De onmacht van huidig politiek links

De onmacht van huidig politiek links

dinsdag 7 februari 2012 19:46

Als het huidige politieke linkse denken over economie niet bestond, zou het door het neoliberalisme uitgevonden moeten worden. Is er namelijk een betere smeerolie denkbaar voor de neoliberale machine, dan de neoliberale flirt en de heimwee van hedendaags politiek links naar belegen oplossingen uit oude tijden?

Drie stellingen

De aannemelijkheid en de geloofwaardigheid van bovenstaande retorische vraag vereist een antwoord op de volgende drie stellingen:

1. Het enige bestaansrecht van een economisch stelsel is te voorzien in een menswaardig bestaan voor alle mensen nu en in de toekomst, in respect voor de natuur en het milieu,

2. gezien de sociale en ecologische crises, die op gezette tijden worden veroorzaakt door de ‘vrije’ markt/het kapitalisme/neoliberalisme, voldoet het huidige economische stelsel niet aan dat enige bestaansrecht van de economie, en wat meer is, kan daar krachtens zijn eigen wezen ook niet aan voldoen,

3. ieder alternatief, iedere oplossing voor de huidige economische, sociale en ecologische crises, die erop gericht is het in elkaar gestorte kapitalisme weer uit zijn as te laten herrijzen, is daarom in zichzelf en dus onvermijdelijk onmachtig en zelfs desastreus.

Stelling 1 heeft als uitgangspunt dat mensen onvervreemdbaar gelijke rechten hebben op welzijn en welvaart, en dat de economie een van de hoofdinstrumenten is om dat te effectueren. Dit uitgangspunt impliceert ook dat een economisch stelsel dat zichzelf alleen maar in stand kan houden door te teren op samenleving en natuur, een anomalie is en een gedrocht, dat zo snelmogelijk verwijderd dient te worden. Dit standpunt is moreel en ethisch dwingend van aard, is niet wetenschappelijk te beargumenteren en leent zich moeilijk voor een zinnige discussie met wie deze rechten van mens en natuur negeren of ontkennen.

Bij stelling 2 kan worden opgemerkt dat het inzicht al lang en breed doorgebroken is dat het kapitalisme niet beantwoordt aan wat volgens stelling 1 zijn enige bestaansrecht is als economisch systeem. Het leidt op gezette tijden tot economische crises. Zo sleept het de wereld momenteel mee in een economische depressie die niet onder zal gaan doen voor de Grote Depressie van de jaren 1930. Wie geen vreemde is in het Jeruzalem van de kapitalistische economie, weet dat het kapitalisme niet zonder crises en depressies kan. Het zit in zijn genen. Het heeft een ingebouwde, stelselmatige, onontkoombare en onvermijdelijke noodzaak zichzelf ten gronde te richten en in die afgang de wereld – mens en natuur – mee te slepen. Terwijl op het gebied van de techniek, de kennis, de nodige arbeidskracht en de aanwezige grondstoffen, de mogelijkheden ruimschoots aanwezig zijn om nu en ook later alle mensen een bestaan in redelijke welvaart en welzijn te garanderen, in respect voor de natuur en het milieu, zijn we door de ‘vrije’ markt/ het kapitalisme een weg opgestuurd waarin deze potenties niet waargemaakt kunnen worden: deze economische orde is niet dienstbaar aan de samenleving, parasiteert juist op haar, en is gevoelig voor crises, depressies en zelfvernietiging, waarin het de wereld meesleurt.

In eerdere boeken, artikelen en blogs hebben we uitvoerig betoogd waarom dat zo is. Ter wille van het argument op deze plaats geven we hier in het kort nog eens de ingebouwde, stelselmatige, onontkoombare en onvermijdelijke mechanismen van het kapitalistisch onheil weer.

