Steeds meer Malinese vrouwen worden verkracht door gewapende groepen die het noorden van Mali sinds begin 2012 bezetten (foto William Lloyd-George/IPS)

Increasing numbers of Malian women are being raped by Tuareg rebels and armed groups that have swept across the north of Mali since the beginning of year. Credit: 

Nieuws, Afrika, Politiek, VN, VS, Mali, Frankrijk, Interventie, IPS, VN-Veiligheidsraad, ECOWAS, Opstand van Toearegs, Al Qaeda in de Islamitische Maghreb (AQMI) -

Interventie in Mali doet meer kwaad dan goed

WASHINGTON — Franse en Amerikaanse functionarissen suggereren dat er eind deze week een VN-resolutie voor militaire interventie in Mali kan zijn. Volgens sommige deskundigen kan een interventie echter meer kwaad dan goed doen.

woensdag 19 december 2012 17:15

“Mali is een bedreiging als je dat zelf wilt. Er is een groot risico op een self-fulfilling prophecy, op radicalisering”, zegt Michael Shurkin, politicoloog bij de RAND Corporation, een denktank in Washington. “In de afgelopen tien jaar heeft de zichtbare aanwezigheid van het Amerikaanse leger in deze regio juist geleid tot radicalisering van de bevolking. De situatie is momenteel erg zorgelijk in Mali, maar niet onhoudbaar.”

Sinds een coup in Bamako dit voorjaar, staat het noorden van Mali onder bestuur van netwerken van criminelen, etnische milities en islamisten, waaronder Al Qaeda in de Islamistische Maghreb (AQMI). Deze tak van Al Qaeda werd onlangs door het Amerikaanse ministerie van Defensie gekarakteriseerd als de best gefinancierde ter wereld.

Begin december zei de Amerikaanse generaal Carter F. Ham dat Mali niet alleen een veilige haven voor terroristen is geworden, maar dat AQMI ook is begonnen met training en financiering van netwerken in buurlanden zoals Nigeria.

Trainingsmissie

De VS en Frankrijk willen een VN-resolutie die militaire interventie door Afrikaanse troepen toelaat, gesteund door Franse en mogelijk Amerikaanse militairen. De Economsiche Gemeenschap van West-West-Afrikaanse staten ECOWAS heeft 3.300 militairen klaarstaan voor een interventie in het noorden van Mali. De Europese Unie (EU) is bereid een trainingsmissie voor Malinese militairen te steunen.

De Amerikaanse wet verbiedt Washington het Malinese leger te steunen tot na de verkiezingen, die vermoedelijk in april worden gehouden. Victoria Nuland, woordvoerder van het ministerie van Buitenlandse Zaken, zei begin deze week echter dat er met de Verenigde Naties gesproken wordt en dat er eind deze week een resolutie kan zijn.

Maandenlang was de VS tegen de Franse eisen tot een snellere interventie. Ook bij de VN heerste voorzichtigheid, omdat een interventiemacht volgens de VN tijd nodig heeft zich voor te bereiden. Nuland liet maandag doorschemeren dat de resolutie mogelijk gaat over een trainingsmissie en voorlopig niet over militaire interventie.

Oorlog kan heel complexe etnische verhoudingen nog moeilijker maken

Degenen die tegen een snelle militaire interventie zijn, waarschuwen voor de complexiteit in het noorden van Mali. “Er zijn daar allerlei groepen actief en er zijn veel mensen bij betrokken om verschillende redenen. Maar weinig mensen willen een internationale jihad tegen het Westen”, zegt Shurkin. “Als mensen de naam Al Qaeda horen, denken ze automatisch aan Osama bin Laden, maar dat is een gevaarlijke gedachte.”

Tot nu toe wordt bij de planning van militaire actie uitgegaan van het idee dat de verschillende gewapende groepen in het noorden van Mali uiteen zullen vallen of naar het buitenland zullen vluchten bij een internationale interventie.

Volgens Andrew Lebovich, een Saheldeskundige in Dakar (Senegal), zijn de bewegingen van de gewapende groepen echter moeilijk te voorspellen. “Er zijn terecht zorgen over wat er gaande is in het noorden van Mali. Maar we weten weinig over de groepen die daar actief zijn en over hun reactie op een interventie”, zegt hij.

Er spelen niet alleen politieke en religieuze verschillen, maar ook kwesties van etniciteit, zegt Shurkin. Een interventie kan volgens hem en zijn collega Stephanie Pezard dan ook leiden tot een ‘rassenoorlog’.

In het verleden, zegt Pezard, vond het hevigste geweld plaats tussen Arabieren en etnische Toearegs, die zichzelf allebei bestempelen als ‘blank’, terwijl de milities zichzelf ‘zwart’ noemen.

Niet alleen kan een interventie woede oproepen bij de lokale bevolking, de aanwezigheid van de ECOWAS-troepen kan ook gezien worden als agressie tegen de Toeareg-bevolking, zegt ze. “Als we de crisis in Noord-Mali willen oplossen, moeten we precies weten wie we moeten steunen.”

Daarnaast bestaat het risico dat het geweld zich verspreidt buiten Mali. De Toeareg-bevolking in Algerije en Niger heeft bijvoorbeeld al aangegeven zich ermee te zullen bemoeien als hun broeders in Mali bedreigd worden. En, waar praktisch alle analisten het over eens zijn, militaire actie zou alleen een kortetermijnoplossing zijn. De diepgewortelde oorzaken van het geweld dat regelmatig opborrelt in Mali, worden er niet mee aangepakt.

Diverse hulporganisaties hebben in de afgelopen dagen geschat dat door een militaire interventie zo’n 700.000 mensen ontheemd kunnen raken.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!