Het Groene Boek: consuminderen en consumanderen
Nieuws -

Het Groene Boek: consuminderen en consumanderen

Mensen delen tegenwoordig op steeds grotere schaal, denk daarbij aan plukboerderijen, autodelen of een kledingruil. Het basisprincipe van een deeleconomie bestaat erin te consumeren in samenwerkingsverband. We interviewen drie deskundigen inzake deeleconomieën naar aanleiding van het Groene Boek dat nu zondag 6 mei plaatsvindt in het Zuiderpershuis in Antwerpen.

zaterdag 5 mei 2012 14:28

Heike Verselder informeert over het BewegingsProject, Lieven Godderis bespreekt zijn Community Supported Agriculture-boerderij en Angelo Meuleman van Taxistop promoot autodelen. 

Sharing in middenveldorganisaties met Heike Verselder

U ondersteunt het ‘BewegingsProject’, dit is een soort deelproject binnen een aantal middenveldorganisaties van de Christelijke zuil, zoals ACW, CM,… Kan u uitleggen wat het doel is van dit ‘BP’?

Het BewegingsProject is een socio-cultureel project binnen de Christelijke Arbeidersbeweging, meer bepaald een samenwerking tussen de vijf socio-culturele deeltakken van het ACW: kwb, KAV, Pasar, OKRA en Ziekenzorg CM. Het is een tijdelijk project dat drie jaar loopt, met momenteel twee professionele medewerkers in dienst.

Het doel van deze samenwerking is om gezamenlijk experimenten op te zetten rond basiswerk (socio-cultureel verenigingsleven), om antwoorden te vinden op de uitdagingen waar deze klassieke verenigingen mee geconfronteerd worden. Concreet wil dit zeggen dat wij lokaal mensen en potentiële vrijwilligers gaan aanspreken, vanuit verscheidene ideeën die wij hebben over hoe het verenigingsleven er in de toekomst kan uitzien. Die ideeën ontstaan op verschillende manieren: door intern en extern overleg met ervaringsdeskundigen en experts, door gesprekken met vrijwilligers, enzovoort…

In die lokale experimenten laten we de traditionele manier van werken, die in deze vijf verenigingen sterk ingebakken zit, zoveel mogelijk los. Dat wil zeggen dat we niet meer streven naar een klassiek bestuur dat maandelijks samenkomt, maandelijks activiteiten organiseert en maandelijks het ledenboekje van de organisatie rondbrengt bij de leden. We proberen tevens experimenteel om te gaan met ‘lidmaatschap’ door dit open te trekken tot het breder thema ‘binding van de doelgroep aan de organisatie’.

Waar het ons vooral om te doen is, is te kijken hoe de nieuwe vrijwilligers in onze experimenten hun engagement invullen en welke ondersteuning ze bij hun engagement kunnen gebruiken. We vertrekken dus bottom-up vanuit een lokaal initiatief en begeleiden de vrijwilligers langs de weg die ze zelf uitstippelen, met zo weinig mogelijk opgelegde structuren.

Dit idee van ruilen en delen in vormingsbewegingen is relatief nieuw. Ziet u een grote toekomst in deze benadering?

De Christelijke arbeidersbeweging neemt het streven naar een duurzamere samenleving reeds lang ter harte. Het concept van ruilen en delen draagt daar zeker toe bij. In onze socio-culturele deeltakken wordt er dan ook op verschillende manieren geëxperimenteerd met initiatieven rond consumanderen, delen en ruilen: Bij KAV bijvoorbeeld lopen momenteel verschillende LETS experimenten in de afdelingen (in samenwerking met LETS Vlaanderen), kwb heeft reeds een lange traditie van samen aankopen recent ook in herbruikbare luiers en elektrische fietsen.

Ook bij het bewegingsproject vinden we het evident dat we lokale experimenten opzetten rond dit thema. We merken namelijk zowel bij onze lokale groepen, maar ook bij andere innovatieve projecten buiten onze beweging, dat de tijd rijp is om mensen te begeleiden bij dit thema.

Je merkt, wellicht mede door de economische crisis, dat er een toegenomen interesse is in alles wat met consumanderen te maken heeft. Mensen beseffen dat het ook anders kan: je hoeft niet alles zelf te bezitten en veel geld uit te geven aan dure spullen, het is ook waardevol om spullen te delen, of samen aan te kopen. Daarnaast is het ook erg leuk om te ruilen, zeker met je vrienden of buren!

Deze trend in de samenleving willen wij met het BewegingsProject met beide handen grijpen en ten volle ondersteunen. Je merkt namelijk dat mensen vaak interesse hebben in het thema delen en ruilen, maar niet goed weten hoe ze eraan moeten beginnen. Om te delen heb je namelijk anderen nodig, sommigen mensen weten die anderen niet altijd te vinden. Liefst willen ze ook een georganiseerd en veilig kader om het delen en ruilen in te laten plaatsvinden. Socio-culturele organisaties hebben hier bij uitstek een grote rol: zij moeten de expertise verzamelen en mensen begeleiden om deze levensfilosofie te helpen waarmaken. Ik geloof dus inderdaad sterk dat er in dit thema een toekomst is weggelegd voor het socio-cultureel vormingswerk.

Sharing in boerderijen met Lieven Godderis

U bent lid van de Community Supported Agriculture (CSA)-boerderijen. Kan u daar iets meer over vertellen?

