Verslag, Nieuws, Wereld -

Ron Paul kan luis in de Republikeinse pels worden

WASHINGTON — De Texaanse Republikein Ron Paul, die 24 jaar geleden jammerlijk ten onder ging als presidentskandidaat van de Libertarische Partij, lijkt bezig met een comeback voor de komende Amerikaanse verkiezingen. Dit tot ongenoegen van de neoconservatieven en agressieve nationalisten binnen de Republikeinse Partij.

donderdag 5 januari 2012 12:39

Hoewel Paul dinsdag zijn aanhang teleurstelde door derde te worden bij de voorverkiezingen in Iowa, eindigde de 76-jarige arts toch vlak achter de twee koplopers: Mitt Romney, de voormalige gouverneur van Massachusetts en Rick Santorum, de favoriete kandidaat van uiterst rechts.

Politieke insiders geloven nog steeds dat Romney, die gisteren officieel steun kreeg van de John McCain, de Republikeinse kandidaat uit 2008, de nominatie zal winnen. Maar Pauls optreden en de toegenomen media-aandacht die hij in de afgelopen weken kreeg, suggereren dat hij zeker iemand is waar rekening mee gehouden moet worden tijdens de partijconventie komende zomer. En mocht Paul besluiten verder te gaan als onafhankelijke kandidaat, dan kan dat de kans verkleinen dat de Republikeinen er in november in slagen te winnen van de huidige president Barack Obama.

Jongeren

Paul mag dan niet de favoriete kandidaat zijn, dat hij vooral aanhang heeft onder jongeren is bedreigend voor de machthebbers binnen de partij. Uit een onderzoek van de New York Times blijkt dat 48 procent van de 17 tot 29-jarigen die meededen aan de caucussen, heeft gekozen voor Paul. Romney haalde slechts 13 procent.

Een op de drie kiezers die voor de eerste keer meedeed aan de caucussen, had voorkeur voor de libertariër. En, wat misschien nog wel het opvallendste is, 44 procent van degenen die zichzelf omschreven als “onafhankelijk” of “anders” (dan Republikeins), zei Paul te steunen. Achttien procent koos voor Romney.

Onafhankelijken, die volgens de meeste onderzoeken ongeveer 40 procent van het electoraat uitmaken, zijn vaak bepalend voor de uitslag van de verkiezingen.

Waarom onafhankelijken, jonge kiezers en jongeren die voor het eerst aan een caucus meededen zich zo aangetrokken voelen tot Paul, is inmiddels het onderwerp van uitgebreide speculatie en onderzoek. Paul heeft onorthodoxe, en in sommige gevallen schijnbaar inconsistente, ideeën op veel terreinen.

Individuele vrijheid

Op economisch gebied is Paul loyaal aan de ideeën van de zogenoemde Oostenrijkse School, opgericht door vrijmarktideologen zoals Friedrich Hayek en Ludwig von Mises. In de ruim twintig jaar dat hij in het Congres zat, heeft hij consistent gestemd tegen voorstellen die de omvang en uitgaven van de federale regering wilden vergroten. Volgens Paul is dat de grootste bedreiging voor de individuele vrijheden. Hij riep ook geregeld op tot opheffing van overheidsdepartementen en zelfs de sociale zekerheid en de Federal Reserve, de centrale bank van de Verenigde Staten.

Paul wil meer verantwoordelijkheden geven aan de individuele staten, waar het gaat om kwesties die in de grondwet niet expliciet worden toebedeeld aan de federale regering, zoals vrouwenrechten, abortus, de definitie van het huwelijk en legalisering van drugs.

Consistent met zijn libertarische ideeën is ook zijn pleidooi voor basisrechten zoals het bezit van een wapen. Anders dan zijn Republikeinse rivalen, is hij een groot tegenstander van de Patriot Act uit 2001. Die wet geeft de overheid veel meer mogelijkheden om terrorismeverdachten op te sporen en leidde tot een toename van de islamofobie.

