Liberiaanse racties op de uitspraak in de zaak tegen Charles Taylor: de andere kant van de Warlord

Liberiaanse racties op de uitspraak in de zaak tegen Charles Taylor: de andere kant van de Warlord

dinsdag 1 mei 2012 23:47

26 april 2012, het is 7u ’s ochtends in Liberia wanneer ik mijn radio aanzet en zoek naar de BBC World Service en hoor hoe van wat nauwelijks nieuws is, nieuws wordt gemaakt.
Het is heet, maar niet té heet in Monrovia en Freetown en het is koud en winderig in Den Haag. In alle drie de steden wordt alles in gereedheid gebracht voor de uitspraak in de zaak van de door de VN gesteunde bijzondere rechtbank voor oorlogsmisdaden in Sierra Leone tegen de voormalige president van Liberia, Charles Taylor. Terwijl de rechtszaal in Freetown, waar de overige aanklachten reeds zijn afgehandeld, volstroomt met slachtoffers, advocaten en (top)politici, gaat het spitsuur in Monrovia gewoon door.
Rond 9u schakel ik de radio uit en begeef me naar de locale videoclub die de avond voorheen afgeladen vol zat voor de UEFA Champions League halve finale tussen Bayern Munchen en Real Madrid. Via een DSTV sattelietverbinding wordt de volledige uitspraak live uitgezonden. Ik betaal de gevraagde 20 LD en neem plaats tussen ongeveer vijftig Liberianen die vol spanning wachten op de uitspraak tegen hun voormalige president.

Karnplay –dat is waar we zijn- ligt vlak aan de grens met Ivoorkust en Guinee, in de Liberiaanse provincie Nimba. Het is hier dat Taylor op kerstavond 1989 met zijn “Special Forces” Liberia vanuit Ivoorkust is binnengevallen met als doel Samuel K. Doe, de toenmalige president, van de macht te verdrijven.

Op basis van een aantal hier opgevangen reacties op de uitspraak tegen Taylor, probeer ik het beeld van de “warlord”, vereenzelvigd met het kwade, dat domineert in veel Westerse media te nuanceren. Zonder ook maar enigszins in te gaan op de vraag naar schuld of onschuld of zonder een moreel of ethisch oordeel te willen vellen, probeer ik aan de hand van opvattingen over en verhalen rond de figuur van Charles Taylor de complexiteit en gelaagdheid van de sociale en politieke positie die hij inneemt te duiden. Centraal hierin staan niet zozeer de feiten maar eerder de verhalen en hun interpretaties die in Nimba tot de dag van vandaag heel sterk leven.

Wanneer ik de videoclub binnenstap is de rechter al begonnen met het voorlezen van de uitspraak. Het duurt een tijd voor ik dit relaas kan volgen en dat heeft evenveel te maken met de kwaliteit van de luidsprekers als met de details en het juridische jargon waarmee de tekst doorspekt is. Tijdens het voorlezen van het vonnis verlaten een aantal mensen de zaal maar die worden snel vervangen door nieuwkomers die ongeduldig op zoek gaan naar Taylor wanneer een overzichtsshot van de rechtszaal wordt getoond. Iemand merkt op dat hij er nog steeds jong en gezond uitziet. Een volgende houdt het op een korte “Aah Taylor, my pappay”. Maar veel commentaar wordt vooralsnog niet toegestaan door andere toehoorders die zich zo goed en zo kwaad het kan proberen te concentreren om alles zo goed mogelijk te volgen. Als ik even naar buiten stap heerst bij een aantal omstaanders zowel hoop als verbazing terwijl ze de boodschap van de rechter proberen te ontrafelen. Het lijkt er op dat de rechters op bepaalde punten helemaal overtuigd zijn van Taylor’s inmenging in de oorlog in Sierra Leone, terwijl ze dat op andere punten helemaal niet zijn. Ik hoor dat bij sommigen de hoop blijft leven dat hij eventueel toch nog naar “huis” kan terugkeren.

