Opinie, Nieuws, Milieu, België - Bernard Mazijn

Wie zegt wat? Duiding van de achtergrond van opiniemakers is nodig

Stop toch met die klimaatonderhandelingen, schreef wetenschapper Gaston Meskens in De Morgen. "De auteur staat bekend als lid van de pro-nucleaire lobby op de klimaatonderhandelingen", reageert Bernard Mazijn, professor ‘Duurzame Ontwikkeling’ aan de Universiteit Gent.

donderdag 8 december 2011 23:23

Heeft U het ook gelezen vorig weekend in De Morgen? Op de pagina’s van De Gedachte. Het is altijd een opsteker als collega’s zich ook voor de kar van het streven naar duurzame ontwikkeling spannen. Sedert de Aarde-top te Rio de Janeiro (1992) is het vaak een eenzaam bestaan geweest in academische middens en daarbuiten. Hoewel, we moeten ook niet overdrijven, velen hebben zich in de periode geroepen gevoeld om op gezette tijdstippen zich in woord te bekennen tot duurzame ontwikkeling. Vaak was er echter niet meer dan dat woord. Toch is het ook dan nuttig te weten wie spreekt. Zeker als hij zich bekent tot de onderzoeksgemeenschap.

De collega’s op het ‘Centre for Ethics and Value Inquiry’ zullen het immers met mij eens zijn dat onderzoek niet waardevrij is. Een van de leden van de vakgroep aan de Universiteit Gent heeft gesproken. Vanuit Durban op de klimaatonderhandelingen. Wat is de achtergrond van die ‘waarnemer-onderzoeker en deelnemer aan de conferenties sinds Kyoto in 1997’? Het helpt ons in het zoeken naar een antwoord op de vraag ‘Wie spreekt ?’

En wat blijkt nu: de auteur staat in die periode (sedert 1997) bekend als lid van de pro-nucleaire lobby op de klimaatonderhandelingen. In verschillende hoedanigheden: lange jaren als vertegenwoordiger van de European Nuclear Society (tot 2007), de laatste jaren met het petje van de ULB én het Centre for European Policy Studies (CEPS), dit jaar dus namens de Universiteit Gent.  Deeltijds, want ook nog steeds op de payroll van het SCK te Mol.

* * * * *
Even op de inhoud ingaan. En ook de vraag stellen of er verband is met het standpunt die de auteur, Gaston Meskens, inneemt: ‘Stoppen met klimaatonderhandelingen’ en de ‘VN-Commissie rond Duurzame Ontwikkeling … weer een centrale dwingende rol te geven’. Voor alle duidelijkheid, zelf heb ik de klimaatonderhandelingen in de Belgische en Europese delegatie van zeer dichtbij of iets verderaf gevolgd in de periode tussen 1995 en 2007 én heb ik verschillende malen deel uitgemaakt van de Belgische delegatie op de VN-Commissie rond Duurzame Ontwikkeling. In verschillende hoedanigheden heb ik een achtergrond van zowel onderzoek en onderwijs als beleidsvoorbereiding.

Terug naar het opiniestuk in De Morgen. De auteur pleit er dus voor om het UNFCCC-proces stop te zetten vanuit de vaststelling dat we in een sterk veranderende wereld leven sedert het protocol van Kyoto én dat er de laatste jaren amper succes is geboekt. Ik veronderstel dat het de auteur niet ontgaan is dat het hier in het algemeen weliswaar gaat om een te traag en te incrementeel proces, maar dat het de laatste 20 jaar toch al wel wat resultaten heeft opgeleverd, bijv. – inderdaad – het Kyoto Protocol zonder hetwelk er geen beleid in de Europese Unie, laat staan een Belgisch klimaatbeleid zou bestaan. De vooruitzichten, op regelmatige tijdstippen geactualiseerd in de twee voorbije decades, laten trouwens zien dat een ‘business as usual’ scenario ons nog verder van huis zou gebracht hebben.

Het is ook wat kort door de bocht van de auteur om onderhandelingen rond ‘klimaat’ te plaatsen als de tegenpool van onderhandelingen rond ‘energie, water, voedsel …’. Het ingrijpen via mitigerende maatregelen op de uitstoot van broeikasgassen – ten gevolge van de niet-duurzame productie- en consumptiepatronen – dwingt ons net om in te grijpen in elk van die sectoren door oorzaak en gevolg aan elkaar te koppelen. Net dat maken de klimaatonderhandelingen zo moeilijk: de allerhoogste belangen staan op het spel.

