Nieuws, België, Tmd, De Standaard, Watmet, Dossier N-VA -

De onwaarheden van De Wever: vergissingen of bewuste leugens?

De Standaard brengt verslag uit van een speech die Bart De Wever hield in Kapellen. Daaruit blijkt dat hij zijn publiek minstens twee groteske onwaarheden vertelt… en dat de krant nalaat haar publiek daarop te wijzen.

vrijdag 20 april 2012 15:42

De politicus Bart De Wever op tournee door Vlaanderen, dat is niet echt nieuws. Interessanter is wat hij te vertellen heeft. En dat is wat De Standaard verslaggever ook brengt in zijn reportage, weliswaar in combinatie met heel wat aandacht voor de zaak-Pol Van Den Driessche. [1]

Laten we ons echter concentreren op de inhoud van de speech. Omdat het belangrijk is dat er ernstig politiek debat wordt gevoerd over de meest cruciale maatschappelijke thema’s. En omdat ook de media erover moeten waken dat dit debat niet wordt vervuild en gekruid met al dan niet bewuste vergissingen, onwaarheden of zelfs regelrechte leugens.

Een bewering die volledig onwaar is

We nemen daarom twee beweringen onder de loep.

De eerste, we citeren letterlijk uit het krantenverslag: “De Wever wijst op de dramatische arbeidsperspectieven van mensen die via gezinshereniging naar België komen. ‘Het is een drama’, zegt hij, ‘dat we na vier generaties nog altijd over allochtonen spreken en zij zich ook zo voelen. Het kan anders, kijk naar de Verenigde Staten. Daar kan een zoon van wat bij ons een allochtoon zou zijn na één generatie president worden.’ ”

De politicus begint dit deel van zijn betoog met een reëel probleem. Maar het einde is een wel heel storende onjuistheid. Want exact hetzelfde als wat kan in de Verenigde Staten, is ook een feit in België vandaag. Premier Di Rupo is, net als president Obama, de zoon van een ‘allochtoon’ en na één generatie beland op het hoogste ambt in dit land, net als Obama in zijn land.
De bewering dat dit dus wel kan in de Verenigde Staten en niet bij ons is met andere woorden volledig onwaar.

Tax Freedom Day drie en een halve maand verkeerd situeren, ‘il faut le faire’

Tweede bewering dan, en we citeren opnieuw eerst het krantenverslag: “Hij laat de zaal raden naar tax freedom day, de dag waarop iedereen voor zichzelf begint te werken in plaats van voor de overheid. ‘Augustus, hoor ik? Neen. September ook niet. 1 oktober is het.’ De zaal hapt naar adem.

Los van het feit dat De Wever hier volledig voorbijgaat aan het feit dat de toehoorders in de zaal wel kunnen gebruikmaken van de wegen en andere infrastructuur in dit land, dat hun kinderen naar school zijn kunnen gaan, dat ze van een pensioen of goede gezondheidszorg genieten, en nog van veel meer publieke voorzieningen, allemaal bron van welvaart en welzijn betaald uit de inkomsten van belastingen en sociale zekerheid… is hier één groot feitelijk probleem.

Want wie opzoekt wanneer die zogenaamde tax freedom day dan echt valt in België, kan makkelijk vinden dat het in 2011 niet op 1 oktober was… niet in september… niet in augustus… zelfs niet in juli. Het was op 10 juni het geval. Tenzij er iets volledig onverklaarbaars aan de hand zou zijn met onze belastingen, zal die dag ook in 2012 in die periode vallen…  Dat is meer dan drie maanden, zelfs meer dan drie een halve maand vroeger, dan wat Bart De Wever zijn publiek vertelt.

Dit is minstens gênant. Ofwel omdat De Wever – of zijn medewerkers – niet in staat zouden zijn de juiste datum te achterhalen. En dus blijk zouden geven van zelfs makkelijke feitenkennis niet op het spoor te kunnen komen.

Ofwel, en dan is het nog gênanter, deze politicus beschikt wel over deze feitelijke kennis, maar speldt heel bewust zijn toehoorders iets anders op de mouw, en verspreidt dus bewust leugens. Dat is intoxicatie van een publiek debat dat verdient gevoerd te worden in alle sereniteit, met respect voor de feiten als minimale ondergrens. De Wever laat hier minstens grote twijfel over zijn intenties om eerlijk aan politiek te doen, alvast deze uitspraak is daar in flagrante tegenstrijd mee. En het is ronduit ontgoochelend voor een politicus die zijn jongste boek titelde: werkbare waarden.

Ondertussen bij De Standaard: de journalist en de ombudsman

Al even gênant is de werkwijze – of liever het gebrek daaraan – van de betrokken journalist van De Standaard. Het is onwaarschijnlijk en journalistiek onaanvaardbaar van de al te opvallende onjuistheid van wat De Wever beweert niet meteen op te merken of snel op het spoor te komen. Dit zou namelijk betekenen dat driekwart van het nationaal inkomen naar belastingen en sociale zekerheid zou gaan.

Het wordt nog meer gênant omdat de krant zich wel degelijk bewust is van het probleem van onjuiste beweringen in interviews. Niet langer dan twee dagen geleden heeft Tom Naegels, ombudsman van De Standaard; er in zijn rubriek voor gepleit om “beweringen van geïnterviewden voor publicatie op hun waarheidsgehalte te controleren”. Dat gebeurde naar aanleiding van een foute bewering door Peter Mertens (voorzitter PVDA) over Lidl in een dubbelinterview met Bruno Tobback (voorzitter SP.A). En zijn stuk is meteen ook een voorbeeld van hoe dat checken zou kunnen werken.
Maar blijkbaar leert niet elke collega uit zijn rubriek.

Voetnoten

  • [1]Over dat laatste kunnen we kort zijn. Het blijft onbegrijpelijk en niet te vergoelijken dat er zoveel jaren geleden niet is opgetreden op de redactie van Het Nieuwsblad, niet door de journalistieke verantwoordelijken, niet door de directie en niet door de vakbond.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!