Interview, Nieuws, Internationals -

LuisterPost Interview Internationals: “Doelbewust kiezen voor diversiteit”

Het Antwerpse gezelschap Internationals maakt nog altijd de naam waar met hun muziek zonder grenzen. Het tot nu toe grotendeels instrumentale ensemble krijgt op de nieuwe cd ‘Mousetrap’ versterking van zangeres Lize Accoe en gitarist Marc Thijs. Dinsdag trappen ze de 1 meiviering op het Brusselse Rouppeplein af.

donderdag 26 april 2012 23:42

De Antwerpenaren kwamen zo’n tiental jaar terug in het vizier met razend knappe instrumentals waaraan altijd wel een reggae- of skatintje zat. Hun laatste cd tot nu toe was het fijne Wonders Of The World uit 2006. Nu pas verschijnt de vierde plaat na wat drummer Lieven Declerq en gitarist Denis Dellaert een ‘verrassend lange pauze’ noemen.

Meest opvallend aan deze nieuwe cd: er wordt op meer dan de helft van de composities gezongen. De stem klinkt ook niet onbekend, want het is die van Lize Accoe, voormalig zangeres van DeLaVega. We wisten al dat ze gek is op hiphop en soul, maar hoe kwam ze bij Internationals terecht?

Declerq: “Eigenlijk zijn we altijd bewust een instrumentale band geweest. Toen we weer begonnen, vonden we echter dat het met een nieuw elan moest zijn, we wilden extra input. We kenden Lize en zagen haar in die tijd spelen op de Gentse Feesten. Meteen dachten we: dat is een stem die we echt eens moeten proberen. We vroegen haar om te kijken of het klikte en vanaf de eerste minuut was het al raak.”

Dellaert: “Lize heeft namelijk een volle stem die goed bij onze sound past. Met een schriel stemmetje zou dat niet lukken.”

Declerq: “Het is natuurlijk zo dat we acht jaar met volle kracht instrumentale muziek hebben gemaakt. Het was dus zeker niet de bedoeling om gas terug te geven, om plaats in te ruimen voor de stem.”

Dellaert: “Een vierde instrumentale cd leek ook niet echt een uitdaging.”

Toch willen jullie het instrumentale niet op de achtergrond schuiven. Na zes gezongen nummers volgen er nog vijf instrumentals. Doelbewust?

Declerq: “We bekijken muziek nooit vanuit de tekst. Een liedje bestaat voor ons gewoon uit een goede harmonie, een leuk schema, een vette groove… en als de muziek sterk genoeg is, dan is er geen nood aan om er nog eens een tekst aan te breien. We plannen dat liefst zo weinig mogelijk, het moet organisch verlopen.”

En dan is er nog een tweede bekende muzikant bijgekomen: rootsgitarist Marc Tee (ex-Electric Kings, echte naam Marc Thijs). Maar hij was geen nieuwkomer, hij produceerde immers jullie eerste cd.

Declerq: “Toen hij Fun-kee Ara-bee! in 2002 produceerde, kende het grootste deel van de groep hem niet. Het was Denis die hem vroeg. Marc maakte heel veel indruk op ons in de studio en bleek vrij streng, maar dat had wel een enorm positieve invloed op die plaat. Hij is voor de rest nooit uit het zicht verdwenen en speelde al eens mee bij optredens. Het leek ons dan ook aangewezen dat hij er deze keer volledig bij was.”

Dellaert: “Hij wilde dat zelf ook graag. Net voor we de eerste keer terug gingen optreden kreeg ik van hem een smsje: ‘Ken jij geen reggaeband die een gitarist zoekt?’”

Declerq: “Hij is gepokt en gemazeld in de blues. Dat is zijn thuis en waar hij als producer heel veel werk heeft en met tal van grote namen samenspeelde. Een bluesmuzikant met een heel brede kijk op muziek die ook houdt van reggae en ska. We spreken dus dezelfde taal.”

De muziek op Mousetrap lijkt wel meer georiënteerd op soul. Ik dacht aan de Dap-Kings met een reggae-inslag. Klopt die observatie ook een beetje voor jullie?

