Kabouters

Kabouters

maandag 10 december 2012 12:03

Nog nooit hebben ze in Oslo zo’n grote delegatie gezien, lazen we vanmorgen. Naast het triumviraat Schulz, Barroso & Van Rompuy – wij moeten eerlijk gezegd denken aan een trip naar Plopsaland als we dat olijke trio in een VIP lounge op de luchthaven aan hun koffie zien nippen voor ze het vliegtuig opstappen – reizen liefst twintig regeringsleiders en staatshoofden mee om de Nobelprijs van de vrede in ontvangst te nemen. Bij die toppolitici ook onder meer Merkel, Hollande, Rutte en onze eigenste Di Rupo. Het contrast met de net afgelopen klimaattop in Doha kan niet veel groter zijn – de meeste landen stuurden niet echt politieke zwaargewichten naar het Midden-Oosten, om het zacht uit te drukken.  Eerder dit jaar, op de Rio+20 conferentie, was het al niet veel beter. François Hollande was één van de Europese weinige regeringsleiders die de conferentie over duurzame ontwikkeling in Brazilië bijwoonden.  

Een en ander zegt alles over het visionaire karakter van de huidige Europese bewindvoerders. De EU krijgt die prijs terecht. Beter gezegd, zij die aan de wieg stonden van de Europese gedachte na WO II, en een Europese gemeenschap hebben gesticht die inderdaad voor decennia vrede heeft gevrijwaard op grote delen van dit continent, verdienen de prijs. Het huidige stelletje politieke kabouters dat door moet gaan voor de leiders van dit continent was echter beter thuis gebleven. Van enige visie op de toekomst kun je Barroso en co immers niet verdenken. Van een goeie analyse van het recente verleden ook al niet, trouwens – gisteren luidde het op de buis ongeveer zo, toen aan Barroso werd gevraagd of het moment voor zo’n prijs wel opportuun was, nu woedende mensen in Griekenland en Spanje massaal op straat komen: “Het probleem is niet Europa. Het probleem situeert zich bij de hoge overheidsschulden, die nu moeten afgebouwd worden, en bij financiële malversaties bij de grote banken. Europa is de oplossing, niet het probleem.” Alsof de EU met die banken niets te maken zou hebben. Wie daar nog in gelooft, gelooft, jawel, in kleine wezentjes met een rode muts.

Ik geloof niet langer dat de huidige generatie Europese leiders in staat is om dit continent duurzamer te maken en sociaal rechtvaardig te houden. Ik hoor het Dirk Barrez graag zeggen – we moeten in ‘oorlogsmodus’ gaan om de samenleving op een fundamenteel andere leest te schoeien. Probleem: de leiders die we hebben, zijn het perfecte spiegelbeeld van de modale Europese burger, die meer geeft om zijn Ipad, een trein die niet stipt rijdt en gebrek aan parkeermogelijkheden in ’t Stad, dan om de ravage die ons op neoliberale dogma’s geschoeide economische stelsel  aanricht aan de planeet en aan het sociale weefsel hier en elders in Europa. We zullen maar in ecologische ‘oorlogsmodus’ gaan, vrees ik, als we eerst geconfronteerd zijn geworden met echte horror. Horror “van bij ons” dan nog waarmee we ons kunnen identificeren. Astrid Bryan’s huis in LA dat door een machtige (Oh My God!) orkaan wordt verwoest, of Geert Bourgeois die zijn ondergelopen woonst in Izegem moet inruilen voor een stacaravan in Wallonië.  

Alle gekheid op een stokje. Toevallig zag ik gisteren een reportage op National Geographic, waarbij geallieerde soldaten hun verhaal deden over hoe zij de periode ’44-’45 hebben beleefd. Je zag er onder meer een hefvorktruck een berg lijken in een concentratiekamp ruimen in een massagraf. Ik vrees dat wij mensen eerst door zoiets moeten gaan, als collectief louteringsproces, voor we beseffen dat we allemaal samen aan één zeel moeten trekken om van deze planeet nog iets te maken. Het is geen toeval, vrees ik, dat de grootste sociale vooruitgang (algemeen stemrecht, sociale zekerheid) na Wereldoorlogen tot stand kwam.

Mijn generatie (prille veertigers) komt nog niet aan de hielen van die generatie, qua zin voor algemeen belang en stamina, en met de generatie na mij is het nog een stuk erger gesteld, voor zover ik dat kan beoordelen. Wat rest, is cynisme. Vandaag nog zo’n lekker sarcastisch stukje gelezen in de Standaard van de hand van Marcel Hanegraaff – de UA politicoloog sloeg spijkers met koppen, en deed dat in de enige taal die we nog cool vinden. Toegegeven, mijn generatie en de volgende zijn allicht niet meer in staat tot het blindelings nalopen van een halfbakken Führer – ook al wekken sommigen onder ons soms wel die indruk -, maar we zijn ook niet meer in staat om samen te bouwen aan een betere samenleving. Dat is in China of in andere opkomende economieën trouwens niet anders. Ook daar zie je dat de nieuwe generaties en middenklasse zich vooral focussen op hun eigen cocon – “als wij het maar goed hebben, de rest moet het maar bekijken”.

