De Palestijnse film 'Habibi' van regisseur Susan Youssef ging in Brugge aan de haal met de Camera Novoprijs 2012 (foto: Cinema Novo)
Verslag, Nieuws, Wereld, Cultuur, België, Brugge, Cinema Novo, Turkse film, Gaza, Irak, Iran, India, Palestijnse Gebieden, Camera Novoprijs, Amakourouprijs, Palestijnse film Habibi, Bollywood, Susan Youssef, Rabindranath Tagore, Habibi Rasak Kharban, Maisa Abd Elhadi, Jongerenjury, Pan-ek Ratanaruang, Headshot, Monsieur Lazhar, Philippe Falardeau, Guy Nattiv, Mabul, Once Upon a Time in Anatolia, Nuri Bilge Ceylan, Marokkaanse muziek, In My Mother's Arms -

Palestijnse film ‘Habibi’ wint Camera Novoprijs 2012 in Brugge

BRUGGE - Zondag 18 maart viel het doek over de 29ste editie van het Brugse wereldfilmfestival Cinema Novo. Meteen was dit de laatste onder die vertrouwde naam. Volgend jaar komt er een geheel nieuw festival dat zal ontstaan uit de aangekondigde fusie van Cinema Novo en Open Doek uit Turnhout. De Camera Novoprijs 2012 gaat naar de Palestijnse film 'Habibi' van Susan Youssef.

dinsdag 20 maart 2012 18:45

Het festival toonde 72 speelfilms en documentaires uit Azië, Afrika en Latijns-Amerika. Negen films dongen in de competitie mee voor de Camera Novoprijs van 8.000 euro die gaat naar de filmdistributeur die de winnende film aankoopt en uitbrengt in de Belgische bioscoopzalen. Want het blijft een vast gegeven: ook schitterend gemaakte wereldfilms halen maar zelden het commerciële circuit en blijven dus voor de grote meerderheid van de cinemabezoekers onbekend terrein. Gelukkig zijn er nog de filmfestivals om daar alvast iets aan te doen.

Focus op India: gelukkig meer dan ‘Bollywood’

De focus lag dit jaar op India, de grootste filmproducent ter wereld, lang vóór de Verenigde Staten, China en Japan. Een groot deel van de Indiase filmproductie bestaat echter uit de zogenoemde Bollywood-films die vooral commercieel goed in de markt liggen in India en andere Aziatische landen, maar de westerse filmliefhebber niet direct zullen weten te bekoren.

Cinema Novo richtte zich vooral op de onafhankelijke Indiase arthouse cinema van de voorbije vijf jaar. Op het programma stonden onder meer twee films van Obhi en Kaberi Chatterjee: ‘Shyama‘ (2009) en ‘Chandalika‘ (2011), de eerste twee delen van de ‘Tagore Dance Trilogy’ over een vorm van dansdrama die door de bekende Indiase schrijver, denker en Nobelprijswinnaar Rabindranath Tagore (1861-1941) gecreëerd werd. Het derde en laatste deel, ‘Chitrangada‘, gaat nog dit jaar in première.

Universele liefdesgeschiedenis in Gaza

Uit negen competitiefilms kozen de vijf juryleden voor ‘Habibi Rasak Kharban‘ van de Palestijnse regisseur Susan Youssef. Een universele, maar tragische  liefdesgeschiedenis die zich afspeelt in de Palestijnse gebieden. Uit het juryverslag: “De regisseur maakt niet alleen een dapper statement door met beperkte middelen en in ongewoon moeilijke omstandigheden een knap afgewerkte en aangrijpende film te draaien. Ze geeft het eeuwenoude en universele verhaal van de verboden liefde, een tegelijk poëtische, prangende en brandend actuele invulling”.

“Agressie, oorlog, onwetendheid, vooroordelen en toenemende intolerantie smoren in de Gazastrook de liefde tussen Qays en Layla en meteen ook de droom van een betere toekomst. Het liefdesverhaal staat geen kritische analyse in de weg, de analyse geen poëzie en de kritiek geen liefde en respect voor de Palestijnen”, zo luidde het oordeel van de Brugse jury over ‘Habibi‘.

