66 maal meer RSZ-korting voor Bert De Graeve dan voor zijn arbeiders

66 maal meer RSZ-korting voor Bert De Graeve dan voor zijn arbeiders

woensdag 4 juli 2012 08:23

Als de regering geld zoekt voor de relance van onze economie, dat ze dan eens kijkt naar de kortingen die werkgevers vandaag krijgen op de sociale bijdragen. Want dat die vele malen hoger liggen voor hoge lonen dan voor lage en middenlonen is ronduit absurd. En weggesmeten geld.

Subsidies voor hoge lonen

“Alle bestaande lastenverlagingen screenen op hun effect en eventueel verschuiven. We moeten vooral de lasten op de middelste lonen naar beneden krijgen.” Zo sprak UNIZO-topman Karel Van Eetvelt op 16 april in De Morgen.

Wij zijn het volledig met hem eens. Want de bestaande patronale bijdrageverlagingen in de sociale zekerheid (de RSZ-kortingen) worden niet goed aangewend.

De kortgeschoolde werklozen maken bijna 60% uit van het totaal aantal werklozen. Alle specialisten pleiten er dan ook voor om de verminderingen van de sociale bijdragen vooral te concentreren op de lage lonen alsook op vorming en opleiding.

In de praktijk gebeurt echter het tegenovergestelde: de sociale zekerheid geeft nu al meer dan dubbel zoveel subsidie aan de hoge dan aan de lage lonen. En het wordt altijd maar erger… Van een Mattheüseffect gesproken!

500 miljoen euro korting

Voor elke werknemer krijgt de patroon elk trimester 400 euro bijdragevermindering. Omdat de werkloosheid veel hoger is bij de laaggeschoolden komt daar voor lonen lager dan 2000 euro bruto per maand nog een schep bovenop.

Op vraag van werkgeversorganisatie VBO werd ook een bijdrageverlaging ingevoerd voor de hogere lonen boven de 4000 euro bruto per maand. Alhoewel vragen kunnen gesteld worden bij het nut van deze maatregel, had de regering hiervoor slechts een bescheiden bedrag voorzien: 100 miljoen euro per jaar.

Het venijn zat hem echter in de manier waarop deze maatregel werd uitgevoerd. Noch de loongrens van maximum 2000 euro bruto voor de lage lonen, noch de loongrens van minimum 4000 euro bruto voor de hoge lonen werden geïndexeerd.

Bij elke indexering of loonsverhoging werd dus minder bijdrageverlaging toegekend voor de lage lonen, en meer voor de hoge lonen:

  • De bijdrageverlaging voor de lage lonen daalde aldus van 381 miljoen euro in 2005 naar 214 miljoen euro in 2012, en zal tegen 2016 verder zakken tot beneden 150 miljoen euro.
  • De bijdrageverlaging voor de hoge lonen steeg van 78 miljoen euro naar 508 miljoen euro, en verhoogt tot 600 miljoen tegen 2016, terwijl de regering oorspronkelijk slechts 100 miljoen voor deze maatregel uittrok!

Hetzelfde verhaal dus als dat van de notionele belastingaftrek voor de bedrijven: aangekondigd voor 500 miljoen euro, vandaag bedraagt de kostprijs al 4,5 miljard euro, en betalen de grote bedrijven geen belasting meer.

Hoger / Lager

Radicaal ingaand tegen alle adviezen en elk goed verstand zorgt dit mechanisme ervoor dat een werkgever voor een laaggeschoolde werknemer veel minder bijdrageverlaging krijgt dan voor een hooggeschoolde, die eender waar aan de bak kan.

  • Voor iemand met een laag loon krijgt de werkgever gemiddeld 156 euro extra bijdrageverlaging.
  • Voor iemand met een hoog loon krijgt de werkgever meer dan dubbel zoveel korting: ca. 380 euro.

Bovendien wordt die bijdrageverlaging groter naargelang het loon stijgt:

  • Voor een bediende met 4500 euro bruto per maand krijgt de werkgever 90 euro extra per trimester, wat goed is voor 0,66% van het brutoloon.
  • Voor een kader dat 6000 euro bruto per maand verdient, krijgt de werkgever per trimester 360 euro extra bijdragevermindering, goed voor 2% van het brutoloon.
  • Een CEO die 20.000 euro bruto per maand verdient, krijgt bijna 3000 euro of 5% bijdragevermindering per trimester.

66 x meer voor CEO

Voor een hoog loon betaalt het bedrijf dus proportioneel veel minder sociale bijdragen dan voor iemand met een middenloon.

Bert De Graeve, CEO van Bekaert, verdiende 1,78 miljoen euro in 2011, een slordige 128.520 euro per maand.

Voor hem krijgt Bekaert 103.920 euro bijdragevermindering per jaar. Als hij 57 jaar is, komt daar nog 1600 euro bij, ongeacht het loon.

Voor de arbeiders van Bekaert wordt slechts 400 euro per trimester of 1600 euro bijdrageverlaging per jaar toegekend.

Voor Bert De Graeve wordt dus 66 keer meer patronale bijdrageverlaging gegeven dan voor zijn arbeiders. Kan iemand ons eens uitleggen waar dit goed voor is!?

Geld over de balk

De laaggeschoolden met enkel een diploma lager en basisonderwijs maken 28% uit van het totaal aantal werklozen. Daar bovenop komen de 29% werklozen die het secundair onderwijs niet beëindigden. Samen goed voor 57%.

Diegenen die in aanmerking komen om een hoog loon te verdienen, de universitairen met een masterdiploma, maken maar 5% uit van de werklozen!

De regering Leterme besliste al enkele jaren geleden daarom om de loongrens voor de bijdragevermindering van de hoge lonen te indexeren. Uiteindelijk voerde de regering Di Rupo dit pas nu door. Maar enkel voor de toekomst. Het onevenwicht zal nog verder groeien, alhoewel langzamer.

Ondertussen is de scheeftrekking gebeurd. We vragen ons werkelijk af wat het nut ervan is om honderden miljoenen bijdragevermindering toe te kennen voor goed opgeleide werknemers met hogere lonen, wiens tewerkstelling zeker niet zal afhangen van deze subsidie.

Tip voor de regering

Instellingen zoals de Hoge Raad voor Werkgelegenheid of de Nationale Bank pleiten er al jaren voor om de bijdrageverlagingen te concentreren op de lage lonen van de kortgeschoolden, en voor vorming en opleiding.

Ziehier dus een tip voor een regering die geld zoekt om iets te kunnen doen voor de relance van onze economie en voor de werkgelegenheid. We zijn het volledig eens met Karel Van Eetvelt van UNIZO: gebruik dat geld voor de lage en de middenlonen in plaats van voor het financieren van riante bonussen!

Jef Maes, directeur sociale studiedienst federaal ABVV

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!