Internationaal overleg kan wat wetenschappers en ondernemers niet kunnen
Durban 2011 -

Internationaal overleg kan wat wetenschappers en ondernemers niet kunnen

donderdag 1 december 2011 12:18

“Working together. Saving tomorrow today.” Die vijf woorden verschijnen bovenaan de webpagina van de 17de klimaatconferentie in Durban. Hier in eigen land wordt er openlijk getwijfeld aan zo veel goede bedoelingen. Dirk Draulans schrijft in Knack: “Ik heb het gevoel dat we vooral heil zullen kunnen verwachten van wetenschappers en ondernemers, die op hun niveau werken aan nieuwe technieken om efficiënter en duurzamer met ons energieverbruik om te gaan. Ik heb niet het gevoel dat politici en andere beleidsmensen voldoende greep op elkaar en op de situatie hebben om zo’n complex probleem als de klimaatverandering efficiënt aan te pakken.”

Nu komt zo een mening niet geheel onverwacht. De vorige klimaatconferenties waren geen onverdeeld succes. De hectische beelden uit Kopenhagen zijn ook mijn referentie: vermoeide onderhandelaars, zwermen journalisten en politiek voor de bühne. Daar hebben we het in dit landje wel voor even met gehad. De interesse voor klimaatconferenties mag in België, en bij uitbreiding in Europa, dan al op een dieptepunt zitten. De onderhandelingen mogen zich dan al uitzichtloos aandienen met de twee grootste vervuilers – de VS en China – die hun (gebrek aan) inspanningen aan elkaar afwegen. Toch vind ik dat we het geloof in onderhandelingen binnen de structuren van de Verenigde Naties niet mogen opgeven. De belangrijke bijdrage die wetenschappers en ondernemers kunnen leveren in het ontwikkelen van klimaatoplossingen is van een heel andere orde dan de uitdagingen voor het internationaal klimaatbeleid.

Tegen een ongelijk speelveld of vrijbuiters kunnen wetenschappers en ondernemers immers weinig beginnen. De internationale politiek kan nu en dan nog schitteren met het tegengaan van gedrag dat in het voordeel is van één land maar nadelig voor de andere. Internationale instellingen springen dan op tijd in de bres om handels- of valutaoorlogen te voorkomen, zetten druk op landen die hun voordeel halen uit lakse naleving van de arbeidsnormen of gaan de strijd aan met belastingsparadijzen die kapitaal aantrekken en financiële instabiliteit exporteren De vele tekortkomingen en mislukkingen, het steeds weer opduikend vrijbuiter gedrag, zijn eerder dan argumenten tegen supranationale coördinatie, een illustratie van wat we kunnen verwachten als ze er niet meer is.

Net zo met het klimaatvraagstuk. Er is geen ander veld denkbaar waar vrijbuiter gedrag op termijn tegelijk zo lonend en nefast kan zijn. De noodzakelijke inspanningen om de klimaatverandering onder de 2 graden te houden, zijn – net zoals de prikkel om er aan te verzaken – enorm. Aan de basis van klimaatverandering liggen niet doorgerekende kosten: we betalen onvoldoende voor de schade die in de eerste plaats fossiele brandstoffen aanrichten. Daardoor schakelen we niet over op andere energiebronnen. De schade is globaal maar ze moet op termijn doorgerekend worden in de prijzen van producten. Het land dat niet opdraait voor de kosten, zal (een tijd lang) goed zaken doen en haar inwoners plezieren. Maar de last is voor een ander of de volgende generaties.

Wetenschappers en ondernemers staan – net zoals wij allen – zo goed als machteloos tegenover zulk vrijbuitersgedrag. Internationaal overleg is de beste manier om de verantwoordelijkheden te delen. Een alternatief zijn een aantal pijnlijke recepten zoals handelsbelemmeringen, economische sancties of rechtstreekse machtsuitoefening. Als het klimaatbeleid daar op moet terugvallen, bevinden we ons in een andere wereld. Goed mogelijk dat we dan met heimwee terugkijken naar het liefelijke “Working together. Saving tomorrow today”.

Mathias Bienstman is  klimaatexpert Bond Beter Leefmilieu

Volg Mathias in Durban op http://www.bondbeterleefmilieu.be/theme.php/59

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!