Meertaligheid spreekt voor zich

Meertaligheid spreekt voor zich

maandag 30 april 2012 12:13

Bovenstaande titel is de titel van een boek dat ik zopas als “editor” en niet meer dan dat (- enkel “editen”) heb laten verschijnen bij uitgeverij Acco. Een verhaal over 30 jaar meertalig onderwijs van Foyer (ondertitel). Ik raad het iedereen aan die in meertaligheid en opvoeding/onderwijs geïnteresseerd is. Let wel: het boek brengt geen hoogstaande theorieën. De theorieën zijn zo goed als afwezig gebleven in het boek (al was het project heel sterk theoretisch onderbouwd) – een bewuste keuze. Maar we verkozen dat het boek door de rechtstreeks betrokkenen geschreven zou worden, heel concreet, levendig. En men kan er veel uit opsteken.

De achterflap: “30 jaar lang heeft Foyer getracht meertaligheid voor zich te laten spreken in een onderwijsproject dat minderheidstalen een structurele plek gaf binnen het curriculum van het basisonderwijs. Gebruik makend van de beleidsmogelijkheid Onderwijs in de Eigen Taal en Cultuur organiseerde en begeleidde Foyer projecten ten behoeve van voornamelijk Turkse, Italiaanse en Spaanstalige kinderen.

Voor Foyer was de acceptatie en de inzet van deze talen als meerwaarde vanzelfsprekend. Het maatschappelijk klimaat rond deze benadering wisselde nogal eens.”

Recent sloeg het maatschappelijk klimaat zelfs zo diep om, dat enkel nog Vlaams-Vlaams-Vlaams telde… ach ja, bij uitbreiding ook Frans en vooral Engels, maar dat wordt nog een beetje afwachten om echt te weten wat het wordt. Maar de politieke beslissingen werden ondertussen wèl genomen, met een ongelooflijk cynisme, op politieke, niet op wetenschappelijke gronden. Laat dit duidelijk zijn.

Nog eens de achterflap: “Het is het levendige verhaal van drie decennia werken aan een proces waarin naast specifieke onderwijsdoelen ‘community building’ in de betrokken gemeenschappen centraal stond.

De wetenschappelijke kaders en opvolging van het project kregen in het verleden vooral in internationale kringen heel wat aandacht.”

Een vaststelling die ik zelf ondertussen deed: In Vlaanderen wisselt het wetenschappelijk kader niet een klein beetje naar gelang het subsidiebeleid van de overheid wisselt. Ik ontdek namelijk dat de theorievorming bij sommige (niet alle!) Vlaamse academici zich met verbazend gemak aanpast naar gelang de overheid haar prioriteiten wisselt. Maar wees gerust, t.a.v. deze vrienden academici, daar gaat dit boek niet op in. Ik kan u echter verzekeren dat het schrijnend is. Dit boek wil echter niet afrekenen, noch met het beleid noch met die academici. Die houden we dus volledig buiten de ’picture’ in het boek.

Nogmaals de achterflap: “Het boek wil op de eerste plaats de ervaringen bundelen van diegenen die er het nauwst bij betrokken waren: de kinderen, hun ouders, de leerkrachten, de directies en de begeleiders.

Het boek richt zich dan ook op de eerste plaats op al wie meer inzicht wil verwerven in hoe dit meertalig onderwijs concreet in zijn werk ging. Het is tevens een bron van inspiratie voor wie geïnteresseerd is in integratieprocessen waarbij de allochtone gemeenschap en onderwijs op gelijkwaardige voet participeren.”

Laat me toe hier even op een recent doctoraatsonderzoek in te gaan, nl dit van Jelle Mampaey, universiteit van Hasselt. Als een reactie op mijn reactie op zijn doctoraatsonderzoek, verschenen in De Wereld Morgen en op foyer.be, liet Dr Mampaey me weten dat De Morgen hem verkeerd begrepen had en heel eenzijdig over zijn onderzoek geïnformeerd had. Hij stuurde me zijn persbericht naar aanleiding van zijn doctoraatsthesis. Ik citeer hieruit: “Etnisch diverse school weerspiegelt maatschappij: Jelle ontdekte dat inclusieve scholen die hun aantrekkingskracht voor autochtone leerlingen en ouders behouden sterk investeren in ’impressiemanagement’. Ze bestrijden dominante stereotiepen rond etnische diversiteit en behouden daardoor het kwaliteitsimago van hun onderwijs. Ze stellen bijvoorbeeld etnische diversiteit voor als een troef omdat dit de maatschappij van de toekomst weerspiegelt. Zo bereidt de school haar leerlingen dus beter voor op die maatschappij. Jelle formuleert van daaruit ook een aanbeveling voor etnisch diverse scholen: het is belangrijk dat ze aan hun imago blijven werken.”

Ik ben het er volledig mee eens dat het erop aankomt etnische en taalkundige diversiteit als een troef en een kwaliteitsimago te hanteren, maar het moet geloofwaardig gebeuren. In die zin ben ik niet gelukkig met de term “impressiemanagement”, wat iets te veel de indruk wekt dat je eigenlijk maar doet alsof en dat de werkelijkheid ondertussen mag zijn wat ze is… Nee, Jelle, je moet geloofwaardig zijn in wat je als school beweert, maar… inderdaad, je moet tegelijk je kwaliteiten reëel als kwaliteiten kunnen overbrengen. Dat is wat de Foyer bedoelde en effectief realiseerde, althans als ik de leerkrachten, de voormalige kinderen en de schooldirecties mag geloven die zich in ons boek uitspreken.

Ik eindig met het citeren van enkele voormalige leerlingen:Muhammed Yesilot (26), in België geboren, ondernemer: “Nu reis ik voor mijn job regelmatig naar Turkije. Ik heb gemerkt hoe belangrijk taal daarbij is om contacten te leggen.” (Turkije is een ‘boomende’ economie aan de grens van Europa; het wordt stilaan tijd dat sommigen bij de Vlaamse overheid dat ontdekken.). Miguel Angel (Ecuador): “ik had nooit mijn meervoudige identiteit zo goed kunnen ontwikkelen. Dat denk ik als toekomstige leerkracht, ik heb nu een bachelor Frans en economie.” Nadia Vaccaro (Italië): “Na mijn studies heb ik zelfs verschillende keren headhunters achter me aan gehad omdat ik verschillende talen sprak…”.

Helaas… de interesse voor het project was groter buiten Vlaanderen, dan in Vlaanderen. Dit zijn de feiten.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!