*Dat onheil begint daar waar in het kapitalistisch productieproces van goederen en diensten meerwaarde wordt gevormd. De werkers krijgen minder uitbetaald dan de waarde die zij met hun arbeid produceren. Deze meerwaarde wordt bij verkoop van goederen en diensten op de markt omgezet in geld. Dat is de winst voor de kapitalist.

*Bij de verkoop van hun producten op de markt raken producenten met elkaar in een moordende concurrentie. Die ‘struggle for life’ loopt alleen maar goed af voor degenen die er in slagen groter te groeien dan hun concurrenten, en ze zo van de markt te verdringen.

*Die groei wordt bereikt door meer en goedkoper, dus kapitaalintensief te gaan produceren en zoveel mogelijk arbeiders/werkers te ontslaan.

*De noodzaak om vanwege de moordende concurrentie op gezette tijden over te gaan tot aanschaf van steeds nieuwere, efficiëntere en duurdere machines (kapitaalintensieve productie), legt een grote druk op de winst: de winstvoet heeft de neiging te gaan dalen.

*Die tendens van een dalende winstvoet stelt de noodzaak om steeds verder te groeien als tegenwicht tegen de daling van de winstvoet. De kapitalistische productie wordt daarom gekenmerkt door een onvermijdelijke groeidwang. Dit geldt voor alle partijen op de kapitalistische markt, ook de banken/de financiële sector.

*Door die dwang van een steeds maar onvermijdelijk groeiende productie, in samenhang met een achterblijvende koopkracht (ontslagen en meerwaardevorming), kunnen kapitalistische producenten hun productenop gezette tijden niet meer kwijt. Gevolg: overproductie, faillissementen, crises, depressies. De kapitalisten investeren niet meer, en wachten betere tijden af,namelijk totdat de politiek (de samenleving) het kapitaal uit de crises heeft geholpen.

En wat is het antwoord van links?

De conclusie van het bovenstaande is dat crises onvermijdelijk zijn in het kapitalisme/de ‘vrije’ markt. Het is de aard van het beestje, het zit hem in het bloed, het kan niet anders. De enige oplossing zit daarom in een verwijdering van het kapitalisme, en de vervanging ervan door een alternatieve economie.

En wat is het antwoord van huidig links? Dat is de toevlucht tot het neoliberalisme, de politieke ideologie die eenzijdig gericht is op ondersteuning van het kapitaal en de oplossing van de crises door het herstel van de ‘vrije’ markt, met opoffering van samenleving en natuur. Het komt neer op de versterking van juist dat economisch systeem dat deze crises onvermijdelijk veroorzaakt. Verscheidenheid van politieke oriëntaties bestaat alleen in naam. In werkelijkheid hokken ze allemaal samen in het neoliberale politieke midden en politiek rechts. Waardoor het huidige zogenaamde politiek links zich onderscheidt is hoogstens het aanbrengen van een zekere temporisering in dat herstel van de ‘vrije’ markt, en dan meestal ook nog maar in een zwakke poging daartoe. Dat blijkt ook uit de recent hernieuwde voorkeur en het heimwee ter linker zijde naar de oplossing destijds van Keynes voor de Grote Depressie van de jaren 1930. De remedie bestond in een actievere rol van de overheid door middel van een monetair en fiscaal beleid. Waar de markt faalt zou die markt weer vlot getrokken moeten worden door investeringen van de overheid.

