fukushima reactor
Nieuws, Milieu, Samenleving, Japan, Kerncentrale, Fukushima -

Opruimwerkzaamheden Fukushima dringend: “Als we kanker krijgen, is het te laat”

In de nasleep van de kernramp in Fukushima willen steeds meer organisaties het publiek informeren over de gevaren van straling. Ze pleiten voor een sterkere regering die minder nauwe banden met de nucleaire sector heeft.

dinsdag 27 november 2012 13:57

De Japanners willen niet bij de pakken blijven zitten. Zo’n zevenhonderd technisch geschoolde vrijwilligers van over heel Japan hebben zich gemeld om het gevaarlijkste deel van de kerncentrale in Fukushima Dai-ichi schoon te maken. Een van hen is de 73-jarige gepensioneerde ingenieur Yastel Yamada.

“Als we kanker krijgen, is het te laat”, zegt Yamada, die onlangs nog op rondreis was in de VS om er te spreken over zijn organisatie, het Corps van Opgeleide Veteranen voor Fukushima.

Het Corps wil internationale politieke druk op de Japanse regering zetten om de gevolgen van de ramp aan te pakken en internationale experts betrekken bij de opruimwerken, die naar schatting twintig jaar zullen duren. “Tsjernobyl was groter, maar veel minder gecompliceerd”, legt de ingenieur uit.

Schoonmaak

Voorlopig blijft uitbater Tepco verantwoordelijk voor de kerncentrale, maar dat privébedrijf heeft weinig expertise in het schoonmaken, vreest Yamada. Volgens hem zijn er momenteel ongeveer vierhonderd bedrijven met de schoonmaak bezig op de site van Fukushima Dai-ichi. Die complexe structuur van onderaannemers maakt het voor de veteranen moeilijk om op de site te werken.

Yamada verwijst naar de hechte banden tussen de Japanse regering en de sector als verklaring waarom Tepco het schoonmaakproces in handen mag houden. Dat baart hem zorgen, want het slagen of mislukken van deze operatie zal een impact hebben op de toekomstige generaties.

Daarnaast hebben ook gewijzigde veiligheidsvoorschriften, dubieuze stralingsmetingen en tegenstrijdige updates over de toestand in Fukushima Dai-ichi ervoor gezorgd dat steeds meer mensen twijfelen aan de motivatie van de regering om haar burgers te beschermen.

Weinig vertrouwen in dokters

Omdat dokters toenemende gezondheidsproblemen blijven negeren en onderzoekers weigeren om anomalieën aan straling toe te schrijven, brokkelt ook het vertrouwen van de Japanse bevolking in de medische wereld af.

Deze maand bijvoorbeeld presenteerde de prefectuur (bestuurlijk onderdeel van Japan) Fukushima de bevindingen van de laatste gezondheidspeiling, waaruit bleek dat meer dan 42 procent van de 47.000 onderzochte kinderen knobbeltjes of cysten in de schildklier hebben. Dat is veel hoger dan de 1,6 procent die werd opgetekend bij de enige studie van deze soort, in Nagasaki in 2001.

Gevraagd naar een eventuele link met de blootstelling aan straling, suggereerde hoofdonderzoeker Shinichi Suzuki van de Medische Universiteit in Fukushima aan de Duitse zender ZDF dat de resultaten het gevolg kunnen zijn van het dieet van Japanse kinderen, namelijk veel vis en zeevruchten.

“Suzuki beliegt de Japanse bevolking”, vindt Yurika Hashimoto, een kinderarts met vijftien jaar ervaring. “De mensen geloven hen niet meer”. Hashimoto steekt niet onder stoelen of banken dat ze veel van de informatie van de regering en de medische gevestigde orde niet vertrouwt. Onlangs verhuisde ze van Tokio naar Osaka om haar eigen blootstelling aan straling te verkleinen.

Diarree, neusbloedingen, huidontstekingen en bindvliesontstekingen zijn enkele van de symptomen die ze sinds de ramp in maart 2011 steeds meer bij haar patiënten ziet, zowel binnen als buiten de prefectuur Fukushima.

Buitenlandse artsen

Kazko Kawai woont in Shizuoka, op ongeveer vijf uur van Fukushima. Ze dacht dat de nucleaire crisis voorbij was, tot de lokale autoriteiten beslisten om in de buurt van haar woonplaats besmet afval te verbranden. Daarop nodigde ze enkele internationale artsen uit om vijf steden te bezoeken, als een soort reizend ziekenhuis en informatiecentrum voor bezorgde burgers.

“Overal waar we kwamen zagen we dezelfde symptomen”, verklaart Doerte Siendetopf, een gepensioneerde Duitse arts die twintig jaar met kinderen van de ramp in Tsjernobyl heeft gewerkt.

“Hoewel het nog te vroeg is om te zeggen welke symptomen precies het gevolg zijn van de nucleaire ramp, maken ze duidelijk dat er nood is aan breder epidemiologisch onderzoek”, zegt zijn Amerikaanse collega Jeffrey Peterson, hoogleraar aan de University of Wisconsin School of Medicine and Public Health.

“Je doet er niet goed aan om de mensen te zeggen dat ze zich geen zorgen hoeven te maken. De angst en bezorgdheid zijn terecht. Dokters in Japan hebben een unieke kans om de gevolgen van straling echt te bestuderen, op manieren die 26 jaar geleden na de ramp in Tsjernobyl onmogelijk waren”, benadrukt Peterson.

Maandag drong Anand Grover, de speciale VN-rapporteur voor gezondheid die onlangs elf dagen op missie was in Japan, er bij de Japanse regering op aan om een breder deel van de bevolking in het oog te houden.

Hij is bezorgd dat getroffen inwoners geen zeg krijgen in de beslissingen die hen aanbelangen en beklemtoonde dat getroffen mensen bij de besluitvorming betrokken moeten worden.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!