Nieuws, Europa, Cultuur, Turkije, Kunst, Istanbul, Islamisering, Biënnale Istanbul 2011, Lekenstaat, Moslimland, Bülent Eczacibasi, Borusan Contemporary -

Biënnale Istanbul 2011 kijkt naar de wereld

Istanbul? Tussen oud en nieuw, tussen oost en west, tussen lekenstaat en moslimland, … een land op een kentering, politiek en sociaal. Cultureel voegt de Biënnale van Istanbul daar nog een pijnpunt aan toe.

woensdag 2 november 2011 16:45

Als de scharnier schuurt …

“Een maatschappij die meer boeken leest, die meer tentoonstellingen bezoekt, die meer naar concerten gaat en haar aandeel in kunst en cultuur opdrijft, dat is een maatschappij die haar doelstellingen gemakkelijker en vlugger zal behalen.” Dat waren de openingswoorden van Bülent Eczacibasi, voorzitter van de raad van beheer van IKSV, de Istanbul Stichting voor Cultuur en Kunsten, die de Biënnale Istanbul 2011 onder haar hoede neemt.

Volgend jaar viert de instelling haar 40ste verjaardag en al die jaren hebben de leden geloofd in het belang van een ‘culturele industrie’ die nauw betrokken is bij een culturele ontwikkelingspolitiek. In 1999 bezochten 40.000 mensen de Biënnale; de vorige editie van 2009 waren er dat al 100.000. Cultuur ‘boomt’ in Istanbul; overal rijzen kunstgaleries uit de grond, er zijn er al zowat 100 in Istanbul alleen en het aantal privémusea loopt gestaag op.

Tegelijkertijd met de Biënnale opende ook het ‘Borusan Contemporary’, van de gelijknamige holding, die aan de oevers van de Bosporus kantoren met een hedendaags kunstmuseum annex boetiek en café combineert.

Kunst als business

Ook de belangrijkste sponsor van de Biënnale, de Koç-holding, heeft een schitterende kunstcollectie, net zoals het echtpaar Eczacibasi. Eczacibasi, Koç, Ozil, … behoren tot de rijke, kosmopolitische, tolerante, veeltalige, gedistingeerde topklasse van Istanbul.

Bülent Eczacibasi studeerde aan het Imperial College of Science and Technology in Londen en is lid en adviseur van een rist (culturele en wetenschappelijke) instellingen. Zijn echtgenote Oya Esener werd bekroond als Chevalier dans l’Ordre National de la Légion d’Honneur in Frankrijk en studeerde museummanagement aan de universiteit van Leicester.

Daarover doceerde ze ook aan de Turkse universiteit en nu is ze voorzitter van de raad van beheer van Istanbul Modern, het Museum voor Moderne en Hedendaagse kunst, dat ze op de internationale kaart wil zetten. Dat museum toont momenteel een statement van een tentoonstelling ‘Dream and Reality – Modern and Contemporary Women Artist from Turkey’.

In chronologische volgorde worden 74 vrouwelijke artiesten en hun gevarieerd werk op een piëdestal gezet. Het is een tijdslijn van de sociaal-culturele geschiedenis van het land en de positie van de vrouw. De titel alleen al van de tentoonstelling wijst naar de ondergeschikte rol van de vrouw en hoe ze zich daaruit heeft proberen los te wrikken.

‘Droom & werkelijkheid’ is de titel van een roman uit 1891, geschreven door het duo Ahmet Mitha en Fatma Aliye, de eerste vrouwelijke schrijfster. Maar haar naam staat niet op de cover van het boek, er staat enkel: ‘een vrouw’. Dat het een gevecht om erkenning – zelfs om bestaansrecht zoals de instelling zelf waar bijna 2 decennia voor gevochten werd – was, bewijst de hekkenopener, een verfijnd vrouwenportret van Mihri Musfik.