Als ik terug naar binnen stap is het merendeel van de aanwezigen verbaasd als op het scherm verschijnt dat hij schuldig is bevonden. Ik probeer de rechter iets beter te verstaan en begrijp dat Taylor uiteindelijk schuldig is bevonden aan ‘“aiding and abedding” de rebellen in Sierra Leone’. Terwijl de rechter de zaal verlaat begeven ook de toehoorders in Karnplay zich naar buiten. Als ik een aantal onder hen terugvindt onder de grote mangoboom waar palmwijn wordt gedeeld is de verwarring compleet. “Is hij nu schuldig of niet”? “Is hij nu deels vrijgesproken”? “Komt hij dan terug naar huis”? Na heel wat discussie en duiding van verscheidene omstaanders sijpelt stilaan door dat hij wel degelijk schuldig bevonden is en dat hij, hoewel de strafmaat nog bepaald zal worden, hoogst waarschijnlijk niet snel voet op Liberiaanse bodem zal zetten. Voor veel mensenrechtenactivisten, slachtoffers, regeringsleiders en sympathisanten is het uiteindelijk een historische dag geworden. Het eerste voormalige Afrikaanse staatshoofd is schuldig bevonden aan inmenging in criminele praktijken in een buurland. “Laat het een precedent worden en vooral ook een waarschuwing voor andere staatshoofden.” Maar in Liberia blijven velen met gemengde gevoelens achter. En wel om verschillende redenen. Om deze beter te begrijpen is het nodig om even terug te gaan in de tijd.

Taylor: van gevangene, over rebellenleider, tot President.

Na de Coup d’Etat van Samuel K. Doe en twaalf andere militairen in 1980 wist Taylor de leiding te nemen over het Algemene Diensten Bureau. Drie jaar later voelde hij zich genoodzaakt om het land te verlaten en in de Verenigde Staten werd hij aangehouden op verdenking van ontvreemding van ongeveer 900,000 dollar. In afwachting van zijn uitlevering kon hij ontsnappen uit de Amerikaanse gevangenis en heeft hij zijn weg terug gevonden naar West-Afrika. De omstandigheden van zijn ontsnapping zijn tot vandaag bijzonder onduidelijk maar een voormalige Special Forces deed het verkorte relaas van hoe Taylor het verteld zou hebben tijdens een trainingskamp. Een groep gemaskerde mannen zou aan zijn celdeur zijn komen staan en simpelweg de deur geopend hebben. Ze hebben hem naar buiten geleid en zonder ook maar één bewakingsagent tegen te komen werd hij rechtstreeks in een zwarte jeep gebracht. Daar werd zijn gezicht bedekt met een doek en toen die weer werd afgenomen stond hij op een kleine luchthaven waar een jet klaarstond om hem mee te nemen met alle mogelijke documenten en benodigdheden aan boord. Voor hij het goed en wel besefte stond Taylor in Abidjan.

In tussentijd heeft ook Liberia niet stilgestaan. Op 12 november 1985 werd onder leiding van Thomas Quiwonkpa, die voorheen deel uitmaakte van de coup tegen Tolbert en later aan het hoofd van het leger stond in de regering van Doe, een poging tot coup gepleegd. Maar na initiële sucessen met de verovering van een militair trainingskamp en twee radiostations, werd de rebellie hard neergeslagen door de loyalisten van een steeds minder populaire Samuel K. Doe. Aangezien Quiwonkpa tot de “Dan etnische groep” behoorde, volgde harde repressie tegen de Dan en de Mano, een verwante groep, beide voornamelijk uit Nimba. Zowel burgers als soldaten van beide etnische groepen vonden het nodig de hoofdstad en later ook het land te ontvluchten. Er kwamen immers meer en meer berichten over executies en vrachtwagens vol lijken die ergens aan de kust gedumpt waren. Een aantal van die vluchtelingen zijn in 1987 opgepikt door Charles Taylor die zich op dat moment in Abidjan ophield. Hij werd toen gesteund door onder andere Burkina Faso en Libië. Met name in Libië hebben ongeveer 250 van deze Liberianen intense militaire training genoten, vooraleer ze terugkeerden naar Ivoorkust van waaruit een eerste groep op 24 december 1989 de rivier heeft overgestoken en Liberia is binnengevallen. Tot op vandaag blijven een aantal mensen vanuit dat referentiekader ervan overtuigd dat de oorlog “nodig” was om zo “de ogen van de mensen te openen”. Let wel, Taylor zelf is ook in Liberia geen heilige, maar in Nimba leeft nog bij sommigen de idee dat hij heeft gedaan wat nodig was. Nadat Doe van de macht verdreven was heeft Taylor zijn NPFL omgevormd tot de NPP en heeft hij de verkiezingen van 1997 naar zijn hand gezet met de, onder zijn kiezers, populaire slogan “he killed my pa, he killed my ma, I will vote for him”.

