De angst van links
Seksisme, Debat Links Rechts -

De angst van links

zondag 29 juli 2012 19:35

Na 5 jaar ergernis, woede en frustratie zend ik op een donderdagavond om 20h een voorstel door naar het vrt-programma Koppen met de vraag om een reportage te maken over ‘het als vrouw continu aangesproken en lastig gevallen worden in Brussel’. De volgende morgen om 8h30 krijg ik een telefoontje: “We zijn razend enthousiast over jouw voorstel”. Er zullen interviews afgelegd worden met mij, met mijn Marokkaanse ex-vriend, met Jamila Idrissi, met de dames van Hollaback , en ik zou 2 dagen undercover door Brussel lopen, om de vele vervelende, soms intimiderende en vernederende opmerkingen van mannen op camera vast te leggen. Een maand later maakt ook RITS-studente Sofie Peeters een documentaire over dit onderwerp. Serait-il que finalement ça bouge??

Het lastig vallen, vernederen en intimideren gebeurt op vele manieren. 14-jarige ettertjes roepen je toe “Je veux coucher avec toi”, een 40-jarige blaaskaak hijgt in je oor “quel beau cu”, je wordt achtervolgd door een auto met 4 mannen en kan die niet meer afschudden, je T-shirt wordt bijna van je lijf gerukt aan de beurs, geregeld hoor je dat je ‘une sale pute’ bent en last but not least, elke dag achtervolgen je tientallen hongerige ogen en evenveel vreemdsoortige slissende en hijgerige geluiden.
Het zou allemaal zo erg nog niet zijn mocht ik op mijn eigen, franke manier kunnen reageren op deze opmerkingen, bijvoorbeeld met  ‘Un peu de respect quoi’, of ‘Vas-te faire foutre’. Maar dan riskeer je immers ineengeslaan te worden. Dus wordt het overheersende gevoel van een wandeling door Brussel: frustratie en onmacht. En dat in één van mijn lievelingssteden ter wereld!

Dus, om wat minder last te hebben, sla ook ik maar mijn ogen neer en draag ik geen rokjes en botjes meer. Andere vrouwen waarmee ik sprak vulden aan met ‘geen kleedjes’, ‘geen spaghettibandjes’; wel een broek, en platte schoenen, of een trainingspak… Dit alles vind ik persoonlijk een enorme achteruitgang in het streefdoel naar gelijkheid tussen man en vrouw. En dat vind ik heel, heel erg.

Zowel voor als achter de camera wil ik het echter niet in de mond nemen dat de mannen die mij lastig vallen, bijna zonder uitzondering Noord-Afrikanen zijn (ik herken immers het Noord-Afrikaans accent). Euhm, ik ben immers “links”, en “wil niet racistisch zijn” en “het gaat misschien niet om het feit dat ze Noord-Afrikaan zijn, maar wel om de sociale klasse waartoe ze behoren: jong, werkloos, spijbelaars,…”. En “mijn paar jaar ervaring en de paar jaar ervaring van al mijn vrienden zijn misschien maar een te kleine steekproef”… Enzoverder enzoverder.

En toch ben ik stiekem blij dat mijn ex-Marokkaanse vriend voor de camera ronduit zegt dat het vooral Noord-Afrikaanse mannen zijn. En dat het volgens hem wel een culturele kwestie is: “In vele landen en plaatsen in Noord-Afrika dragen vrouwen een hoofddoek en bedekken ze zich met lange gewaden. Schaarser geklede vrouwen worden daar beschouwd als hoeren of vrouwen die zelf seksuele opmerkingen of handelingen uitlokken. In België vinden dan ook veel van deze mannen dat de vrouwen hier “het zelf uitlokken, door er ‘schaars gekleed’ bij te lopen.”

En wat als Koppen het de mannen zelf vraagt? “Goh, in ‘ons land’ fluiten we naar honden, hier fluiten we naar de meisjes”, legt een man uit. Anderen zeggen dat de vrouwen het uitlokken. Nog andere zeggen dat ze “het alleen doen om een beetje te lachen”.  

Jamila Idrissi verklaart dat dit soort gedrag vaak “negatief gedrag” is,  dat voortkomt uit de frustratie van zich achtergesteld voelen en zich uitgesloten voelen. Dit is waarschijnlijk in sommige gevallen waar, maar dan nog is dat geen excuus. Bovendien ben ik ervan overtuigd dat het in vele gevallen ook gewoon lastig zijn is óm lastig te zijn, een stoer soort  haantjesgedrag, een tegendraadsheid, om te zien hoe ver ze wel kunnen gaan…

Van de extreem rechtse reacties, dat ‘alle moslim mannen zo zijn’ en dat ‘we enkel problemen hebben met allochtonen’, walg ik. Maar evenzeer walg ik ervan dat door anderen het probleem onder tafel geschoven wordt, zijnde ‘dit is een deel in het globaal plan van het viseren van Arabische mannen’, of ‘het is omdat zij gefrustreerd zijn omdat wij hen geen kansen geven’.

Zowel ik als de reportage werd soms verweten ‘rechts’ te zijn. Maar waarom is het racistisch om  gewoon objectief te zeggen wat er gebeurt: namelijk dat het bij mij, en bij studente Sofie Peeters, en bij alle vrouwen die ik ken die vaak in Brussel wonen, meestal ‘allochtonen van Noord-Afrikaanse origine zijn die mij/ons lastig vallen’?

De oogkleppen van sommige ‘linksen’ (uiteraard niet allen) maken de linkse zijde echt niet aantrekkelijker of populairder. En zijn die oogkleppen er vanuit het linkse idee om de zwakkeren te beschermen (maar waarom dan de daders beschermen, de mannen, ipv de slachtoffers, de vrouwen die lastig gevallen worden)? Of is het eerder uit electoraal belang? Wat het motief ook is, het is jammer, en teleurstellend.

Ik wil nog steeds het liefst, en dat zal ik altijd willen, allemaal in Brussel in goede relatie samenleven. Maar dan moet er ook gecommuniceerd worden over de problemen en niet, naar oeroude Belgische traditie, opgekropt of verdragen worden totdat het allemaal niet meer langer houdbaar is en extreem-rechts botviert

Ik hoop oprecht dat er, door rechts én links, geluisterd wordt naar de getuigenissen, en ingegrepen wordt. Want vernederd worden is onrecht, en onrecht moet bespreken worden. En is dat nu links, of rechts?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!