Countdown gemeenschappelijk statuut: nog 10 maanden

Countdown gemeenschappelijk statuut: nog 10 maanden

dinsdag 28 augustus 2012 09:47
Spread the love

“Kan je even meekomen? Ga maar zitten. Ik heb slecht nieuws voor jou…”  Reorganisaties, botsende ego’s, gebrek aan opleiding of de klad erin? Het nieuws komt niet altijd volledig onverwacht, maar wel steevast hard aan: ontslag.
Je partner of een goede vriend(in) helpen je over de eerste schok heen. Onzekere toekomstplannen, sollicitaties, curriculum vitae, VDAB, … flitsen onwennig door je hoofd. Hoe geraak je zo snel mogelijk terug aan een behoorlijke baan? Door de band genomen geen eenvoudige klus. Outplacement of loopbaanbegeleiding kunnen je een duwtje in de rug geven.

Doorlopen arbeiders deze stadia minstens 4 keer sneller dan bedienden? Uiteraard niet. Het Grondwettelijk Hof herhaalde dit vorig jaar, en koppelde er een deadline aan: uiterlijk 9 juli 2013 moeten arbeiders dezelfde (ontslag-)bescherming genieten als bedienden.

Nog slechts 10 maanden te gaan: wij tellen hoopvol af! Uiteraard met een uitgewerkt, realistisch voorstel (“Het ACV gaat voor een beter werknemersstatuut”)  en met een constructieve houding als sociale partner. Anderen tonen koudwatervrees.
Zullen bij een gelijkschakeling van de arbeiders- en bediendenstatuten de kosten voor de ondernemingen de pan uitswingen? Vaak kost een ontslag de onderneming bijna niets: het uitgangspunt blijft dat de werknemer zijn opzegtermijn presteert, en bijgevolg productief blijft. Vergeten we evenmin dat het Belgische ontslagrecht vanuit Europees perspectief hyperflexibel is, tot afgunst van onder andere de Nederlandse ondernemingen. Indien – de keuze is aan de werkgever –  verdere prestaties niet aan de orde zijn, wordt de opzegtermijn uitbetaald.

Een nogal perfide theorie stelt dat een dergelijke opzegvergoedingen aanzien moeten worden als een ‘beloning’ voor de trouw van de werknemer aan de onderneming.  In economische termen gaat het hoe dan ook om een rem op de afwenteling van de kost van een ontslag op de collectiviteit (waaronder de kost van de werkloosheidsvergoedingen).  Ondernemingen die investeren in opleidingen en human ressources, hoeven niet op te draaien voor (winstgevende) ondernemingen die dat niet doen.
Zeker is dat we de volgende maanden nog met theorieën om de oren geslagen zullen worden. Al heeft de economische crisis de hoerastemming rond het Deense flexicurity-model getemperd. De moeilijkheden van de aanvullende pensioenfondsen hebben het Oostenrijkse rugzakmodel de das omgedaan. En ook al zijn we altijd bereid mee te theorizeren: de tijd is gekomen om voorstellen in realiteit om te zetten. Daarvoor resten nog slechts 10 maanden.

Piet Van den Bergh, adviseur ACV studiedienst

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!