Laat ons er geen doekjes om winden, de Europese Unie is anno 2012 verworden tot een neoliberaal vehikel. De welvaartsstaten die we nu krampachtig proberen in stand te houden zijn trouwens vooral nationaal tot stand gekomen, na WO II, en hebben maar weinig met een – niet bestaand – sociaal Europa te maken. Ik zie die neoliberale koers niet direct veranderen – door path dependency bijvoorbeeld, maar ook door het losgeslagen individualisme van de meesten onder ons. Een verandering via het stemhokje (in functie van het collectieve en lange termijn-belang) acht ik om die reden weinig waarschijnlijk in een meerderheid van Europese landen.

Hét symbool van dit nieuwe Europa is voor mij de Champions League. Voor de kleintjes is geen plaats meer – de Europaleague wordt alweer afgeschaft – wat telt, is de brute macht van het geld. Tot het geld op is. Entertainment verzorgd door overbetaalde vedetten. Zelfs Barcelona heeft ondertussen een privésponsor uit het Midden Oosten. Voor je eraan gaat twijfelen: dit zeg ik als voetballiefhebber. De gebelgde Beerschot-en AA Gent supporters van dit weekend zijn overigens even symptomatisch voor de EU, want ze ‘krijgen geen waar voor hun geld’.

De Europese Unie zweert sinds een paar decennia bij het opkrikken van competitiviteit, zogenaamd om de strijd met de opkomende economieën te kunnen blijven aangaan. De EU kijkt daarvoor sinds een paar jaar vooral naar het Duitse Model – je zou bijna gaan denken dat de ‘Nieuwe Orde’ zich tegenwoordig vooral in de buurt van het Schumanplein ophoudt.

Geen haar op het hoofd van onze regeringsleiders dat eraan denkt dat er wel eens iets mis zou kunnen zijn met die op groei en opkrikken van exportcijfers gerichte economische koers. Elders doen ze het toch ook zo? Barroso en co belijden lippendienst aan de groene ‘low carbon’ economie, maar lijken er vooral een manier in te zien om onze economieën en vooral ‘de sectoren van de toekomst’ concurrentiëel te maken. Een en ander hebben ze gemeen met hun spitsbroeders in de VS, Indië en China. Ik verwacht dan ook niet bijster veel van de bijeenkomst van staatsleiders die Ban Ki Moon in 2014 wil bijeenroepen over het klimaat, en al even weinig van de globale consultaties en “High-level Panels” die op dit ogenblik brainstormen over de post-2015 periode. Zonder massale druk van onderuit – die er op dit ogenblik nog altijd veel te weinig is, alle klimaatzingers en Indignado’s ten spijt – zal het altijd too little, too late zijn.

Ik verwijt onze leiders overigens weinig. Ze zijn ongetwijfeld intelligent, werken hard, en voeren uiteindelijk ook maar uit waar hun al even kortzichtige kiezers om vragen. Maar visie, nee, dat niet, het spijt me. Al hun beleidsmaatregelen zijn gericht op het aan de praat houden van een economisch systeem dat manifest faalt. In tegenstelling tot de staatslieden die aan de wieg van de Europese gedachte stonden, en wel nadachten over hoe het ànders kon.

Terzijde: de eerste Vlaamse partij die zich echt ‘out’ als Euro-sceptisch – Gerolf Annemans liet een ballonnetje op in die zin dit weekend in de Standaard – zal binnen de kortste keren de wind in de zeilen hebben, daar durf ik wat op verwedden. Zie de terug uitstekende peilingen van Wilders in Nederland. Dat is het jammere aan dit hele verhaal. Je kunt eigenlijk op rationele gronden bitter weinig inbrengen tegen het euroscepticisme; ik geloof dus ook niet in de analyses van mensen die stellen dat euroscepticisme vooral plat populisme zou zijn, van mensen die rattenvangers à la Wilders en Marine Le Pen volgen, zoals vele decennia geleden, de afgrond tegemoet. Wilders en Le Pen, en blijkbaar ook Annemans, voelen feilloos aan dat de Europese keizer geen kleren meer aan heeft. De Wever heeft dat instinct ook, zo bewees hij in een recente column, maar hij en de N-VA moeten zich blijven profileren als ‘verantwoordelijke’ partij. De N-VA zit dus een beetje in een spagaat.

Dirk Barrez heeft ongetwijfeld gelijk: er is wel degelijk nood aan een Europese Unie die ons continent op weg zet naar een duurzamer en sociaal rechtvaardig economisch model, en die globale problemen op het juiste – Europese en globale – niveau probeert aan te pakken, samen met andere globale actoren. Op nationaal niveau lukt het immers niet meer voor tal van kwesties, het sociale inbegrepen.

Maar de EU die dat zou kunnen, en als rolmodel voor de rest van de wereld zou kunnen fungeren, heeft opgehouden te bestaan. Ze is in elk geval in geen velden of wegen meer te bekennen. Wat rest is een triest schouwspel van Europese regeringsleiders die doen alsof er iets te vieren valt in Oslo. Plopsaland, ik zei het al. Met Barroso als kabouter Kwebbel.

Of laat ik het uitdrukken in een taal die EU-functionarissen beter begrijpen: de EU haalt haar eigen targets niet: een verenigd Europa bouwen waar het goed is om te wonen, en waar mensen het gevoel hebben dat ze inspraak hebben in beleid.

Als je je targets niet haalt als internationale instellling, lijkt het tijd voor een externe audit. En daarna voor een “structurele” hervorming. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!