Declerq: “De soulinvloed komt zeker door Lize, ze is een echte soulmadam. Ik denk ook dat het daarom zolang geduurd heeft voor we een zanger vroegen. We wilden zeker geen reggaezanger, want we zijn allemaal blanke mannen. We hebben heel veel respect voor reggae en zijn er allemaal zot van. We moeten echter niet doen alsof we gekwelde Jamaicanen zijn die een exodus naar Afrika aan het plannen zijn of dergelijke. Het zou toch heel vreemd zijn als we daar mee zouden afkomen. Het zou fake zijn, iets waar we ons altijd voor behoed hebben.”

Jullie zijn al een tijdje artist in residence in Muziekcentrum Trix. Wat houdt dat in?

Declerq: “Trix geeft bands de kans om een jaar gebruik te maken van de infrastructuur. Je krijgt een repetitiekot, een sleutel, de alarmcode en je kan hier 24 uur op 24 binnen. Ze vragen maar een paar zaken als wederdienst. We hebben bij voorbeeld aan bandcoaching gedaan en deden onze cd-première in Trix. Het is echt een initiatief dat bands die op het punt staan van een cd op te nemen om die structureel te ondersteunen.”

De vorige hoes refereerde naar een Indisch luciferdoosje. Wat zit er deze keer achter een meisje met een apenkop op een vintage motor?

Dellaert: ”Het is het eerste beeld dat mij binnenschoot toen we aan Mousetrap begonnen. Ik heb het zo in mijn schetsboek staan: een meisje op een moto, met een apenkop. Het heeft iets heel seventies soulachtig omdat de muziek die richting uitgaat. De motor is ook een kleine hommage aan Marc, een echte motorfreak. En verder: wie doet zoiets nog? Een griet op een moto, dat is zo cliché dat je het nergens meer ziet.”

Is het ook een referentie naar het nummer ‘Jungle’?

Declerq: “’Jungle’ is een track die oorspronkelijk op een andere plaat van ons stond, maar die is nooit uitgekomen. Het nummer is de brug naar deze cd geweest.”

Dellaert: “Er ligt nog een volledige plaat op de plank, die hebben we opgenomen net voor onze break. We hebben ze nooit afgewerkt.”

Declerq: “In dat nummer zit wel een environmental statement. De jungle wordt weggekapt aan grote snelheid, terwijl je in die song de jungle nog hoort…”

Het nummer ‘Today’ bevat dan weer een carpe diem-boodschap.

Declerq: “We zijn een bende positivo’s. Ook bij min 12 blijven we vrolijke reggaetunes maken. Dat typeert de band: we blijven dit heel graag doen. Je kan ons het best omschrijven als vrolijk, maar met diepgang.”

Tegelijk is de muziekstijl dus ook een statement?

Declerq: “We kiezen doelbewust voor diversiteit, want we zien veel voordeel in een multiculturele maatschappij. En toen we naar Zuid-Afrika gingen om te spelen, toonden we duidelijk wie we zijn en wat we denken, zonder daar grote slogans aan vast te knopen. Ook in onze samenwerkingen met buitenlandse gasten hebben we altijd getoond dat we heel graag open staan voor andere culturen.”

Over samen spelen gesproken. Jullie begeleidden de Ierse artpunklegende Gavin Friday in de Laatste Show. Hoe was dat?

Declerq: “We zagen dat eerlijk gezegd niet echt zitten. De helft van de band wist zelfs niet goed wie hij was. De combinatie van een dergelijke cultfiguur en dan nog een nummer van Jacques Brel (er werd gekozen voor een Engelstalige versie van Brels ‘Au Suivant’)… We zaten nog met twijfels tot na de repetities, maar toen de take kwam, bleek Gavin Friday heel goed te zijn. Muzikaal was het nochtans niet zo gemakkelijk. Hij bleek verder ook een echte diva. Heel barok, theatraal…”

Dellaert: “Stel je voor, we speelden de muziek voor hem en toen overlegde hij met zijn vriend en de rest van de namiddag heeft hij telkens weer gezegd dat het donkerder moest… Uiteindelijk is het allemaal nog goed gekomen.”

Koen De Meester

Mousetrap is nu uit op Petrol.

Internationals spelen op het 1 Mei-feest in Brussel, samen met Roland, Squadra Bossa en Buscemi en ZAZ.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!