Irreguliere Migraties en Regularisaties

Irreguliere Migraties en Regularisaties

maandag 2 april 2012 11:23

België heeft recent twee maal een regularisatiecampagne gehad. Een eerste maal in januari 2000, toen 38000 dossiers ingediend werden (let wel: een dossier staat soms voor een gezin), waarvan er, als ik me niet vergis, 25 à 30.000 goedgekeurd werden. Een tweede maal tussen 15 september en 15 december 2009 toen ca 30.000 dossiers ingediend werden waarvan er momenteel 80% afgehandeld zijn en waarvan de 20% die over blijven vermoedelijk meestal negatief zullen uitvallen voor de betrokkenen. Was zo’n regularisatiecampagne nu een goede of een slechte zaak?

Om dit correct te kunnen beoordelen, lijkt het me noodzakelijk om eerst goed zicht te krijgen op de reële samenstelling van de categorieën irregulier verblijvenden. Eenmaal dat men dit in kaart heeft gebracht, kan men dan nazien van welke criteria een regularisatiecampagne zich bedient om deze cluster aan categorieën te benaderen. Men kan dan nadien begrijpen welk profiel van irregulier verblijvenden men in feite geregulariseerd heeft en conclusies trekken voor de toekomst.

Weet men wie, categoriegewijs, de irregulier verblijvenden in ons land zijn? Midden jaren 90 heb ik zelf na een tot Brussel beperkt onderzoek (opgedragen door toenmalig Gewestminister Vic Anciaux) vastgesteld dat er minstens twee grondig verschillende categorieën irregulier verblijvenden zijn: een categorie die ik verblijfsillegalen noemde en een categorie die ik arbeidsillegalen noemde. Verblijfsillegalen zijn mensen die hun land ontvluchten omdat er daar een burgeroorlog aan de gang is of omdat het daar gewoon onleefbaar is en naar hier komen met het oog op een betere toekomst voor zichzelf of minstens voor hun kinderen. Arbeidsillegalen komen naar hier omdat ze hier op korte termijn meer geld verdienen dan in hun streek van herkomst.

Tijdens haar onderzoek ongeveer 10 jaar later, uitgevoerd op last van de ministers Verwilgen en Keulen, is Masja Van Meeteren (onder leiding van prof. Engbersen, Erasmus Universiteit Rotterdam) tot ongeveer dezelfde conclusies gekomen, voor geheel Vlaanderen en Brussel. Zij sprak van dezelfde twee categorieën maar gaf ze een andere naam (nl. investeringsmigranten en verblijfsmigranten) en voegde er een derde categorie aan toe (legalisatiemigranten): mensen die gewoon op termijn de nationaliteit wensen om zich nadien gemakkelijker over meerdere landen te kunnen bewegen. Zie Masja Van Meeteren: “Lives without Papers. Aspirations, incorporation and transnational activities of irregular migrants in the Low Countries”, Rotterdam 2009.

Bij een regularisatiecampagne is de kans groot dat vanuit de drie categorieën vragen zullen komen om “geregulariseerd” te worden. Typisch voor regularisatiecampagnes is dat de regels zo opgesteld worden en dat ze dergelijke flexibiliteit toelaten dat men vanuit de drie categorieën kan geregulariseerd worden. Dit is het zwakke punt in dergelijke campagnes. Concreet: wie naar hier gekomen is omdat hij hier meer kan verdienen, kan zich hier op zeker ogenblik gemotiveerd voelen om hier te blijven, maar is duidelijk een ander type mens dan de afgewezen ex-asielzoeker die niet wil of kan terugkeren naar zijn land van herkomst.
Wat is de kwetsbaarheid van een systeem dat met “campagnes” werkt? Dat men een amalgaam van situaties te behandelen krijgt en dat de criteria die men daarbij kan en moet gebruiken op de drie types irregulier verblijf inspelen, zonder onderscheid.
Waar moet men eigenlijk naartoe? Men zou er goed aan doen om eerst eens heel grondig te bekijken wat allemaal onder irreguliere migraties schuilgaat. Ik dacht dat men in België vanuit Justitie, Binnenlandse Zaken en het CGKR daarvoor een unit opgericht had die eigenlijk vrij goed de toestand zou moeten kunnen schetsen. En dan moet men weten wat men wil…

Waarschijnlijk zal men vaststellen, dat het tot een betere regulering van de arbeidsmarkt moet komen waarbij het moeilijker wordt om puur via zwartwerk als buitenlander hier méér te komen verdienen dan in zijn land van herkomst. Er moet gewoon een efficiënte controle komen op zwartwerk in bepaalde sectoren en dat moet wellicht gekoppeld worden aan een migratiebeleid dat quota durft te hanteren voor de tewerkstelling (zoals in Canada), voor die punten op de arbeidsmarkt waar er effectief tekorten zijn. Ten tweede, moet er gekomen worden tot een veel alledaagser gepersonaliseerd regularisatiebeleid, waarbij systematisch per persoon of per gezin bekeken wordt of na weigering van asiel niettemin om humanitaire redenen een verblijf toegekend kan worden of niet. Hiervoor komen in aanmerking: de twee andere categorieën van irregulier verblijvenden, degenen die hun land achtergelaten hebben omwille van de uitzichtloze toestand ginds en degenen die eigenlijk veiligheid beogen om zich te kunnen verplaatsen. De moeilijkste groep waar men heel snel niettemin tot een beslissing zou moeten overgaan, zijn diegenen waarvoor er eigenlijk geen land bestaat dat hen wil terugnemen.

Zo lang men de behandeling van de irreguliere migraties puur als een juridisch gebeuren bekijkt, en niet tegelijk ook een inhoudelijk verhaal eraan laat voorafgaan, zal men zich klem rijden.

Tot slot: hadden de voorbije regularisatiecampagnes zin? Wie de zaken vanuit een historisch oogpunt bekijkt, zal ertoe overhellen om te stellen dat dit toentertijd de enigst mogelijke uitkomst was, zowel menselijk (mag toch nog, nietwaar!) als politiek. Wat wèl waar is, is dat men uit het verleden zijn lessen moet willen trekken… Men moet er willen uit leren, op een evenwichtige manier, niet via slogans… en oneliners… en hier kan het duidelijk beter in ons land.

P.S. Een laatste punt: de hongerstakers om een verblijf af te dwingen… In een beschaafd land met een hoogstaande democratische cultuur moet men het aandurven om via een open, transparant, tegensprekelijk gesprek zulke toestand te behandelen. Dialoog is geen oneer. En een gesprek waarbij alles op tafel komt, de menselijke en andere aspecten van een ‘dossier’(politieke, precedent karakter enz.), is geen capitulatie. En inderdaad, dan moet ‘in transparantei’, aan de hand van alle argumenten ene beslissing vallen die gerespecteerd mot worden. Het is jammer als dit soort zaken op de spits gedreven wordt. Zo ver mag men het eigenlijk nooit laten komen…

PPSS. Oeps… er is een andere vraag die ik vergeten ben te behandelen, nl. waren de regularisatiecampagnes een vergissing? Wat mij betreft, is het antwoord overduidelijk: neen! Zowel om redenen van humanisme (mag toch nog vandaag?) als – zelfs – om politieke redenen. Daarom heeft de Foyer, waarmee ik verbonden ben,  er graag en enthousiast aan meegewerkt.
Iets anders is dat het beleid er onvoldoende lessen uit getrokken heeft…. Daar ben ik het volledig mee eens.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!