Vakbondsbetoging tegen het besparingsbeleid van de regering en de trojka van zaterdag 29 september 2012 in Lissabon (foto: Dos Santos - Público.pt)
Nieuws, Europa, Economie, Politiek, Vakbonden, Lissabon, Sociale bewegingen, Griekenland, Financiële crisis, Economische crisis, Democratisch deficit, Portugal, Europese Unie, Frankrijk, Brazilië, Betogingen, Tmd, Begrotingstekort, Spanje, Staatsschuld, Eurocrisis, Madrid, PASOK, Parijs, Oligarchie, Athene, Besparingsbeleid, Welvaartsstaat, Trojka, Pedro Passos Coelho, Rechtvaardige belastingen, François Hollande, Analyse, Openbare diensten, CGTP, Mariano Rajoy, Middenveldorganisaties, Front de Gauche, Jean-Luc Mélenchon, Syriza, Antonis Samaras, Outras Palavras, Transformatie, Institutionele veranderingen -

Het weekend dat Europa rechtop ging staan

Met gigantische demonstraties in Madrid, Lissabon, Parijs en Athene kwamen miljoenen Europeanen tijdens het laatste weekend van september op straat tegen de krachten die een bedreiging vormen voor de democratie. Een herfst van strijd tegen de financiële oligarchie kondigt zich aan. Een analyse door journalist António Martins (Outras Palavras - alternatieve website Brazilië).

vrijdag 12 oktober 2012 18:40

In welke mate kan een overheid in een democratie blijven ingaan tegen de belangen en wensen van een meerderheid van de bevolking ten gunste van een kleine groep die zich enorm kon verrijken door de financiële circuits te controleren?

Hoe kan de meerderheid reageren als de kanalen die een alternatief beleid – met name de politieke partijen en de media – zijn geblokkeerd of worden gecontroleerd door de oligarchie? Sommige antwoorden op deze vragen lijken te zijn uitgetekend tijdens het laatste weekend van september.

Ze kwamen uit Europa, het continent dat het zwaarst bedreigd wordt door de achteruitgang van de democratie. Die verwordt hoe langer hoe meer tot een retorisch ritueel, een gevel waarachter zich de echte machten verschuilen die de beslissingen nemen die ertoe doen.

Enorme menigten van tienduizenden mensen verzamelden zich op pleinen en straten in Spanje, Portugal, Frankrijk en Griekenland. Ze protesteerden tegen de ontmanteling van de Europese welvaartsstaat, geconcretiseerd in nieuwe bezuinigingsmaatregelen die direct van invloed zijn op het functioneren van de openbare diensten.

In tegenstelling tot de grote massaprotesten van de 20ste eeuw, kwam de oproep tot betogen niet in de eerste plaats van politieke partijen of georganiseerde groepen van het maatschappelijke middenveld. Vooral het intensieve gebruik van het internet en sociale netwerksites was van doorslaggevend belang in alle landen waar mensen massaal op straat kwamen. Een interessant gegeven waarvan we nog moeten afwachten of het ook duurzaam zal zijn in de toekomst.

Maar de menigten die op straat kwamen, negeerden niet alleen de traditionele politieke klasse – misschien is dit wel de belangrijkste nieuwigheid van de acties. Zij gaven aan dat zij van plan zijn om de democratie te ‘redden’ door onder meer te eisen dat de instellingen de volkswil zouden respecteren. Deze claim – eenvoudig, duidelijk en haalbaar, is in staat radicaal vraagtekens te plaatsen bij de kaping van het beleid door de markten. Dit kan wegen openen voor het zoeken naar échte alternatieven.

Madrid: belegering van een parlement dat de democratie gegijzeld houdt

Misschien wel de meest emblematische manifestatie – vooral door de innovatieve manier waarop de massa met veerkracht reageerde op het gratuite politiegeweld – was die in Madrid. Zaterdagmiddag wisten tienduizenden mensen door te dringen tot het Neptunusplein in een poging om het Congres van Afgevaardigden, het Spaanse parlement, te omcirkelen.

Het was al de derde poging van deze soort in vijf dagen. Al maanden is een groep die zichzelf Coordinadora 25-S noemt, in de weer om in overeenstemming met de traditie van de indignados, burgers op te roepen om de belegering van het parlement mogelijk te maken. Het doel van al deze losse groepen, die worden omschreven als “een democratische sociale beweging van strijd tegen neoliberale, kapitalistische en patriarchale machten”, is duidelijk.

