Dominique Willaert & Ludo De Brabander
Interview, Nieuws, Politiek, Cultuur, België, Eye on palestine, Victoria Deluxe, Vzw vrede -

Palestina in de kijker: derde editie Eye on Palestine weldra van start

Filmfestival Eye On Palestine is dit jaar aan zijn derde editie toe. Sinds zijn ontstaan is het festival alleen maar gegroeid, terwijl de situatie in Palestina er voort op verslechterde. Ludo De Brabander, stafmedewerker Vrede VZW en Dominique Willaert, artistiek leider Victoria Deluxe, blijven echter hoopvol. "Het ergste wat er kan gebeuren, is dat we er ons bij zouden neerleggen".

maandag 9 april 2012 17:07

De twee oprichters van het alternatieve filmfestival zijn drie jaar na de start nog steeds even gedreven om de wantoestanden in Palestina onder Vlaamse aandacht te brengen. Er is een gedeelde verontwaardiging, die in daden omgezet werd na een gezamenlijke reis naar de bezette gebieden in 2008.

Dominique Willaert: “Ludo nodigde mij toen uit om deel te nemen aan een door hem georganiseerde slimme inleefreis naar Palestina. Hij had verschillende mensen uit de culturele wereld uitgenodigd, vanuit het idee dat ze zodanig geraakt zouden worden door de toestand daar dat ze er nadien in hun werkveld iets mee zouden willen doen. En dat was ook zo. Na die inleefreis had ik echt het gevoel dat ik met de ervaringen die ik daar had opgedaan iets concreet in gang moest zetten. Zo ontstond de voedingsbodem om binnen Gent een soort van festivalletje op te zetten dat aandacht wou ontwikkelen voor de complexe Midden-Oosten-problematiek.”

Ludo De Brabander: “Vanuit Vrede volgden we Palestina al heel lang. Ik was er ook al veel geweest, onder meer door die inleefreizen die ik regelmatig organiseer. Soms doe ik dat inderdaad met een bepaald soort publiek, met de bedoeling om mensen door het zien van de toestand daar zelf tot actie te bewegen. Met die reis was het echt de bedoeling om vanuit een meer culturele invalshoek naar het conflict te kijken.”

Wie was daar toen zoal voor uitgenodigd?

Willaert: “Kristien Hemmerechts, Johan Swinnen en Patrick Deboosere van de VUB, Bernadette Meehaerts, Ludo De Witte, …”

De Brabander: “De opvolging was zeer goed, zeker wat Victoria Deluxe betreft. Maar ook Kristien Hemmerechts publiceerde bijvoorbeeld, tot onze blije verbazing, vijf pagina’s over de reis in De Standaard.”

Bij jullie terugkomst beslisten jullie om er een festival rond op te zetten.

Willaert: “De motivatie kwam niet enkel van ons. MENARG, de vakgroep voor de studie van het Midden-Oosten en Noord-Afrika aan de universiteit van Gent, zat op eenzelfde spoor te werken. Daarnaast was Joachim Ben Yakoub als jonge gast net aangesteld bij de Pianofabriek in Brussel en wou die er ook iets rond doen. Plots kwamen er een aantal zaken samen die duidelijk maakten dat we er voor konden gaan.”

De Brabander: “Ik denk dat het feit dat Dominique mee aan de start stond een belangrijke rol heeft gespeeld. Ook omdat Victoria Deluxe meer thuis is in dat soort culturele projecten dan wij bij Vrede. We werkten ook al een tijdje samen rond verschillende dossiers met MENARG. Toen ontstond het idee voor dat festival. De interesse groeide en we ontdekten dat mensen als Omar Jabary Salamanca van MENARG een grote expertise hadden op het vlak van Palestijnse film, iets wat erg belangrijk was om het festival verder te kunnen ontwikkelen.”

Waarom kozen jullie specifiek voor een filmfestival?

De Brabander: “Vanuit Vrede toerden we eigenlijk al lange tijd het land rond met vormingen en lezingen over Palestina en andere conflictgebieden. Op veel van die activiteiten trokken we echter een gelijkaardig publiek, mensen met elementaire interesse in internationale politiek. We wilden uiteraard ook het bredere publiek bereiken. Een ander medium, zoals film, leek ons daarvoor ideaal.”

“Een ander aspect dat meespeelde, was dat we natuurlijk zelf de mosterd niet hadden uitgevonden. Op heel wat plaatsen in de wereld bestonden er al gelijkaardige festivals: Londen, Chicago, Boston, Vancouver, …  Daarnaast is het conflict in Israël en Palestina er één dat enorm veel gefilmd wordt. Er is heel veel belangstelling vanuit de filmwereld, zowel qua documentaires als qua fictie.”

Waarom specifiek een filmfestival over Palestina? Er zijn tenslotte nog andere conflicthaarden wereldwijd.

De Brabander: “Die vraag krijgen we natuurlijk ook in het algemeen, waarom we in onze werking zo de nadruk leggen op Palestina. In eerste instantie is het natuurlijk een conflict met ontzettend veel onrechtvaardigheid en een symbooldossier dat repercussies heeft in heel de regio. Maar de belangrijkste reden is eigenlijk dat er wereldwijd geen enkel land is dat zich zoals Israël zoveel kan permitteren en desondanks zo enorm in de watten wordt gelegd.”

