Aangespoelde schoenen van drenkelingen in het Museo dell'immigrazione op Lampedusa (Foto: Xander Stockmans - Tussen Vrijheid en Geluk)
Verslag, Nieuws, Wereld, Europa, Afrika, Samenleving, Politiek, Italië, Libië, Amnesty International, UNHCR, Bootvluchtelingen, Akkoord, Push-back policy, Europese Conventie voor de Rechten van de Mens, La Stampa -

Italië: gesloten grenzen boven mensenrechten

Het uitbreken van de revoluties in Arabische landen in het voorjaar van 2011 bracht een stroom vluchtelingen op gang, onder meer overzee richting Europa. Nu, meer dan een jaar later, is het thema nog altijd brandend actueel: begin deze maand nog zonken twee boten met vluchtelingen. Intussen doet Italië er wederom alles aan om hen te weren, ondanks zijn catastrofale eerdere beleid.

maandag 17 september 2012 17:18

Volgens UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, hebben in 2011 58.000 vluchtelingen de oversteek naar de Europese kust gemaakt. Dit aantal was nog nooit zo hoog. De meerderheid hiervan meerde aan in Italië (56.000), de overige vluchtelingen arriveerden in Malta en Griekenland. Maar dit zijn slechts degenen die de kust gehaald hebben: UNHCR schat het aantal mensen dat stierf op zee in 2011 op 1.500. Fortress Europe, een Italiaanse internetblog die het dodental onder vluchtelingen die Europa proberen te bereiken bijhoudt, zet het aantal sterfgevallen in 2011 zelfs op 2.352 mensen. Het is zeer waarschijnlijk dat dit aantal nog hoger ligt. Er worden namelijk niet bepaald lijsten bijgehouden van het aantal mensen aan boord.

Federico Fossi van UNHCR Italië zegt dat er tussen januari en augustus 2011 54.000 bootvluchtelingen, verspreid over 400 boten, arriveerden op Lampedusa, een Italiaans eiland.

“De helft van de bootvluchtelingen kwam van Libië, de andere helft van Tunesië. Voor 2012 zijn er nog geen officiële data. De getallen die we hebben, zijn gebaseerd op verslagen van media en informatie die is verzameld door mensen van UNHCR in het veld. Daaruit blijkt dat er tot nu toe een daling is te zien in het aantal bootvluchtelingen dat aangekomen is in Italië, vergeleken met dezelfde periode vorig jaar. Sinds januari zijn er namelijk 7.900 mensen gearriveerd, waarvan 2.400 op Lampedusa.”

Vanaf januari dit jaar tot nu staat de teller van het aantal vluchtelingen voor wie de oversteek van de Middellandse Zee een dodelijke afloop had op 362, voor zover bekend bij UNHCR Italië. Fossi gaat ervan uit dat het aantal in werkelijkheid zeer waarschijnlijk nog hoger ligt.

Shousha Camp

Pieter Stockmans werkt voor Vluchtelingenwerk Vlaanderen en is daarnaast vrijwilliger bij Amnesty International. Bovendien werkt hij als freelance journalist. In het kader van zijn werk in dat gebied bedacht Stockmans samen met Majd Khalifeh het journalistieke project ‘Tussen Vrijheid en Geluk’. Voor dat project reisden de twee in het najaar van 2011 door Arabische landen en onderzochten zij de vluchtelingenstromen die tijdens de Arabische Lente ontstonden. Ze bezochten onder andere Egypte, Tunesië en Lampedusa (Italië). Zo waren Stockmans en Khalifeh ook in Shousha Camp, een vluchtelingenkamp van UNHCR in Tunesië aan de grens met Libië.

“Tijdens de Arabische Lente ontstonden twee vluchtelingenstromen: een stroom over zee richting Europa en een stroom naar het Shousha-vluchtelingenkamp van UNHCR. In Shousha Camp zagen we vooral vluchtelingen uit andere Afrikaanse landen, zoals Somalië, Eritrea en Ethiopië. Deze mensen zijn de conflicten in hun eigen land ontvlucht en naar Libië gekomen, ofwel om daar te blijven ofwel op doortocht naar Europa. Maar tijdens de opstanden en het geweld dat gepaard ging met het uitbreken van de Arabische Lente begon in Libië een klopjacht op zwart-Afrikanen, omdat de opstandelingen hen zagen als bondgenoten van Qhadafi. Velen zijn toen naar Shousha Camp of overzee richting Europa gevlucht”, aldus Stockmans.