“Wij zeggen klaar en duidelijk tegen hen die denken ons te laten opdraaien voor het betalen van de crisis en de schuldenlast: wij gehoorzamen niet langer, en wij verdedigen onze collectieve rechten: huisvesting, onderwijs, gezondheidszorg, werkgelegenheid, een waardig inkomen en bovenal democratische participatie”.

De eerste poging tot omsingeling van het parlement vond plaats op dinsdag 25 september (vandaar de naam Coordinadora 25-S), maar werd brutaal onderdrukt door de oproerpolitie. “Wij hebben geen angst”, antwoordde de menigte, ondanks het gebruik van rubberkogels en waterkanon. Dit scenario herhaalde zich op woensdag en zaterdag.

Telkens waren er meer mensen aanwezig. Naast de radicale jongeren die gewoonlijk aan dit soort protesten deelnemen, trok de manifestatie van zaterdag ook gezinnen, hoogopgeleide professionelen, huismoeders en gepensioneerden aan.

De opeenvolgende manifestaties werden zaterdagavond in Madrid afgesloten met een volksvergadering in de stijl van de indignados. Daaruit blijkt de uitbreiding van de sociale basis van de protestbeweging. Toch blijft het uitgangspunt de eis tot ontslag van de regering-Rajoy.

Over het algemeen kunnen politieke partijen, van welke kleur ook, op bijzonder weinig begrip rekenen bij de Spaanse manifestanten. “De herovering van de volkssoevereiniteit” wordt als het begin gezien van een lang proces dat moet uitmonden in een soort van ‘constituante’ voor een nieuwe samenleving.

Bovendien werden twee directe eisen geformuleerd die op korte termijn zouden moeten worden gerealiseerd: het ontslag van de regering-Rajoy en een nieuwe belegering van het parlement in november om de goedkeuring van de staatsbegroting voor 2013 te blokkeren.

“Die begroting besteedt veel meer geld aan de ??schuldaflossing dan aan de verlichting van de grote sociale noden en behoeften. We zullen hier weer staan om duidelijk ‘neen’ te zeggen”, luidt de tekst van een van de goedgekeurde resoluties van de volksvergadering. De voorlezing van het document werd door de massa op het plein begroet met “ontslag, ontslag!” (van de overheid).

Lissabon: tegen de trojka en voorbereidingen voor een nieuwe algemene staking

Enkele uren voor de manifestatie in Madrid, begon de Europese herfst in Portugal. Voor de tweede keer in twee weken tijd werd het centrum van de hoofdstad ingenomen door tienduizenden mensen. Ze trokken allen naar het Paleisplein (Terreiro do Paço), het uitgestrekte plein langs de oever van de Taag waar ooit het koninklijk paleis stond voor de grote aardbeving van 1775 de hele benedenstad van Lissabon verwoestte.

Dit keer ging de oproep tot betogen uit van een vakbond: de CGTP, die een sterke band onderhoudt met de Communistische Partij (PCP). De voorzitter van de vakcentrale Arménio Carlos sprak er de menigte toe. Hij kondigde ook het plan aan voor een algemene staking tegen het bezuinigingsbeleid van de regering-Passos Coelho.

De doelstellingen zijn vergelijkbaar met die van de Spaanse Coordinadora: proberen de goedkeuring van de staatsbegroting voor 2013 tegen te houden. Deze begroting kwam tot stand onder druk van de trojka (Europese Commissie, Europese Centrale Bank en IMF) die Portugal een streng besparingsplan oplegt. Dat plan elimineert de sociale rechten van de werknemers, vinden de vakbonden, terwijl de rentebetalingen de financiële oligarchie nog versterkt.

Portugal leeft sinds enige tijd in een merkwaardige politieke situatie: de trojka voert er een aanval tegen de sociale rechten en de soevereiniteit van de Europese staten. Op 15 september was er een volksmobilisatie in het hele land die nog veel groter was dan de vakbondsbetoging van zaterdag 29 september.

Het initiatief ging uit van brede lagen van de civiele samenleving, tijdelijke verenigingen en autonome collectieven, die de oproep voornamelijk via Facebook op korte tijd hadden verspreid. De directe aanleiding van de massabetoging was de aankondiging van de regering dat ze de lonen zou verlagen door werknemers meer te laten bijdragen voor de sociale zekerheid.

Premier Pedro Passos Coelho staat onder zware druk van de trojka. Hij wordt hoe langer hoe meer onpopulair en is zelfs enigszins geïsoleerd geraakt in zijn eigen sociaaldemocratische partij PSD. Drie dagen na de massademonstratie kondigde hij aan dat de regering andere manieren zou trachten te vinden om aan de Europese eisen van het maximale begrotingstekort te voldoen.