Lokale opvattingen over de President Taylor

Minder dan twee jaar na de inauguratie werd Taylor opnieuw belaagd door de LURD en door MODEL , respectievelijk uit het noorden en het zuid-oosten van het land en beide met steun van buitenaf en met de intentie om Taylor van de macht te verdrijven. Taylor was president tijdens een bijzonder tumultueuze periode waarbij de grens tussen het moreel aanvaardbare en onaanvaardbare vaag werd. Mijnbouwbedrijven kregen licenties, ontbossing werd op grote schaal doorgevoerd en de persoonlijke kas van Taylor en zijn loyalisten werd goed gevuld. Maar voor de bevolking in Nimba is die oorlogseconomie op de dag van het voorlezen van de uitspraak slechts één kant van de medaille. Onder de mangoboom wordt door een aantal wel aangehaald hoe elke school blijkbaar verplicht was om lichamelijke opvoeding en “reserve officier-training” op te nemen in het curriculum. Om de zoveel tijd kwam dan een vrachtwagen langs om jongeren op te halen om hen naar de respectievelijke oorlogsfronten te brengen. Maar daarnaast wordt verwezen naar hoe, onder Taylor, iedere leraar op tijd betaald werd en hoe een zak rijst, het basisvoedsel van vele Liberianen, 600 LD kostte, terwijl daarvoor vandaag bijna het dubbele betaald wordt. Of nog: toen een groot buitenlands rubberbedrijf kwam aankloppen zou Taylor hen verplicht hebben om, naast hun exploitatie van rubber, ook een fabriek te bouwen zodat ook verdere productie in handen van de Liberianen terecht kwam.

Maar de grote boosdoener in de verhalen die ik hoor is vaak de VS die LURD gesteund en Taylor laten vallen zou hebben. Een voormalige Special Forces die ik daarover sprak en die bijna twintig jaar lang onder Taylor heeft gevochten, geeft hiervoor twee redenen aan. Eerst was er de Omega Toren in Monrovia, eigendom van de Amerikaanse overheid en één van de twee satellieten op Afrikaanse bodem. Taylor heeft die neergehaald en het terrein omgevormd tot een diamantmijn. Ten tweede is er de zaak rond Firestone, een Amerikaans rubberexploitatiebedrijf dat actief is in Liberia sinds 1926. Mensen hier horen al jaren dat Firestone maar 27cent per ton rubber aan belastingen betaalt en Taylor wou daar verandering in brengen. Beide beslissingen zijn in slechte aarde gevallen bij de Amerikaanse overheid hoewel vooral deze laatste in theorie ten goede zou komen aan de Liberiaanse bevolking.

Frustraties die overblijven na de uitspraak

Na het voorlezen van de uitspraak in de zaak tegen Taylor blijven een aantal mensen in Karnplay achter met een aantal onduidelijkheden. Terwijl de palmwijn vloeit wordt besproken hoe hun democratisch verkozen president is weggehaald door buitenstaanders en dit voor misdaden die hij gepleegd zou hebben in het buitenland.
Velen gaan akkoord dat Taylor geen heilige is maar hij heeft, tot op vandaag, voor velen de “ogen van de Liberianen geopend” en hen bevrijd van een reeks dictatoriale regimes, zowel onder Doe als onder de “Congoes”, zoals vaak verwezen wordt naar de Americo-Liberianen, bevrijde slaven die vanuit de Verenigde Staten zijn teruggebracht en de Liberiaanse staat sinds de 19de eeuw hebben vormgegeven. De oorlog zelf heeft ook gezorgd voor nieuwe netwerken en andere vormen van sociale hiërarchie. Die werken nog steeds door. Tot op vandaag zijn er nog een aantal belangrijke figuren van het Taylor regime die de vruchten plukken van de institutionele onduidelijkheid en de beperkte regulerende kracht van de overheid. De echo’s daarvan klinken door onder de mangoboom in Karnplay.