Bij de opbouw van Shousha Camp in maart 2011 bood het een onderkomen aan meer dan 20.000 vluchtelingen uit Sub-Sahara Afrika. In totaal zijn er al meer dan 100.000 vluchtelingen via Shousha Camp gepasseerd.

Omdat het niet de bedoeling is dat vluchtelingen permanent in Shousha Camp blijven, start UNHCR voor iedere vluchteling een hervestigingsprocedure. Voor ieder individu bekijkt UNHCR de persoonlijke situatie en afhankelijk daarvan wordt al dan niet een vluchtelingenstatuut toegekend. Als dat laatste het geval is, gaat UNHCR in gesprek met landen die mensen kunnen opvangen. Zo heeft Duitsland op 3 september jongstleden nog 195 vluchtelingen opgevangen uit Somalië, Eritrea, Sudan en Ethiopië.

Push-back policy

In de periode januari-augustus 2010, het jaar voor de Arabische Lente uitbrak, kwamen er minder dan 100 bootvluchtelingen aan op Lampedusa. Niet omdat er geen vluchtelingen waren, integendeel. Dit opmerkelijk lage aantal is te danken aan de inhoud van een verdrag tussen Italië en Libië dat is getekend in 2008 en van kracht werd in 2009. De toenmalige Italiaanse premier Berlusconi en Kolonel Qhadafi van Libië sloten het ‘Treaty on Friendship, Partnership and Cooperation’, waarin zij onder andere afspraken maakten om samen te werken op het gebied van ‘illegale immigratie’.

Vanaf begin mei 2009 voerde Italië als gevolg hiervan de zogeheten ‘push-back policy’ in, wat concreet betekent dat bootvluchtelingen aan de Italiaanse kust terug werden gestuurd richting Libië. Hierbij keken ze niet naar de toestand van de vluchtelingen. Ziek, gewond, zwanger of kind, het maakte niets uit. In Libië werden deze mensen vervolgens in opvangkampen opgesloten, waar ze aan folteringen en slechte leefomstandigheden zijn blootgesteld. Ook zijn er vluchtelingen simpelweg gedumpt in de woestijn.

Effectief

Op een persconferentie in mei 2009 noemde de toenmalige Italiaanse minister van Binnenlandse Zaken Roberto Maroni het nieuwe beleid dat volgde op het verdrag tussen Italië en Libië een belangrijk keerpunt in het ‘gevecht tegen illegale immigratie’. Tussen 6 en 10 mei 2009 waren al meer dan 471 ‘illegale immigranten’ onderschept en naar Libië gebracht. De minister vond de ‘push-back policy’ daarom meteen al uiterst effectief.

Stockmans: “Italië heeft eigenlijk altijd een dubbele strategie gebruikt om migranten en vluchtelingen te weren. Aan de ene kant is er de ‘push-back policy’, waarbij de zee als buffer functioneert voor de arriverende bootvluchtelingen. Aan de andere kant wordt ook Lampedusa als buffer gebruikt voor migranten, zeker tijdens de migrantenstromen in 2011 vanuit Tunesië en Libië. De Italiaanse regering ziet het eiland als één groot vluchtelingenkamp dat dient om vluchtelingen ver van het vasteland van Italië te houden.”

“Ondanks het feit dat het opvangcentrum op vele momenten overvol was en duizenden mensen op straat sliepen, zijn er lange tijd nauwelijks overplaatsingen naar Sicilië of het vasteland van Italië georganiseerd. Lampedusa is een klein eiland en krijgt van de Italiaanse regering een onevenredig grote last te dragen. De lokale economie, die veelal afhankelijk is van het toerisme, lijdt enorm veel schade door het slechte imago dat het eiland in de media heeft gekregen en Lampedusanen voelen zich misbruikt en geïsoleerd. Een inwoner van Lampedusa zei zelfs: “wij zijn geen Italianen, maar Noord-Afrikanen”. In feite pleegt het beleid van de Italiaanse overheid een dubbele misdaad: zowel tegen vluchtelingen als tegen haar eigen bevolking.”