De demonstratie van zaterdag 29 september en de aangekondigde algemene staking waren een antwoord van de vakbonden om de overheid te verhinderen de openbare diensten nog verder aan te vallen en te ontmantelen. Veel ongemakkelijke vragen over de rol van de trojka blijven onbeantwoord.

Maar heel wat commentatoren zagen in het Portugese voorbeeld een eerste daad van dissidentie tegen de pogingen om het Europese beleid in neoliberale zin te herdefiniëren. Is er een bres geslagen in het denken dat tot nu toe werd beschouwd als ‘geen concessies toegestaan’?

Athene: 90 procent tegen nieuwe regering en groeiende vormen van autonomie

Een eerste antwoord op die vraag zal waarschijnlijk uit Griekenland komen. Op woensdag 26 september werd de conservatieve regering-Samaras, die in juni de verkiezingen heeft gewonnen, geconfronteerd met een eerste algemene staking tegen haar bezuinigingsbeleid om te voldoen aan de eisen van de trojka. Ongeveer 35.000 mensen gingen in Athene de straat op en 15.000 in Thessaloniki, een stad in het noorden.

Het feit dat de belangrijkste vakbondsfederatie van het land wordt geleid door een van de partijen van de regeringscoalitie (Pasok, de ‘socialistische’) was onvoldoende om het protest te kunnen voorkomen. Na zes opeenvolgende jaren van recessie, kortingen op de minimumlonen (tot 22 procent), privatiseringen en vermindering van de rechten op pensionering, zijn de Europese leiders bezig met bijkomende eisen op te leggen aan het land dat al helemaal leeggezogen is.

Sinds zondag 30 september is een groep inspecteurs van de trojka in Griekenland om toe te zien op de implementatie van het nieuwe pakket bezuinigingen (totaal gelijk aan 15 miljard euro). Dit betekent zo goed als zeker verder snijden in de sociale rechten en de openbare diensten.

In een opiniestuk op de Noord-Amerikaanse website Z-Net, beschrijft de Griekse socioloog Lefteris Kretsos de grote politieke veranderingen die het land heeft doorgemaakt sinds de verkiezingen in juni. Ze gaan allemaal in de tegenovergestelde richting van wat de trojka met Griekenland van plan is.

De populariteit van de Griekse regering daalt week na week. Uit een recente opiniepeiling blijkt dat 90 procent van de bevolking bezuinigingen op sociale programma’s en openbare diensten als ‘onrechtvaardig’ beschouwt en ‘gericht tegen de armsten’.

Peilingen tonen ook aan dat bij een eventuele nieuwe verkiezing het radicaal-linkse Syriza, waarin partijen en maatschappelijke organisaties zitten die sterk verbonden zijn met het post-kapitalisme, als overwinnaar uit de bus zou komen. Maar even belangrijke transformaties doen zich voor – volgens Kretsos – op het vlak van de sociale organisatie van de Griekse samenleving.

Op het gebied van de arbeidersstrijd, bijvoorbeeld, worden er nieuwe vakbonden gevormd, vele met een totaal onconventionele structuur en helemaal los van de bestaande hiërarchische vakbondsstructuren. In deze onzekere tijden waarin werkloosheid en tijdelijke contracten aan de orde van de dag zijn, zoeken werklozen en uitzendkrachten elkaar op om samen sterker te staan in de verdediging van hun rechten.

Optornen tegen de ultra-hiërarchische structuren, die zo kenmerkend zijn voor de Griekse traditionele vakbonden, stimuleert meteen de bloei van nieuwe vormen van productie. Zo ontstaan er ziekenhuizen in eigen beheer van de werknemers, fabrieken die al maanden worden bezet door de arbeiders gaan opnieuw produceren, netwerken van producenten en consumenten vinden elkaar op alternatieve (ruil)markten. Zal deze brede beweging voldoende kracht vinden om de trojka en haar plannen voor Griekenland te verslaan?

Parijs: waar nieuwe en traditionele linkse bewegingen elkaar vinden

Parijs sloot het weekend van sociaal protest in Europa af. Op zondag 30 september namen ongeveer 80.000 mensen deel aan een mars van 4 kilometer tussen Place de la Nation en Place d’Italie. Zij protesteerden tegen de toetreding van Frankrijk tot het Europees Begrotingsverdrag. Dat verdrag wordt dinsdag (2 oktober) in het Franse parlement besproken. Drie typische kenmerken markeerden de Parijse manifestatie en vormden als het ware een mooie aanvulling op deze in Madrid, Lissabon en Athene.