De film start in 2001 wanneer de kleine Gaza-strook volledig door de Israëlische militairen is afgesloten. Vanuit Israël komen Palestijnen er niet meer in of uit. Qays en Layla zijn twee geliefden die op de Westelijke Jordaanoever aan de universiteit studeren. Ze worden gedwongen terug te keren naar Gaza. De stad is als een gevangenis voor hen beiden. Bovendien wordt Layla door haar ouders afgeschermd van Qays.

Op een dag verschijnen er overal vreemde graffiti in de stad: het is poëzie waarin Qays zijn liefde voor Layla uitschreeuwt. ‘Habibi’ is een verhaal over een verboden liefde, een moderne versie van een Arabisch liefdesverhaal uit de 7de eeuw. Een poëtische parabel waarin een diep verlangen naar liefde wordt uitgedrukt en geweld nadrukkelijk wordt afgewezen.

De film, de eerste langspeelfilm van Youssef, beleefde zijn wereldpremière op het filmfestival van Venetië in september 2011. Even later volgde het filmfestival van Toronto. Hij kreeg al diverse onderscheidingen zoals die van ‘beste film’ op het filmfestival van Dubai. Hoofdrolspeelster Maisa Abd Elhadi kreeg de prijs voor beste actrice. ‘Habibi‘ werd over het algemeen bijzonder goed onthaald door de filmpers in de Arabische wereld.

De juryleden voor de Camera Novoprijs 2012 waren: Jorijn Neyrinck, Dries Phlypo, Lotte Pinoy, Samme Raeymaekers en Niels Ruëll. Alsof het was om het politieke evenwicht in een woelige regio te behouden, eindigde ‘Mabul‘, een Israëlische film van Guy Nattiv, op een tweede plaats met een eervolle vermelding. De jury was in het bijzonder gecharmeerd door de “menselijkheid van een intiem verhaal met een grote universele weerklank. De plotse terugkeer van de autistische oudere zoon lijkt het gezin Roshko helemaal te destabiliseren, maar maakt uiteindelijk iedereen sterker. Regisseur Guy Nattiv schetst de mens in al zijn verwarrende complexiteit: soms klein, lelijk en zelfzuchtig, soms groots, solidair en mooi.”

Amakourouprijs voor Thaise ‘Headshot

Headshot‘, een Thaise film van regisseur Pan-ek Ratanaruang, kwam als winnaar naar voren in het oordeel van de jongerenjury. Deze film krijgt de Amakourouprijs van 1.250 euro. “In Headshot zien we het verhaal door de ogen van een zonderling die de misdaad uit de wereld wil helpen. Omdat dit hem niet lukt als politieagent, sluit hij zich aan bij een bende die claimt de criminaliteit met geweld te bestrijden. Hij komt echter tot inkeer, wordt monnik en probeert het criminele circuit te ontvluchten.”

“Van het begin tot het einde werden we meegesleurd in een zenuwslopende spanning. Dit kwam vooral door de sterke beelden die de twee omgekeerde werelden reflecteerden, zowel letterlijk als figuurlijk. Wat ons enorm wist te intrigeren, was opbouw van de ijzingwekkende spanning die in een pakkende climax eindigde. We waren geraakt door de goed doordachte beeldmontage, die de grimmige sfeer in een wereld van corruptie en de maffia opriep”, motiveerde de jongerenjury haar keuze. Die bestond uit: Jinmin Arnou, Jacob Claerhout, Sarah Pillen, Michiel Vandewalle en Seppe Vanhaecke.

Publieksfavoriet: ‘Monsieur Lazhar

Zoals gebruikelijk, kreeg ook het publiek een stem in Brugge. Publieksfavoriet werd de openingsfilm, de Oscargenomineerde ‘Monsieur Lazhar‘ van de Canadese regisseur Philippe Falardeau, over een Algerijnse leraar-immigrant die in Franstalig Canada les komt geven aan een klas sterk getraumatiseerde kinderen. Zijn culturele achtergrond is totaal verschillend van die van de kinderen en hij is niet eens als politiek vluchteling erkend.