Schuldig

Enkele overlevenden van dit gruwelijke beleid wisten vanuit Libië advocaten te bereiken en spanden een rechtszaak aan tegen de Italiaanse regering bij het Europees Hof van de Rechten van de Mens. De vluchtelingen, uit Somalië en Eritrea, vertelden dat zij onderdeel uitmaakten van een groep van ongeveer 200 mensen. Ten zuiden van de kust van Lampedusa is de boot waarin zij zaten onderschept door de Italiaanse kustwacht. De vluchtelingen moesten overstappen op een Italiaans militair schip en zijn teruggebracht naar Libië. Zij werden niet geïnformeerd over hun nieuwe bestemming, al hun persoonlijke eigendommen en identiteitspapieren werden afgepakt. Aangekomen in Tripoli is de groep gedwongen om daar de boot te verlaten.

Op 23 februari van dit jaar volgde de uitspraak. Italië is schuldig bevonden aan het breken van haar verplichtingen onder de Europese Conventie voor de Rechten van de Mens, omdat het land op de hoogte was van de vreselijke omstandigheden waar de vluchtelingen in Libië mee te maken zouden krijgen. De Italiaanse staat moest 15.000 euro per aanklager betalen.

Niet alleen was de ‘push-back policy’ van Italië een verschrikking in de twee jaar dat het uitgevoerd werd, ook de nasleep ervan in 2011 eiste zijn tol. Het beleid zorgde namelijk voor de sluiting van de opvangcentra op Lampedusa omdat deze simpelweg niet meer nodig waren: de bootvluchtelingen werden immers al op zee teruggestuurd. Toen de Arabische Lente in 2011 een grote toestroom van vluchtelingen op gang bracht, moesten de opvangcentra hals over kop heropend worden en voorzieningen weer in gereedheid gebracht.

De heropeningen en de organisatie van de overplaatsing naar andere delen van Italië kwamen echter veel te traag op gang om het grote aantal mensen te helpen. Volgens een rapport van het ad-hoc comité Migratie, Vluchtelingen en Bevolking van de Europese Raad sliepen als gevolg daarvan duizenden mensen twee maanden lang op straat.

Nieuw migratieakkoord

Nu zou je denken dat de Italiaanse regering iets heeft geleerd van haar fouten in het verleden, maar het tegendeel is het geval. Op 18 juni 2012 publiceerde de Italiaanse krant La Stampa een officieel document over een bijeenkomst in april van de huidige Italiaanse minister van Binnenlandse Zaken en de minister van Binnenlandse Zaken van Libië. Onderwerp van de bijeenkomst: samenwerking op het gebied van ‘illegale immigratie’. Er werd een akkoord bereikt met betrekking tot training, ontvangstcentra, grenscontrole, vrijwillige terugkeer en zogeheten ‘follow-up’-mechanismen.

Gezien de vreselijke gevolgen van de vorige samenwerking tussen de twee landen voor bootvluchtelingen en een gebrek aan bewijs dat de mensenrechtensituatie in Libië ook maar iets verbeterd is sindsdien, geeft dit nieuwe akkoord alle reden tot zorgen.

Bovendien heeft Libië nooit de Conventie van Genève voor de Status van Vluchtelingen uit 1951 ondertekend en volgens Amnesty International is er überhaupt geen sprake van het bestaan van ontvangstcentra in Libië. De centra die dat etiket opgeplakt krijgen, zijn detentiecentra waar mensen worden mishandeld en waar dagelijks mensenrechten worden geschonden. Dit alles lijkt Italië echter niet te deren. Het weren van vluchtelingen heeft voor het land de hoogste prioriteit.

Stockmans: “Het is frappant om te zien dat Italië niet eens kon wachten met het sluiten van dit nieuwe migratieakkoord tot na de Libische verkiezingen die in juli plaatsvonden. In plaats daarvan is een akkoord getekend met een niet-verkozen overgangsregering, alleen maar om de vluchtelingenstroom naar Italië zo snel mogelijk te stoppen, koste wat het kost. Dit toont andermaal aan dat het Europees buitenlands beleid geen graten ziet in het sluiten van akkoorden met niet democratisch verkozen regeringen in de Arabische wereld.”

“In 2011 is de ‘push-back policy’ tijdelijk opgeheven wegens toenemende internationale kritiek en omdat er natuurlijk geen regering meer was in Libië om mee samen te werken. Italië liet in dat jaar doelbewust de stroom van vluchtelingen toekomen om een beeld van crisis en invasie te scheppen. Zo kon de regering-Berlusconi naar de EU stappen voor financiële steun. Nu blijkt dat Italië het hele jaar 2011 heeft staan trappelen om een nieuw akkoord met Libië te kunnen sluiten, zonder ook maar stil te staan bij de gevolgen die dat heeft voor duizenden mensen die in nood verkeren.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!