Pygmeeën moeten hun bos uit voor houtkap en mijnbouw
Nieuws, Afrika -

Pygmeeën moeten hun bos uit voor houtkap en mijnbouw

YAOUNDE - De inheemse Baka, ook bekend als pygmeeën, vormen een groep van 35.000 mensen die sinds mensenheugenis in het oerwoud van Zuidoost-Kameroen wonen. Maar nu het land zich wil ontwikkelen tot opkomende economie, moeten ze vertrekken.

vrijdag 29 juni 2012 14:38

“Ze hebben ons een plek gegeven aan de rand van het woud”, zegt Lysette Mendum. Ze is een Baka, afkomstig uit het gebied Ngoyla-Mintom, een blok in de Oostelijke Regio van bijna een miljoen hectare dat is aangewezen als houtkapgebied. “We mogen overdag het bos in, maar ‘s avonds niet.”

Milieuorganisaties zijn bezorgd om de vele concessies die worden gegeven aan hout- en mijnbouwbedrijven. Meer dan driekwart van de 22,5 miljoen hectare bos in het land is bestempeld als productief land. Daarvan is een vijfde beschermd als wildreservaat, en van de rest is al 7,5 miljoen hectare aan concessies weggegeven. Beide soorten gebieden zijn beschermd en omdat daar niemand mag wonen, is de regering al vanaf 2000 bezig de Baka te evacueren.

Integreren

Volgens Mfou’ou Mfou’ou, de directeur natuurbehoud van het ministerie van Bosbouw, heeft de minister een contract gesloten met het ministerie van Sociale Zaken om het volk te integreren in de gewone maatschappij. Maar dat is niet wat de Baka willen. In de maatschappij worden ze niet geaccepteerd door de Bantoemeerderheid.

Ook in de bossen worden ze behandeld als onwelkome gasten. Ze mogen wel niet-houtproducten verzamelen, zoals medicinale kruiden, wild fruit, knollen, honing en wild, maar alleen voor persoonlijke consumptie. “Ze kunnen dus niets verkopen om daarmee de school voor hun kinderen te betalen”, zegt Samuel Naah Ndobe, coördinator van het Kameroens Centrum voor Milieu en Ontwikkeling.

FSC

Steeds meer Baka besluiten om zich niet aan het verbod te houden. “Als ze ons zoeken, gaan we niet weg”, zegt Mendum. “We zullen wachten tot ze komen en ons gaan doden, want we zijn afhankelijk van dit bos voor onze basisbehoeften.”

Het Wereldnatuurfonds onderhandelt met bedrijven die volgens FSC-standaarden werken over toegang voor de Baka. “Samen met de Baka wijzen we gebieden binnen de kapconcessies aan die voor hen speciaal van belang zijn”, zegt David John Hoyle, directeur natuurbescherming van het WWF. “Daarvoor willen we dan de garantie dat ze er knollen, honing en planten mogen verzamelen, en mogen vissen.” Daarnaast heeft het WWF met de regering een afspraak gemaakt over de toegang van de Baka in het Nationaal Park Boumba Bek. Ze mogen daar voedsel verzamelen, maar ook hun nachtelijke rites voor de woudgod Jengi uitvoeren.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!