Allochtoon. Einde van een term. Niet van het autochtoniedenken
Opinie, Nieuws, Samenleving, België, Allochtoon -

Allochtoon. Einde van een term. Niet van het autochtoniedenken

Onderzoekster Nadia Fadil ziet een nieuwe onderscheidingslijn ontstaan die onze bevolking volgens nieuwe lijnen opdeelt: zij die zich aanpassen aan onze liberale waarden en normen, en zij die zich hier niet kunnen of willen aanpassen, en daarom hier niet thuishoren.

vrijdag 21 september 2012 21:14

Het is zover. De term allochtoon is niet meer. Een begrip dat menige jaren een doorn in het oog was van velen, en vaak voor de nodige misverstanden of beroering zorgde (“hoe moeten we ‘jullie’ anders noemen?” luidt immers dan de vraag). Een term die in de jaren negentig haar intrede deed in het Vlaams beleid en als officiële categorie werd aangenomen om mensen aan te duiden waarvan minstens één ouder of grootouder in het buitenland is geboren en die in een achterstandspositie verkeren.  Met de stellingname van De Morgen-hoofdredacteur Wouter Verschelden en van minister van Gelijke Kansen Joëlle Milquet lijkt deze term ineens haar statuut van evidentie of doxa te hebben verloren, om het met de Franse socioloog Pierre Bourdieu te zeggen.  Hoewel het idee van autochtoon en allochtoon tot voor kort een natuurlijk gegeven in onze taal was, staat deze nu op de helling.

Het gevolg van een lange strijd

Hoe verdienstelijk hun standpunten ook moge zijn, het feit dat de term allochtoon nu wordt betwist is uiteraard niet enkel het gevolg van de opinies van Verschelden en Milquet maar is vooral het resultaat van een jarenlange strijd en tegenwerpingen vanwege academici en activisten. Jan Blommaert & Jef Verscheuren’s ‘Het Belgische migrantendebat’ maakte in 1992 al brandhout van deze begrippen, en talloze andere organisaties (zoals AEL, Kifkif, het Minderhedenforum en anderen) klagen reeds jaren het oneigenlijk gebruik van deze termen aan.

Termen die op een permanente wijze onze bevolking in twee imaginaire lijnen indelen en een voortdurend onderscheid inbouwen tussen zij die hun integratie moeten aantonen (de allochtonen), en zij die hiervan worden vrijgesteld of ‘gedispenseerd’ (de autochtonen) – om het met de Nederlander Willem Schinkel te zeggen. Dat met de oorkonde van Verschelden en Milquet nu een einde lijkt te zijn gekomen aan het allochtoniedenken, is daarom een hart onder de riem voor de talloze mensen die jarenlang, onvermoeid, op deze hamer zijn blijven kloppen in hun zoektocht naar een pluralistische en inclusieve democratische samenleving.

Andere categorieën

Wil dit echter zeggen dat hiermee een einde is gemaakt aan ‘het autochtoniedenken’? Verre van. Zoals terecht werd gesteld in de eerste reacties (DeWereldMorgen.be, 20/09/12), betekent het afvoeren van de term allochtoon geen einde aan het inbouwen van een onderscheid tussen in- en outsider.

Terecht werd ook opgemerkt dat de categorie ‘extremist’ een nieuwe onderscheidingslijn aan het vormen is die onze bevolking volgens nieuwe lijnen opdeelt: zij die zich aanpassen aan onze liberale waarden en normen, en zij die zich hier niet kunnen of willen aanpassen, en daarom hier niet thuishoren.

We zagen het al in het geval van de controversiële groep Sharia4Belgium. Hun Youtube-filmpjes of deelname aan protesten in Borgerhout zaterdag jl. tegen de film ‘The Innocence of Muslims’ waren reden genoeg om een aantal te arresteren, en in het geval van Belkacem zelfs te overwegen diens Belgische nationaliteit te ontnemen. Het verhaal van de zogeheten ‘burqa’ is een andere illustratie. Het feit dat vrouwen ervoor kiezen om (volgend op bepaalde orthodoxe religieuze interpretaties) hun gezicht te bedekken, lijkt reden genoeg om hen de toegang tot de publieke ruimte te ontzeggen.

Hiermee is niet gezegd dat wansmakelijke filmpjes van Sharia4Belgium moeten worden gevierd, noch dat de interpretaties van de vrouwen die een gezichtssluier te dragen moeten worden gedeeld. Maar dit is nét het punt: in een pluralistische democratie zou er juist ruimte moeten bestaan voor controverse en conflict.

Wat nu echter dreigt te gebeuren, is een reorganisatie van de bevolking langs nieuwe lijnen. Nieuwe lijnen die de zuivere etnische onderscheidingen overstijgen, maar de vraag naar wie hier thuishoort op een nieuwe wijze gaan markeren. Een onderscheid wordt dan getrokken bij de minderheden naar de mate van hun politieke radicaliteit (zoals in het geval van Sharia4Belgium) of religieuze orthodoxie (zoals in het geval van de gezichtssluier). Onderscheidingen die echter niet van toepassing zijn op de bodemechte ‘autochtonen’. Het ‘extremisme’ van radicaal rechts of de ‘orthodoxie’ van christelijke groepen blijft in zulke gevallen buiten schot.

Waakzaamheid is geboden

Het huidig debat over de term autochtoon/allochtoon, dat met dank aan Verschelden en Milquet op een nieuw institutioneel niveau werd getild, zou daarom vooral een aangelegenheid moeten zijn om stil te staan bij de verschillende categorieën en onderscheidingslijnen die we hanteren om mensen te benoemen. Categorieën die een indicatie zijn van hoe we mensen in onze samenleving in- of uitsluiten. Want woorden zijn niet  onschuldig. Ze kunnen mensen letterlijk maken of kraken.

Nadia Fadil is docent aan de KULeuven en verricht onderzoek naar minderheden, multiculturalisme en religie binnen de vakgroep antropologie.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!