Na de omvorming van zijn rebellenleger tot een politieke partij is Taylor zogezegd democratisch verkozen door de Liberianen en bijgevolg hebben andere, laat staan buitenlandse instanties geen recht om zich te mengen met Liberiaanse zaken, al helemaal niet omdat die altijd een grote mond opzetten over democratie: “Als er dan eens een president democratisch verkozen wordt, komen ze hem zomaar weghalen”.

Bij een aantal aanhangers van het eerste uur, niet in het minst in Nimba, heerst het gevoel dat de Verenigde Staten, en bij uitbreiding de “Internationale Gemeenschap”, een begrip dat sinds het ingrijpen van de Verenigde Naties in het conflict ingeburgerd is, mee verantwoordelijk is voor de aanvallen van de LURD en MODEL sinds 1999. Het is geen geheim dat die eerste gebruik gemaakt heeft van Amerikaanse wapens die eigenlijk bedoeld waren voor het Guineese leger, maar van officiële steun zijn weinig bewijzen. De rebellie van beide partijen zou slechts een eerste poging geweest zijn om Taylor van de macht te verdrijven. De aanklachten die later volgden waren in de “Nimba-perceptie” een volgende stap in eenzelfde proces. Een proces waarbij alles boven de hoofden van de Liberianen beslist wordt. Zijn veroordeling voor zijn inmenging in het conflict in Sierra Leone, eerder dan in Liberia, wordt gezien als beperkt gelegitimeerd aangezien de internationale gemeenschap nooit op de proppen is gekomen met een aanklacht binnen Liberia. De veroordeling voor “aiding and abedding” hypothekeert hier de legitimiteit van de veroordeling nog verder. Immers,sinds de publicatie van de aanbevelingen van de Waarheids- en Verzoeningscommissie in Liberia zelf zijn nog geen stappen ondernomen om tot een aanklacht, laat staan een vervolging voor oorlogsmisdaden over te gaan.

Bij wijze van conclusie

Toen ik op 27 april ’s avonds opnieuw de radio op BBC afstemde, benieuwd of er nog reacties gekomen waren, was er een jurist die meer uitleg moest geven over de betekenis en implicaties van “aiding and abedding”. In zijn introductie over de zaak kon hij het niet laten om te verwijzen naar de rol die Taylor had gespeeld in het voorzien van de rebellen in Sierra Leone van wapens, satelliettelefoons en medicijnen waarmee de soldaten zich konden wassen om zich te beschermen tegen kogels van de vijand. Zijn sarcastische lach na die laatste opmerking kon zijn misprijzen en onbegrip amper verhullen…

Nog té vaak worden de conflicten in West-Afrika in het algemeen gezien als primitief en barbaars, terwijl ze eigenlijk gemotiveerd en georganiseerd waren op een manier die de moderniteit voorbij gaat . In eenzelfde beweging wordt Taylor vaak afgeschilderd als een barbaar die dicht aanleunt bij het pure kwaad. Er is ook veel gebeurd dat geenszins door de beugel kan. Maar een meer gedetailleerde analyse geeft aan dat er meer kanten aan dit verhaal zijn.De oorlog is niet de loutere zaak van één man geweest. Hij is gelopen zoals oorlogen lopen: in een samenspel tussen uitgebreide militaire, politieke en economische netwerken, in een complexe betrokkenheid van individuen, bedrijven en overheden. Elementen waar in de uitspraak tegen Taylor bijzonder weinig naar verwezen werd.
Een gelaagde analyse van de positie van Charles Taylor geeft aan dat die, afhankelijk van de context, anders gezien en geïnterpreteerd wordt en dat die interpretaties vaak ver afstaan van het formele internationale recht.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!