Ten eerste, Frankrijk staat niet – in tegenstelling tot Portugal en Griekenland – onder het strenge toezicht van de trojka. Integendeel: het land vormt samen met Duitsland precies de kern van de huidige Europese politiek. Het geeft mee stabiliteit aan de veelgeplaagde eurozone. Het feit dat ook Frankrijk het toneel was van massale protesten weerspiegelt de breedte van verzet tegen het huidige beleid.

Het toont ook aan dat een deel van de Europese publieke opinie niet langer tevreden is met oppervlakkige veranderingen. De Franse president François Hollande heeft bij de voorstelling van de begroting voor volgend jaar enkele concessies gedaan aan de critici van de trojka.

Belastingen verhogen om de afbetaling van de staatsschuld mogelijk te maken, ja, maar deze verhoging zal alleen geconcentreerd worden op de kleine groep van rijkere werknemers, wier bijdragen aan de inkomstenbelasting tot 75 procent van het salaris kan bedragen. Dat was echter niet voldoende om de mobilisatiekracht te ondermijnen.

Naast een algemene afwijzing van de bezuinigingsplannen en de aantasting van de openbare diensten, lijken de demonstranten er vooral op te wijzen dat er een nieuw project nodig is voor het oude continent en nieuwe vormen van democratie.

Tot slot opende de mobilisatie in Parijs de mogelijkheden van nieuwe allianties tussen de traditionele linkse organisaties en bewegingen van de nieuwe politieke cultuur in wording. De betoging was een gezamenlijk initiatief van linkse politieke partijen (Parti de Gauche, de Communistische Partij, nieuwe antikapitalistische partij), vakbonden en een constellatie van 60 bewegingen (onder andere ATTAC, Mémoire des Lutes, feministische groepen, verontwaardigde economen, Wereldvrouwenmars, Europese marsen tegen werkloosheid, …).

Jean-Luc Mélenchon, presidentskandidaat voor het linkse Front de Gauche bij de verkiezingen eerder dit jaar, was een van de meest opgemerkte personages in de Parijse mars. Dit lijkt de rol niet te hebben verzwakt van de tientallen deelnemende organisaties.

Europa: ontsnappen uit lethargie? Het begint te lopen

Wat er nu gebeurt, suggereert dat er zich in de toekomst nieuwe convergenties zullen voordoen tussen de twee ‘sterrenstelsels’ in de antikapitalistische strijd. Aan de ene kant zijn er de bewegingen die vandaag fundamentele kritiek formuleren op het institutionele politieke systeem in de Europese landen (zoals de indignados in Spanje bijvoorbeeld).

Aan de andere kant staan de organisaties die eigenlijk deel uitmaken van het systeem (de linkse politieke partijen en de vakbonden), maar die zich in toenemende mate afzetten tegen de besparingsdrift die de Europese leiders onder druk van de trojka en de begrotingsdiscipline aan hun bevolking opleggen.

Er zijn zeker grote culturele verschillen tussen beide groepen, ook tussen de generaties die aan de protestactiviteiten deelnemen, zelfs op het vlak van waarden en het belang dat aan ideologieën wordt gehecht. Beide hebben elkaar echter nodig om hun projecten mogelijk te maken. Beide worden immers geconfronteerd met hetzelfde fenomeen: de gijzeling van de politiek door de financiële oligarchie.

Bovendien laten de mobilisaties van het laatste weekend van september zien dat er een embryo groeit van een beweging met een gemeenschappelijke agenda. De strakke staatsbegrotingen, om de terugbetaling van de schuldenlast mogelijk te maken, die ook de ontmanteling van de openbare diensten veroorzaken, zijn uitgegroeid tot een belangrijk element in de strijd. Want wat blijkt? De rijkdom is voor een kleine minderheid van de bevolking, de lasten voor de meerderheid.

Is het mogelijk om rond dit thema een nieuwe sociale mobilisatie uit te bouwen die in staat is om Europa te redden uit de lethargie van de laatste jaren? Het is nog te vroeg om hierop te antwoorden. Maar het is alvast zeer bemoedigend dat een deel van het oude continent weer rechtop is gaan staan.

António Martins

António Martins is redacteur Europa bij de alternatieve Braziliaanse nieuwswebsite ‘Outras Palavras’.

Deze tekst verscheen op maandag 1 oktober 2012 op Outras Palavras onder de titel ‘O fim de semana em que a Europa pôs-se em pé

(vertaling uit het Braziliaans-Portugees door Jan Van Criekinge)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!