Isolationistisch

Paul is waarschijnlijk het meest bekend om zijn anti-interventionisme en anti-oorlogsstandpunten. Critici noemen zijn visie op buitenlands beleid, waarmee hij ook enige steun verwierf aan de linkerkant van het politieke spectrum, “isolationistisch”. Paul stemde bijvoorbeeld tegen militair ingrijpen in Afghanistan, Irak en Libië en wil radicaal bezuinigen op het defensiebudget. Dat zou vooral moeten gebeuren door militairen terug te halen van bases in Europa, Japan en Zuid-Korea. Ook wil hij snellere Amerikaanse terugtrekking uit Afghanistan.

“Als ik zie dat een kandidaat als Ron Paul, wiens buitenlandbeleid – voor zover dat er is – erger is dan dat van de regering-Obama, in sommige opiniepeilingen in Iowa aan aan de leiding gaat, dan maak ik me grote zorgen”, zei de voormalige Amerikaanse VN-ambassadeur John Bolton vorige maand.

Bolton, een agressieve nationalist bij uitstek die nu bij het American Enterprise Institute (AEI) werkt, zei dat Paul “in een fantasiewereld leeft.”

Drone

De kloof tussen Paul en de rest van de Republikeinen wordt het sterkst geïllustreerd tijdens debatten over Iran. Andere kandidaten beschuldigen Iran ervan te werken aan nucleaire wapens en ze noemen Teheran de grootste dreiging voor de VS. Ze zijn desnoods voor militair ingrijpen om te voorkomen dat Iran een kernbom krijgt. Paul toont zich niet alleen sceptisch over de eerste twee beweringen en over eventueel militair ingrijpen, hij vindt dat Washington maar moet leren leven met Iran als kernmacht. In het verleden is dat immers ook gebeurd met de voormalige Sovjet-Unie en China.

“Door hoeveel kernmachten wordt Iran omringd?”, zei hij in augustus tegen een interviewer van Fox News. “De Chinezen, de Indiërs, de Pakistanen. De Israëli’s. De Verenigde Staten. Dan is het toch logisch dat Iran wapens wil? Internationaal zou hen dat meer respect opleveren. Waarom zouden we die mensen afschrijven?”

Onlangs verwees hij naar de Amerikaanse drone die Iran boven zijn grondgebied had neergehaald. “Waarom moest daar een Amerikaanse drone vliegen? Waarom bombarderen we zoveel landen? Waarom hebben we 900 bases in 130 landen terwijl we volledig failliet zijn? Het wilde doel om nog een “verdedigingsoorlog” te beginnen is gevaarlijk. Het grootste gevaar schuilt in onze overdreven reactie.”

Excentriekeling

Hoewel de vele neoconservatieven en nationalisten die Romney, Santorum en de andere Republikeinse kandidaten adviseren, gruwen van dergelijke redeneringen, stelt Paul precies de vragen die de Amerikaanse kiezers zich zouden moeten stellen, zeggen sommige opinieleiders.

“Soms is er een excentriekeling die geen angst kent nodig om de vragen te stellen die zowel de Republikeinen als de Democraten zich niet durven te stellen”, schreef columnist Russ Douthat vorige week over Ron Paul in de New York Times.

“Het kan niet ontkend worden dat het wereldbeeld van Paul hem de mogelijkheid geeft krachtig kritiek te leveren op het Amerikaanse buitenlandse beleid”, schreef een andere conservatieve commentator, Daniel Drezner op zijn weblog foreignpolicy.com. Desondanks zou hij nooit op Paul stemmen, zei hij.

Een andere commentator, auteur Robert Wright van theatlantic.com, stelde deze week dat de waarde van Pauls buitenlandideeën niet zozeer in de inhoud zit, maar in “de manier waarop hij ze uitlegt.”

Op grond van diverse voorbeelden, inclusief de vraag van Paul waarom Iran geen nucleaire wapens zou mogen hebben, concludeerde Wright dat “Paul routineus een eenvoudig gedachte-experiment uitvoert: hij probeert te zien hoe de wereld eruit ziet door de ogen van niet-Amerikanen.”

– – – – – – – –
Auteur: Jim Lobe

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!