Het is niet uitgesloten dat in dit heimwee en de voorkeur van het huidige politieke links voor Keynes, een echo meespeelt van de terechte overtuiging van het vroegere links dat een sturende rol van de overheid noodzaak is. Maar komt de rol die Keynes de overheid toedicht niet neer op het neoliberaal concept dat de politiek de samenleving de crisiskastanjes van het kapitaal uit het vuur laat halen? Investeringen van de overheid om het kapitaal weer overeind te helpen zijn immers toch investeringen opgebracht door de samenleving? En moet het advies van Keynes dan ook niet vooral gezien worden als een recept ten voordele van het kapitaal, en dus een variant op het neoliberalisme? En trouwens, is het wel de rol die Keynes de overheid toedichtte, die leidde tot de verzorgingsstaat zoals wij die nu kennen, of in ieder geval in het verleden gekend hebben? Was het niet veeleer een in WO II platgebombardeerd Europees continent, dat samen met hard werken en hongerlonen voor de arbeid tijdens de Wederopbouw, voorzag in ongekende groei- en bloeimogelijkheden? En was het niet mede vanwege de strijd van de arbeid onder leiding van vakbonden die destijds nog een tegenkracht vormden tegen het kapitaal, dat de verzorgingsstaat tot stand kwam, en niet vanwege de ‘sociale’ inborst van het kapitaal? De vraag stellen is haar beantwoorden.

Politiek links bestaat alleen nog maar in naam en hokt, politiekinhoudelijk gezien, samen met een hele kluwen neoliberaal georiënteerde partijen. En waar de linker zijde meer recent weer verwijst naar Keynes en de rol die hij weglegt voor de overheid, gokt zij op een verkeerd paard, en is dus ook hier het neoliberaal beleid dienstbaar. Is er een betere smeerolie voor het neoliberaal beleid denkbaar dan een partij die in naam links is en beleidsmatig neoliberaal? Zo’n beleid en zo’n partij zijn desastreus omdat zij bijdragen aan het herstel van een economie die de crises juist onvermijdelijk veroorzaakt.

Wat dan wel?

Er wordt hier niet gepleit voor een terugtredende overheid. Integendeel, een economie van het algemeen belang en een verzorgingsstaat zijn niet te realiseren zonder een politiek die zich hier krachtig voor inzet. We kunnen het dan ook niet eens zijn met de modieuze en neoliberale eis van een terugtredende overheid. Trouwens, bestaat zo’n terugtredende overheid wel? Een politiek die haar taken in de collectieve sector verraadt omdat zulks goed is voor het winststreven en het belang van het kapitaal, is toch geen terugtredende overheid, doch een zeer actieve instantie, maar dan in het belang van de particuliere sector! Het is daarom beter om in het vervolg maar niet meer gebruik te maken van het verwarrende en misleidende begrip ‘terugtredende overheid’, maar te spreken van een overheid van het kapitaal, én een overheid van het algemeen belang

Met betrekking tot de taken van zo’n overheid van het algemeen belang hebben we een beeld geschetst in ons postkapitalistisch alternatief, hier in dit blog, elders en ook in boeken. In onze opzet betreft het een alternatieve economie waarin geen geld meer omgaat en waar dus niet langer meer belangen van het kapitaal behartigd kunnen worden. Dit alternatief biedt een nieuwe economische structuur waarin de zorg voor mens en de planeet gewaarborgd is. Kenmerkend voor vrijwel alle hedendaagse kritische literatuur over het neoliberalisme, is dat weliswaar aangegeven wordt wat er mis is, en dat ook doelstellingen en idealen worden aangegeven, maar dat de aanduiding van een daarvoor geschikte alternatieve economische structuur ontbreekt. Het feit dat huidig links en/of progressief een papieren tijger is omdat het over de gehele breedte niet beschikt over een deugdelijk economisch alternatief dat het kapitalisme kan vervangen, heeft als trieste consequentie dat het de bevolking onwetend laat, en daarmee de meest onmisbare kracht tot verandering buiten spel zet, of althans niet op de juiste wijze voedt. Op lezingen van bijvoorbeeld de ‘Avond van de verontwaardiging’, wordt zo’n economisch structureel alternatief node gemist, hoezeer men daar ook poogde dat gemis te camoufleren met literaire hoogstandjes. Zo bezien is huidig links tegen wil en dank de smeerolie van de neoliberale machine. Niet prettig om zo’n conclusie te moeten trekken. Maar misschien kan kennisname met ons economisch postkapitalistisch alternatief enigszins helpen?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!