Nieuws, Wereld, Milieu, Rio+20 -

“Wereld investeert nog te weinig in hernieuwbare energie”

Binnen de groep van grootste economieën scoort de Europese Unie het beste inzake hernieuwbare energie, al zijn de ontwikkelingslanden aan een inhaalbeweging bezig. Maar wereldwijd verloopt de transitie te traag, waarschuwt de ngo Natural Resources Defense Council (NRDC) in een nieuw rapport.

dinsdag 12 juni 2012 12:51

Sinds de laatste Top van de Aarde, tien jaar geleden in Johannesburg, is er heel wat gebeurd in het veld van de hernieuwbare energie. “We hebben gekeken naar de geboekte vooruitgang sinds 2002”, verklaart Jake Schmidt, directeur van het internationale klimaatprogramma bij NRDC.

Uit het rapport blijkt dat de grootste landen weldegelijk stappen hebben gezet in de richting van een duurzamere wereld. “Investeringen in schone energie zijn in G20-landen met bijna 600 procent gestegen sinds 2004”, schrijft NRDC. Het is nog maar een begin, want als geheel haalt de G20 amper 2,6 procent van zijn energie uit hernieuwbare bronnen.

Europa gebruikt voor zijn elektriciteitsproductie meer wind, zon, aardwarmte en golfkracht dan welke regio ook. Duitsland is volgens NRDC koploper in groene energie, gevolgd door de EU als geheel en Italië.

Binnen de G20 zijn de verschillen groot. Terwijl Duitsland 10,7 procent van zijn energie duurzaam opwekt, is dat in het geval van de Verenigde Staten amper 2,7 procent. Enkele van de grootste landen ter wereld, zoals Rusland, investeren erg weinig in hernieuwbare energie.

China

Ontwikkelingslanden spelen nog een bescheiden rol in dit verhaal, maar landen als China, Brazilië en Turkije nemen duidelijk het voortouw. Volgens het rapport gingen de Chinese investeringen in hernieuwbare energie sinds 2002 met maar liefst 7605 procent omhoog.

“Naast de G20 zie je een diverse lijst van landen zoals Zuid-Afrika, India, China en Indonesië die ook een sleutelrol spelen”, zegt Dan Kammen, hoogleraar aan de Energie- en Grondstoffengroep van de Universiteit van Californië, Berkeley.

Ondanks de aanzienlijke vooruitgang van verschillende landen is het verre van voldoende. Met de huidige gang van zaken zal het aandeel van energie uit hernieuwbare bronnen wereldwijd toenemen met 2 tot 7 procent tegen 2020.

Maar volgens Schmidt heeft de wereld eigenlijk een verdubbeling van dat cijfer nodig. “Landen werken met langetermijndoelstellingen, en die zijn belangrijk maar niet essentieel”, legt hij uit.

“Wat we nodig hebben voor Rio+20 zijn een aantal gerichte kortetermijnplannen van landen, bedrijven en steden om hernieuwbare energie echt op grote schaal toe te passen.”

Schadelijke subsidies

Ook de subsidies voor milieuschadelijke energieproductie moeten dringend worden aangepakt. “Vorig jaar is er naar schatting 128 miljard euro gestopt in de ontwikkeling van hernieuwbare energie. Een indrukwekkend cijfer. Maar we mogen niet vergeten dat de jaarlijkse subsidies voor fossiele brandstoffen 320 tot 400 miljard euro bedragen”, stelt Kammen.

“Die subsidies zijn niet alleen een bedreiging voor de duizenden nieuwe banen die de sector van de hernieuwbare energie schept, maar ook voor onze gezondheid, het milieu en de planeet”, vindt Schmidt.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!