“Ondanks een bezettingspolitiek, een repressiepolitiek, ondanks de oorlogen die het gevoerd heeft met de daaraan gekoppelde oorlogsmisdaden, is het een land dat jaarlijks voor drie miljard dollar militaire steun krijgt van de VS. Daarenboven werd het door Javier Solana (voormalige Hoge Vertegenwoordiger voor het Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de EU, red.) benoemd als het land dat zo nauw samenwerkt met de Europese Unie dat het eigenlijk de status heeft van een lidmaatschap zonder het effectief te zijn.”

Willaert: “Het is ook het conflict bij uitstek waar de internationale politiek en internationale instellingen het sterkst gefaald hebben. En het vertelt veel over andere belangenconflicten in heel die complexe regio. Je zoomt in op Palestina en Israël, maar meteen vertel je ook iets over de veel bredere context in het Midden-Oosten.”

Ondertussen is het festival al aan zijn derde editie toe. Is er in die tijd veel veranderd?

De Brabander: “Ik ben zelf verrast dat we er vorig jaar, en dit jaar opnieuw, in geslaagd zijn om zo’n uitgebreid aanbod te kunnen brengen. De tweede editie van het festival was al een heel stuk groter dan het eerste, iets waar we als kleine vzw eigenlijk niet op voorbereid waren. Ik was vorig jaar wel ontgoocheld in de beperkte mediabelangstelling. We investeerden toen heel veel in de inhoud van het festival, maar misschien te weinig in het bekend maken van dat aanbod. Daar hebben we deze keer meer aandacht aan besteed, wat wel zijn vruchten lijkt af te werpen.”

Willaert: “We hebben ook beiden het verlangen om in de toekomst met het festival banden aan te gaan met het onderwijs. Er zijn op dat vlak een aantal win-winsituaties mogelijk die we, misschien omdat we te klein zijn, niet ten volle kunnen benutten. Het programma dat we aanbieden, is zo rijk en zo divers dat  het een unieke kans biedt om samen te werken met onderwijs en vormingswerk.”

Speelt het in jullie nadeel dat het zo’n politiek geladen thema is?

De Brabander: “Het is misschien een politiek geladen dossier, maar tegelijkertijd voel ik wel dat er ook een zeer grote openheid bestaat vanuit diverse werelden om met ons samen te werken. Zeker in de culturele wereld denk ik dat veel mensen onze boodschap begrepen hebben. Vorig jaar heeft het theater- en dansgezelschap Les Ballets C de la B zich bijvoorbeeld spontaan aangeboden om een bijdrage te leveren aan het festival. Je merkt ook dat bijvoorbeeld het intercultureel centrum De Centrale, wat toch een stedelijke instelling is, met veel plezier deelneemt aan dit soort project.”

Willaert: “Vanuit Eye on Palestine kiezen we er dan ook echt voor om het conflict vanuit verschillende perspectieven te bekijken. Het is geen dogmatisch activisme of een verborgen manier om aan strakke politiek te doen. De keuze om heel breed, gelaagd en genuanceerd te programmeren, is volgens mij een goede keuze. Dat kan ons zeker niet verweten worden.”

De situatie in Palestina is er de voorbije jaren niet op verbeterd. Heeft dat een invloed gehad op het festival?

Willaert: “Ik denk het wel. Maar wat ik vooral vaststel, is dat wanneer je denkt dat het ergst mogelijke zich al heeft voltrokken binnen dat conflict, er nadien toch nog ergere dingen gebeuren. Dat is een zeer vreemde situatie. Het bombarderen van Gaza, het steeds maar bijkomen van nieuwe kolonies op de Westelijke Jordaanoever, de politieke impasse op internationaal vlak, … Het blijft echt onbegrijpelijk.”

De Brabander: “Het is inderdaad een conflict dat volledig vast zit. Dat uit zich ook in onze programmering. Uit verschillende films, ook in deze editie, blijkt dat er ter plekke veel humor bestaat om met die impasse om te gaan. En als er natuurlijk flagrant onrecht plaatsgrijpt in Palestina, weerspiegelt zich dat ook in ons documentaireaanbod, met documentaires die dergelijke situaties aan de kaak stellen.”

De situatie zit momenteel muurvast. Blijven jullie strijdvaardig? Lukt het nog om je daarvoor op te laden?

Willaert: “Absoluut. We halen ook veel hoop uit de films en documentaires die we tonen. Want geen enkele maker kiest voor een lineair antwoord. Ze kiezen er net voor om diep in te gaan op de dingen, wat voor mij op zich al een metafoor voor hoop is.”

De Brabander: “Het ergste wat er kan gebeuren is dat we er ons bij zouden neerleggen. Natuurlijk heb je af en toe een gevoel van onmacht, maar tegelijkertijd is het noodzakelijk om voortdurend verontwaardiging te tonen. Want verontwaardiging kan je positief kanaliseren naar constructieve acties. Ik denk ook dat er altijd hoop is. Wat moeten de Palestijnen anders zeggen? Zij moeten tenslotte leven in dat conflict. In elk geval zien ze zelf altijd perspectief. Dat is met alles zo. Als je gelooft in een rechtvaardige wereld, dan moet je er voor vechten. Je krijgt zoiets niet gratis. Hetzelfde geldt voor Palestina.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!