Critici geven Birmees regime voordeel van twijfel
Nieuws, Birma -

Critici geven Birmees regime voordeel van twijfel

Chiang Mai — Slaagt de Birmese regering erin de aanslepende conflicten met de etnische minderheden in het land voorgoed bij te leggen? Zelfs de hardste critici van het regime geven toe dat ze verrast zijn door de recente vredesinitiatieven van de Birmese machthebbers. Iedereen is het er wel over eens dat er nog jaren nodig zullen zijn om het verzoeningsproces af te werken.

maandag 6 februari 2012 15:05

In Birma wordt tegenwoordig geschiedenis geschreven. Het staakt-het-vuren dat de hervormingsgezinde regering van president Thein Sein en de Nationale Karen-unie (KNU) op 12 januari ondertekenden, kan bijvoorbeeld een einde maken aan een gewapende opstand van 62 jaar. Het Nationaal Bevrijdingsleger van de Karen, een belangrijke etnische minderheid in Birma, vecht al sinds 1949 voor een onafhankelijke staat of voor meer autonomie. Het Birmese leger antwoordde daarop met keiharde repressie.

Voorwaarden

Het is nog niet zeker of het Birmese leger de voorwaarden zal respecteren die de Karen hebben gesteld om het vredesproces te beginnen. Naast een politieke dialoog en gezamenlijke onderhandelingen met andere minderheden in het land, eisen de Karen ook de terugtrekking of de vermindering van de legereenheden die zich nu in de omstreden gebieden bevinden.

Maar voorlopig ziet het er goed uit  “Er zijn nog geen garanties, maar het feit dat de regering ingaat op de problemen is een schok en op zich al een positieve verrassing”, zegt Kim Jolliffe, een onderzoekster die zich toelegt op etnische conflicten en verdrijving.

Volgens Jolliffe is de situatie relatief stabiel. De regering en de KNU lijken volgens haar het vredesproces alle kansen te geven. Alle betrokkenen zijn zich ervan bewust dat het vredesproces nog lang zal duren. Aung Thung, minister van Industrie en het hoofd van het onderhandelingsteam van de regering, schatte voor het begin van de gesprekken met de Karen dat het nog drie jaar zou duren vooraleer de regering vredesakkoorden heeft met alle minderheden in het land die de wapens hebben opgenomen tegen het regime.

Een van de harde noten die de KNU en de regering moeten kraken, is de regeling van inspraak in de economische ontwikkelingsplannen voor de streek waar de Karen leven. De aanzienlijke bodemrijkdommen maken die streek aantrekkelijk voor buitenlandse investeerders.

Shan en Kachin

Intussen heeft de Birmese regering ook al een overeenkomst met het leger van de Shan dat voor een autonome staat vecht in het zuiden van het land.

Vorige maand gaf president Thein Sein ook het bevel een einde te maken aan de militaire operaties tegen het KIA, een rebellengroep die vecht voor een onafhankelijk Kachin in het noorden van het land. Er gold al zeventien jaar een staakt-het-vuren tussen het Birmese leger en het KIA, maar sinds juni 2011 wordt er opnieuw gevochten tussen beide partijen. Daardoor waren nieuwe gesprekken met het KIA ook weer afgesprongen.

De KIA-rebellen hebben geen vertrouwen in de regering van Thein Sein. Die bestaat uit leden van de voormalige junta die nooit genade toonde met de etnische minderheden in het land.

Fundamentele veranderingen

Maar veel experts geloven dat er wel degelijk fundamentele veranderingen plaatsvinden in Birma. Volgens Aung Naing Oo, de directeur van het Vahu-ontwikkelingsinstituut aan de Universiteit van Chiang Mai in Thailand, is er de voorbije maanden veel in beweging gekomen dat nieuwe perspectieven opent voor vrede in Birma. “Er zijn de algemene politieke vooruitgang, de vrijlating van politiek gevangenen en de verbeterde internationale relaties, en er komt vooral meer ruimte om aan politiek te doen.” Aung Naing Oo was een van de leiders van een mislukte studentenopstand in 1988 die aan drieduizend mensen het leven kostte.

Het is nog wel niet duidelijk of de harde aanpak van de etnische minderheden in het land nu overal al verleden tijd is. Volgens de Amerikaanse organisatie Human Rights Watch namen de mensenrechtenschendingen in Birma in 2011 nog niet af. In een persmededeling die de organisatie in januari verspreidde, stelt ze het Birmese leger nog altijd verantwoordelijk voor “buitengerechtelijke terechtstellingen, folteringen, seksueel geweld, dwangarbeid, het gebruik van antipersoonsmijnen en plunderingen, vooral in de gebieden van de Kachin, de Shan en de Karen.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!