Een van die belangen die in de klimaatonderhandelingen op het spel staan betreft de plaats van nucleaire energie. Al jarenlang wordt via netjes uitgekiend lobbywerk geprobeerd om kernenergie als ‘schone energie’ aan te prijzen en als dusdanig te laten erkennen in de officiële teksten. Tot dusver zonder een echt resultaat.

Nog een uitsmijter over de het ‘Stoppen van de klimaatonderhandelingen’. Naast de discussie over mitigerende maatregelen, is er ook de vraag wie welke verantwoordelijkheid moet dragen voor aanpassingsmaatregelen (cf. de voorbije campagne van 11.11.11). Wil de auteur dan ook maar meteen komaf maken met dat debat ? Opgeruimd staat netjes?

* * * * *

De VN-Commissie rond Duurzame Ontwikkeling (de CSD) dan. ‘k Weet niet of de auteur de onderhandelingen in de Commissie te New York ooit van dichtbij heeft meegemaakt bijv. over de ‘neutrale thema’s’ ‘energie, water, voedsel, transport en de productie en consumptie van goederen’.

Eerst en vooral, er bestaat niet zoiets als ‘neutrale thema’s’. Zoals hoger reeds aangegeven, onderzoek is niet waardenvrij, maar de politieke onderhandelingen over de essentiële basisvoorzieningen voor de samenleving (energie, water, transport …) zijn dat nog minder. Het volstaat wellicht te wijzen op de reeds tientallen (of is het honderden) jaren bestaande ‘verdelende onrechtvaardigheid’ om duidelijk te maken dat ook in het VN-hoofdkwartier de spanningen hoog oplopen wanneer geprobeerd wordt conclusies rond ‘duurzame ontwikkeling’ aan te nemen.

Een voorbeeld. Onder het voorzitterschap van H.E. Abdullah bin Hamad Al-Attiyah van Qatar kon de Commissie in 2007 zelfs geen conclusies aannemen, o.a. rond het thema van ‘energie voor duurzame ontwikkeling’. Zo groot was de onenigheid. Toch kwam dit voor sommigen niet als ongelegen. Het Internationaal Atoomenergieagentschap te Wenen besluit (tot op vandaag): “CSD-15 could not agree on new negotiated text. Thus the 2001 CSD-9 decision on energy and the 2002 Johannesburg Plan of Implementation remain the operative CSD texts on energy. Both keep the nuclear power option open.” Het spreekt vanzelf dat anderen dan weer tevreden waren dat het gebruik van de fossiele brandstoffen niet “verder gereguleerd kunnen worden in een economie die mogelijkheden genereert en tegelijk misbruik, uitspattingen en verspilling controleert.”, zoals bepleit door de auteur.

Merk nog op. De sessies van de CSD voorafgaand (over water) en erop volgend (over landbouw en voeding) waren evenmin een toonbeeld van goede besluitvorming. Heroïsche discussies werden en worden trouwens op elke sessie gevoerd over wat nu ‘duurzame productie en consumptie’ is. Toch stelt de auteur in alle hoop (?): “De wereldtop duurzame ontwikkeling in 2012 zou een goede gelegenheid zijn om het proces weer een centrale dwingende rol te geven.” ‘k Vrees dat de mondiale discussie van de voorbije lange jaren over het opwaarderen van de CSD en/of het creëren van een United Nations Environmental Organization hem ontgaan is.

* * * * *

Niets is waardenvrij: noch het opiniestuk van Gaston Meskens, noch dat van mezelf. De vraag is of de media niet een belangrijke rol spelen in het duiden van de achtergronden van elke boodschapper. De laatste maanden en jaren is dit trouwens regelmatig een pijnpunt geweest wanneer deskundigen van denktanks (Itenera, Vives …) regelmatig worden opgevoerd in de media. Vaak wordt door de betrokken ‘waarnemer-onderzoeker’ dan gesteld: “Op basis van wetenschappelijk onderzoek is het objectief om vast te stellen dat …” Los van het feit dat het wenselijk is duidelijk aan te geven wie de broodheren zijn en wat de achtergrond van de boodschapper is, wordt op zo’n ogenblik voorbijgegaan aan de subjectieve keuzes die in elk wetenschappelijk onderzoek worden gemaakt.

Bernard Mazijn is professor ‘Duurzame Ontwikkeling’ – Universiteit Gent

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!