Het gaat om een nieuwe vorm van solidaire economie, waarbij de marktvraag naar voedselproductie, distributie en consumptie herbekeken wordt. Sinds 1972 zijn miljoenen gezinnen wereldwijd op zoek naar kwaliteitsvolle en betaalbare voeding. Hiervoor klopt men aan bij lokale boeren om voor hen groenten, fruit en zuivel te telen. Ze delen niet alleen mee in de oogst, maar ook in de klimatologische risico’s van de boer. Deze ‘oogstaandeelhouders’ gaan zelf het veld op, waardoor transport en tussenverkoop grotendeels wegvalt.

Oogstaandeelhouders verschillen van aandeelhouders in een bedrijf, omdat hun verantwoordelijkheid beperkt blijft tot het oogsten van het door hen te eten deel van de gewassen, het mee kiezen van de soorten gewassen en het eventueel mee ondergaan van schade door vorst , wateroverlast, water tekort, hagelbuien, enz… Verder is er voornamelijk het socio-educatief vrijwilligerswerk dat hen aanspreekt om samen recepten uit te wisselen, zich te informeren over tuin- en landbouw en de gemeenschapsvormende activiteiten zoals een aperitiefconcert, BBQ of gegidste wandelingen. In principe dienen ze zich ook meer en meer bewust te worden van het ‘werk’ van de boer en de eerlijke verloning.

Doordat sinds WOII landbouw en tuinbouw zich voornamelijk op de groothandel en distributie is gaan richten, blijft de werkelijke verloning van elke boer in schril contrast staan met de duizenden landbouwingenieurs die het landbouwbeleid in Europese, nationale, gemeenschaps-, provinciale en gemeentelijke onderzoeksinstellingen, ministeries en controleorganismen allerhande (AL&V, ILVO, FAVV, Certifiërings- en controle organen, VLIFF, ANB, monumenten en landschappen, enz…) met vaste maandlonen verdienen.

De werkelijke lobby en economisch-politieke krachten binnen landbouw zitten nu meer en meer in banken, chemische industrie, mechanisatie en de distributie. Hierdoor krijgt de landbouw een hoogtechnologisch en zelfs meer en meer een diensten en digitaal imago, terwijl dat niets meer te maken heeft met wat in de plant, op het veld of in het water aan de hand is.

Innovatie wordt hier verward met wat de ‘primaire’ sector en de werkelijke economie nodig heeft: aandacht voor onze natuur, ons milieu en de mogelijkheden om samen te werken om tot het zo duurzaam mogelijk produceren van werkelijk voedende voeding te komen. In plaats van de huidige focus op export, geldgewin en oneindige groei.

Voor de prijs van één à twee etentjes op restaurant, kunnen oogstaandeelhouders in CSA-boerderijen terug aandacht voor krijgen door het rechtstreekse contact met de seizoenen, de grond, de diversiteit, de economie, ‘hun’ boer, hun gewassen en ‘hun’ boerderij.

Sharing bij Taxistop met Angelo Meuleman

Op welke manier doet Taxistop aan sharing?

Het concept autodelen werd geleend uit Duitsland en Zwitserland. Taxistop ging in 2002 in zee met cambio Duitsland, en creëerde een unieke aandeelhoudersstructuur met de VAB, B-Holding en per regio de lokale openbaarvervoersaanbieder. De keuze voor die structuur is niet alleen een atypisch Belgisch model, maar ook wereldwijd een unieke samenwerking tussen openbaar vervoer en autodelen.

Die keuze werd gemaakt vertrekkend vanuit het doel dat Taxistop voor ogen had bij de oprichting van autodelen, namelijk het belang van de impact op lokale mobiliteit en ruimtegebruik, eerder dan het bedrijf en de winsten op zich. Inmiddels is bewezen dat in België gemiddeld 1 cambio-auto 10 privéauto’s vervangt. Cambio zorgt samen met haar 14000 gebruikers in België voor ongeveer 5000 auto’s minder.

In 2010 werd collaboratieve consumptie gedefinieerd, niet alleen vanuit het concept, maar eerder vanuit een trend: Nieuwe technologieën en sociale netwerksites zorgen ervoor dat delen, lenen, ruilen, … nooit eerder zo populair was.

De rol van Taxistop is daarom gewijzigd. Links en rechts, in binnen- en buitenland duiken nieuwe initiatieven op. Voor Taxistop is autodelen een heel erg belangrijk concept: Het draagt bij tot een grote uitdaging voor steden, namelijk die van mobiliteit en ruimte. Voor de gebruikers is autodelen ook heel erg bepalend. De 14.000 autodelers hebben een keuze gemaakt om op een andere manier met mobiliteit om te gaan; Mobiliteit wordt een rationeel proces, in tegenstelling tot een reflexmatig proces bij autobezitters. Kiezen voor autodelen in plaats van autobezit is daarom een heel erg bewuste keuze met een grote impact op het dagelijkse leven.

Taxistop vindt het heel interessant dat mensen dergelijke vaak ingrijpende keuzes maken. De impact daarvan wil Taxistop graag maximaliseren door niet enkel van mobiliteit een rationeel proces te maken, maar van consumeren in het algemeen. Dit wil Taxistop doen door het concept consu-delen breder bekend te maken bij pers en publiek. Onder andere via een autodeelsalon in 2011, waarop ook andere deelinitiatieven werden getoond en heel gerichte tweets.  Ook door eigen verschillende diensten aan elkaar te linken en ombouwen naar 2.0. En tenslotte door te communiceren over andere deeldiensten, zoals bijvoorbeeld fietsdelen of spullendelen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!