ABVV, Index -

De index: centen of procenten? Een massale inleveringsoperatie!

vrijdag 6 juli 2012 09:48

De index ligt constant onder vuur. Werkgevers, politici, journalisten en zelfs de Nationale Bank laten het ene na het andere ballonnetje op om de index ‘te hervormen’. Zo zou een indexatie in centen rechtvaardiger zijn dan de bestaande index in procenten. Maar klopt dat wel?

Een gevoelig thema, want het kan niet ontkend worden dat veel mensen de bestaande procentenindex onrechtvaardig vinden omwille van het Mattheüseffect.

Het is niet eenvoudig om dit te weerleggen. Toch doe ik een poging.

Waarvoor dient de index?

We denken dat het beter is om elk beleidsinstrument de taak te laten vervullen waarvoor het werd ingevoerd. De index dient om de koopkracht te beschermen, niet om inkomens te herverdelen.

Dat laatste is de taak van de fiscaliteit en het uitgavenbeleid van de overheid. In België slagen we daar nog vrij behoorlijk in, ondanks terechte kritieken op de gebreken van ons fiscaal systeem. Internationale statistieken tonen aan dat België, meer dan andere landen, weerstand biedt aan de toename van de ongelijkheden.

De index willen gebruiken als een herverdelingsmechanisme lijkt ons niet gepast. Het is net omdat de ganse werknemersgroep ervan kan genieten dat het moeilijker wordt de index te ondermijnen.

Een centenindex voor iedereen?

Een tweede en veel gewichtiger argument is dat een centenindex veel verliezers en weinig winnaars zal opleveren.

De doelstelling die aanhangers van een aanpassing van de index nastreven, is de verbetering van de loonkostenconcurrentie. Uiteraard kan dit slechts als de globale loonkost minder snel evolueert dan v??r de aanpassing.

De hamvraag is dus: vanaf welk loonniveau wordt die centenindex ingevoerd? En wat gebeurt er dan met de lonen onder dit loonniveau?

Om aan de doelstelling van een verbeterd concurrentievermogen te beantwoorden, zal dit loonniveau uiteraard laag moeten liggen. Dus eerder in de buurt van het minimumloon dan op het niveau van het gemiddeld brutoloon (€ 2.900).

Vraag is: zullen met een centenindex de werknemers die minder dan dit referentieloon verdienen ook de centenindex van dit referentieloon krijgen? Of nog steeds hun oude index in procenten?

Geen twijfel over: het zal dat laatste zijn. Want anders worden die werknemers duurder en dat is net niet de bedoeling. De pleitbezorgers van loonmatiging beweren immers dat de tewerkstellingskansen van kortgeschoolde werknemers verminderen als hun loon verhoogt.

Een massale inleveringoperatie

Ook de Nationale Bank spreekt hierover in haar recente ophefmakende studie.

De Nationale Bank gaat ervan uit dat de huidige “indexeringsmethode zou behouden worden voor de lonen onder een bepaalde drempel om dan vanaf dat loonniveau te werken met een vast bedrag, dat overeenstemt met de procentuele verhoging toegepast op die loondrempel (‘centen in plaats van procenten-principe’)”.

Meer zelfs: er wordt gesteld dat het na te streven “macro economisch effect zwaarder zal zijn naarmate die drempel lager ligt en er derhalve enkel een procentuele aanpassing wordt toegekend aan een kleiner deel van de werknemers (met de laagste lonen)”.

Zeker als de laagste lonen hun oude indexaanpassing behouden en dus niet genieten van een hoger forfait zal een centenindex voor het leeuwendeel van de werknemers neerkomen op een massale inleveringoperatie.

Maar zelfs indien deze werknemers tegen alle verwachtingen in toch een betere centenindex zouden krijgen, dan zal de grootste groep nog altijd inleveren. Behalve natuurlijk de best betaalden. Die zullen wel de kracht hebben om op een andere manier dan via de automatische indexatie een prijscompensatie te onderhandelen.

Minder geld voor de sociale zekerheid

Slotsom: de loonverdeling zal ongelijker worden na de invoering van een centenindex dan nu met de automatische loonindexatie. Meteen zou ook de motor voor de financiering van de overheidsbegroting en de sociale zekerheid haperen.

Het is immers dank zij de indexatie van de brutolonen, en de hogere bijdrage van de hoogste lonen, dat de overheidsontvangsten op niveau blijven.

Verdedigers van die andere zogenaamde intelligente piste – de netto index – zien dat bewust over het hoofd en weten dat ze hierdoor de financiering van de sociale zekerheid op het spel zetten. Daarom noemen we die piste geen intelligente maar een demagogische index!

Voorwaarden voor een echte relance

Wij blijven herhalen dat de aandacht die om ideologische redenen aan de index gewijd wordt, beter zou gebruikt worden om de echte oorzaken van het verlies van marktaandelen aan te pakken.

Dat verlies is voor tweederde te wijten aan structurele aspecten van het concurrentievermogen: innovatiedeficit, vormingsdeficit, slechte structuur en oriëntering van onze export.

Natuurlijk is het ingewikkelder om daar een doeltreffend antwoord op te formuleren. Daarvoor is een duidelijke visie nodig en een betere afstemming van het federale en gewestelijke beleidsniveau.

Nochtans zijn investeringen in infrastructuur, onderzoek & ontwikkeling (O&O) en vorming van werknemers, naast een ondersteuning van de interne Europese vraag (via goede lonen) de voornaamste uitwegen naar een duurzame groei en een overgang naar een innovatieve en groenere economie.

Luc Voets, directeur studiediensten federaal ABVV

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!