Nieuws, Wereld, Afrika, Economie, Tunesië, Arabische lente -

Economische plannen Ennahda verontrusten Tunesiërs

Tunesië heeft bijna een nieuwe regering, maar Ennahda, de machtigste partij van de toekomstige coalitie, ligt onder vuur. De coalitiepartners en de oppositie maken zich niet zozeer zorgen over de islamistische inslag van de partij, maar wel over haar neoliberale plannen.

maandag 12 december 2011 17:18

De regeringsvorming in Tunesië is bijna rond. Ennahda veroverde drie keer meer zetels dan haar naaste concurrenten, en zal dan ook de premier leveren en de meeste andere belangrijke ministerposten bezetten. Het succes van de partij bij de historische verkiezingen van oktober had zowel te maken met haar gematigd islamistische karakter als met de weerstand die ze de voorbije decennia bood tegen het autocratische bewind van voormalig president Zine al-Abidine Ben Ali. Voor de kiezers belichaamde Ennahda daardoor zowel de islam als de revolutie.

De coalitiepartners van Ennahda, Ettakatol en het Congres voor de Republiek (CPR), zijn centrumlinkse en seculiere partijen. Door haar gematigde opstelling liet Ennahda haar partners toe aanvankelijke weerstanden te overwinnen. De belofte van Ennahda dat ze de persoonlijke en religieuze vrijheid van alle Tunesiërs zal garanderen, kon ook  bedrijven, buitenlandse regeringen en andere groepen overtuigen die eerst achterdochtig stonden tegenover de partij.

In de lijn van Ben Ali

Ook de sociaaleconomische plannen van Ennahda klinken buitenlandse regeringen en geldschieters goed in de oren. Maar volgens de oppositie en de coalitiepartners wil Ennahda gewoon aanknopen bij het neoliberale beleid van Ben Ali.

Een belangrijk discussiepunt is de buitenlandse schuld van Tunesië. Onder Ben Ali leende Tunesië veel geld voor de ontwikkeling van het land, maar door de wijdverbreide corruptie in het land, belandde een deel van die middelen op de bankrekeningen van machtige aanhangers van het regime. Het CPR, de grootste van de twee coalitiepartners, wil dat er een doorlichting komt van de schulden. Bedragen die door de elite onder Ben Ali verduisterd zijn, moet de Tunesische staat niet terugbetalen, vindt het CPR. Financiers die het regime dat geld hebben toegeschoven, “hadden beter moeten weten”, zegt Mabruka Embarak, een volksvertegenwoordiger van het CPR.

Ennahda legt er veel meer de nadruk op dat het land aantrekkelijk moet blijven voor buitenlandse investeerders. “We moeten alles doen wat we kunnen om hogere schulden te vermijden, maar we hebben investeringen nodig en we moeten het geld aantrekken vanwaar het komt”, zegt Sayed Feyjani, een vertegenwoordiger van het hoofdkwartier van de partij in Tunis.

Geen radicale liberalisering

Dat standpunt valt in goede aarde in financiële kringen in Tunesië. Fahdel Abdelkefi, de voorzitter van de Tunesische beurs, zegt dat hij onder de indruk is van de “extreem liberale” plannen van Ennahda. Hij hoopt dat die opwegen tegen de opvattingen van de eerder links georiënteerde coalitiepartners.

Ennahda wordt in Tunesië beschouwd als een partij van de arbeidersklasse, en veel mensen uit de elite zitten verveeld met het islamistische karakter van de partij. Ook Abdelkefi maakt zich zorgen over de sociale maatregelen die de partij misschien zal nemen, maar voor hem is Ennahda duidelijk het minste kwaad. Vooral het pleidooi van het CPR voor het opschorten van de terugbetaling van de buitenlandse schuld geeft hem kippenvel. “Dat is populisme. Het zou de grootst mogelijke catastrofe betekenen voor een land als Tunesië.” Investeerders zouden het land volgens Abdelkefi links laten liggen. Bovendien is de stopzetting van de afbetalingen helemaal niet nodig. De Tunesische schuld bedraagt maar 20 procent van het bruto binnenlands product van het land.

Ennahda lijkt er wel voor uit te kijken niet over te komen als de spreekbuis van de internationale financiële gemeenschap. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) dringt er bijvoorbeeld al lang op aan dat Tunesië zijn openbare uitgaven beperkt, onder meer door allerlei subsidies af te schaffen. Maar tijdens het regime van Ben Ali leidden zelfs geringe aanpassingen aan de broodprijzen al tot massale en gewelddadige protesten. Op een radicale liberalisering zal zijn partij niet aansturen, zegt Ennahda-woordvoerder Feyjani. Wat we ook overeenkomen met buitenlandse financiers, “het zal altijd het resultaat zijn van onderhandelingen. We hebben de openbare sector nodig, en we zullen de mensen zeker geen honger laten lijden.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!