Op 2 volgt ‘I am Kalam‘ van de Indiase regisseur Nila Madhab Panda; op 3 ‘Tropa de Elite 2‘, de erg controversiële vervolgfilm over de misdaadbestrijding in de favela’s van Rio van de Braziliaanse sterregisseur José Padilha; op 4 ‘Et maintenant on va où?‘ over de spanningen tussen moslims en christenen in een Libanees dorpje na de burgeroorlog van Nadine Labaki; op 5 ‘Udaan‘ een Indiase film van Vikramaditya Motwane.

Op 6 ‘Lucky‘, een Zuid-Afrikaanse film die het gevoelige thema van het racisme en de nog sterk levende vooroordelen tussen diverse bevolkingsgroepen aansnijdt in de postapartheidssamenleving, van regisseur Avie Luthra; op 7 ‘Bitter Seeds‘, een documentaire over zelfmoord onder Indiase katoenboeren van Micha X. Peled; op 8 ‘Arranged Happiness‘, een Duits-Indiase documentaire over gearrangeerde huwelijken in Kashmir; op 9 ‘El Gusto‘, een Algerijns-Franse documentaire over de Algerijnse versie van de Buena Vista Social Club en ten slotte op 10 ‘Circumstance‘, een Iraanse film van Maryam Keshavarz.

Persoonlijke keuze: ‘Once Upon a Time in Anatolia

Zonder meer indrukwekkend en af en toe benauwend realistisch vond ik de Turkse film ‘Once Upon a Time in Anatolia‘ (157 minuten!) van regisseur Nuri Bilge Ceylan, die hiermee niet aan zijn proefstuk toe is. De film kreeg heel terecht al een (gedeelde) Grand Prix op het Festival van Cannes in 2011.

Toch zal hij niet direct zalen doen vollopen, daarvoor is hij wat te traag en veelgelaagd. De film is eigenlijk een politiedetective, maar overstijgt het genre ruimschoots. We volgen een rechercheteam van de Turkse politie op zijn nachtelijke zoektocht naar bewijsmateriaal voor een moord in de eindeloze steppen van Centraal-Anatolië. Er gebeurt bijna niets, maar toch is de sfeer tussen de hoofdpersonages vaak te snijden.

De regisseur heeft er niet voor teruggeschrokken om heikele thema’s in de Turkse samenleving aan te snijden, zoals politiegeweld tegen verdachten, de rechten van gevangenen, corruptie, verstikkende bureaucratie, hiërarchie en hoe die relaties tussen mensen diepgaand kunnen beïnvloeden. Een echte aanrader.

Ook meer dan de moeite waard vond ik ‘Girimunho‘ van de Braziliaanse regisseur Helvécio Marins jr. en Larissa Campolina over het leven in een dorpje in de droge Sertão met een grotendeels niet-professionele cast en originele muziek. Ook het Mexicaanse historische drama ‘Burros‘ van Odín Salazar is een poëtische film tegen de achtergrond van de landbouwhervormingen in het Mexico van de jaren veertig.

De muziekdocumentaire ‘Next Music Station: Morocco‘, een productie van de pan-Arabische nieuwszender Al-Jazeera, schetst een indringend beeld van de rijke muziekcultuur van Marokko, met eveneens aandacht voor de alternatieve en maatschappijkritische rapmuziek anno 2011.

In de reeks docudrama’s scoort ‘In My Mother’s Arms‘ van Atia en Mohamed al-Daradji erg goed over het lot van de Iraakse weeskinderen in het door oorlog en sektarisch geweld verscheurde Bagdad. Ook de Iraanse film ‘Mourning‘ van de jonge Kiarostami-protegé Morteza Farshbaf verdient absoluut een plaats op de affiche van onze bioscoopzalen.

take down
the paywall
steun ons nu!