibië, dat neemt de 19de plaats op de lijst in beslag.

Vragenlijst

De index van persvrijheid is gebaseerd op een vragenlijst die RWB heeft laten invullen door partnerorganisaties in verschillende landen, NGO’s verspreid over de vijf continenten die zich bezighouden met vrijheid van meningsuiting, door een netwerk van 150 correspondenten en door journalisten, onderzoekers, juristen en mensenrechtenactivisten.

Deze vragenlijst draait om zes factoren: de ruimte voor pluralisme in de media, onafhankelijkheid van de media, werkomgeving en zelfcensuur, het kader van wetgeving, transparantie en de kwaliteit van de infrastructuur die de productie van media ondersteunt.

Daarnaast heeft RWB zelf een kwantitatief overzicht gemaakt van het aantal journalisten, mediamakers en ‘netizens’ dat gevangengezet, vermoord, ontvoerd, gevlucht of aangevallen is vanwege hun journalistieke activiteiten, en van de media die gecensureerd werden.

De uitslagen van dit overzicht en de vragenlijst samen hebben tot een score tussen 0 en 100 geleid: hoe lager de score, hoe beter het gesteld is met de persvrijheid in dat land.

Dodelijk jaar

Ook per regio is een score toebedeeld. Daaruit blijkt dat Europa het beste scoort, gevolgd door de Amerika’s, Afrika en Azië-Pacifisch gebied. De staten van de voormalige Sovjet-Unie en het Midden Oosten en Noord-Afrika kennen de minste persvrijheid.

2012 was het meest dodelijke jaar voor journalisten: nog nooit sinds RWB begon met het opstellen van de index werden zoveel journalisten of ‘netizens’ gedood. Dit zorgde vooral voor een daling in de ranglijst van Somalië, Syrië, Mexico en Pakistan.

Malawi steeg het meeste vergeleken met de index van vorig jaar, namelijk met 71 plaatsen. Ook Ivoorkust, Myanmar en Afghanistan klommen flink omhoog in de ranglijst. Door de onrust die in 2012 in Mali begon, zakte dat land het meest in de ranglijst, met 74 plaatsen.

Reacties

Journalisten in een aantal landen lijken het eens te zijn met de plaats in de ranglijst die ze van RWB kregen, terwijl andere hun plaats onterecht vinden.

Vsevolod Bogdanov, het hoofd van de Russische journalistenbond, noemt de verlaging naar de 148ste plaats die Rusland toegewezen kreeg terecht. De recente wetten die persvrijheid beperken, hebben hier onder andere toe bijgedragen. Er wordt echter wel gewezen op de toenemende invloed van burgeractivisme met behulp van het internet.

Ook journalisten in Soedan en de Filipijnen beamen de juistheid van de slechte score van hun landen: respectievelijk plek 170 en 147 in de ranglijst. De Soedanese journalist Faisal Mohamed Saleh zegt dat de veiligheidsdiensten directe controle hebben over krantenredacties en mediaproductiehuizen, en dat zij het schrijven en drukken van teksten beletten.

Het Filipijnse mediaklimaat wordt nog altijd gekenmerkt door aanslagen op journalisten, die nauwelijks worden onderzocht door het gerecht of de regering.

De voorzitter van de journalistenbond van Kaapverdië, een land dat van de 9de naar de 25ste plaats zakte, is niet tevreden met de plaats die het land in de ranglijst van 2013 heeft. Hij beweert dat de daling in de ranglijst vooral te wijten is aan een verandering van de criteria in het onderzoek.

De vereniging van jonge journalisten van Maleisië vindt de beoordeling van RWB tendentieus. De beoordeling van Maleisië (plaats 145 in de ranglijst) is duidelijk niet op de realiteit gebaseerd en is ten gunste van de oppositie, zegt voorzitter Dzulkarnain Taib. Tussen haakjes, dit bericht verscheen op de website van het nationaal persagentschap van Maleisië, waarvan het bestuur wordt gekozen door het Maleisisch staatshoofd.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!