Zij was het eerste schoolhoofd van de academie voor schone kunsten voor meisjes in 1914. Portretten van vrouwen, haar familie en vrienden, waren haar handelsmerk. Kon ze wel een ander onderwerp als vrouw vinden? Haar opleiding zelf kreeg ze in het buitenland – zoals zovele Turkse jonge vrouwen toen – en ze emigreerde naar de Verenigde Staten. Daar stierf ze rond 1950 (het tijdstip is niet zeker) en werd in een armengraf gedumpt. Het zegt veel over de rechten van vrouwen in Turkije, die onder Ataturk (en de laïciserende republiek) wat vrijheid en stemrecht kregen.

Zotte dees

Duidelijk een vrijgevochten tweevoeter was Semiha Berksoy, de eerste vrouwelijke operazangeres. Een ‘fenomeen’ noemen ze haar in Turkije. Eigenlijk had de maffe dame een dubbele artistieke carrière: als sopraan en als schilderes. Haar flamboyante en extravagante persoonlijkheid spat uit de verf van haar schilderijen en haar performances.

Semiha zong Wagner voor nazipoliticus Von Ribbentrop, maar bezocht ook haar minnaar, de communistische dichter Nazim Hikmet onvervaard en geregeld in de gevangenis. Dat zo’n ‘sacré numéro’ met een barokke overdaad aan make up en (af en toe) blote tieten een nationale en gevierde vedette was in haar thuisland, wijst op de tolerante levenswijze van het vroegere Constantinopel en in het luxueuze Kempinski-hotel wordt nu een – verdoken – eerbetoon gebracht aan de kunstenares die in 2004 op 94-jarige leeftijd overleed.

Times, they’re changing

Maar de tijden veranderen. De opening van de 12de Biënnale van Istanbul – in de belendende ‘Antrepo’ (fonetisch uit te spreken en dan te begrijpen) aan de kaaien van de Bosporus, naast Istanbul Modern – gebeurde door premier Recep Tayyip Erdogan. Dat de vrouw van de Turkse eerste minister voor de AKP, de ‘Partij voor Rechtvaardigheid en Ontwikkeling’ bij deze internationale (en nogal mondaine) gelegenheid een hoofddoek droeg, werd absoluut niet gesmaakt.

Maar hoofddoeken zijn opnieuw meer in het straatbeeld aanwezig: van de grote billboards die 2 jaar geleden nog ‘westerse’ mode aanprezen, tot druk shoppende en kwebbelende vrouwen rond de Bazar. Hoofddoeken lijken vooral sociaal en regionaal gebonden.

Bij de kosmopolitische elite – die misschien ook discreet moslim is – zijn ze nergens te bespeuren, maar in de volksere wijken zijn ze opvallend aanwezig. Het heeft ook te maken met de migratie van arme bevolkingsgroepen uit het binnenland en Anatolië naar de multiculturele mengelmoes van een wereldstad die Istanbul altijd is geweest.

De video ‘Examplary’ van de kunstenares Canan, die twee jaar geleden te zien was op de vorige Biënnale en nu op de tentoonstelling ‘Dream and Reality’, bevraagt deze sociale druk op het lichaam en leven van vrouwen.

Het doek over Europa

Die hoofddoek verbergt evenwel meer dan wat ‘vrouwenzeurderijen’. De fundamentele vraag stelt zich: welke weg gaat Turkije op? Een vraag die de Europese Unie half oktober ook stelde. De relatie tussen (West)Europa en Turkije, dat een lidmaatschap van de EU beoogt (of beoogde), is aan het bekoelen.

Nu Erdogan de banden met de Arabische landen nauwer aanhaalt en als herder in de moslimwereld wil voorgaan. Arabisch zou – volgens een plan van de Turkse regering – een keuzetaal worden op de lagere school en dat terwijl de Koerdische gemeenschap al een hele tijd onderwijs in de eigen taal vraagt.

Koerden die nog altijd geviseerd worden; zelfs 3 vrouwelijke Koerdische parlementariërs hangt een gevangenisstraf van – samen – 150 jaar boven het hoofd. In totaal zitten 6 Koerdische parlementariërs en 12 verkozen burgemeesters in de gevangenis. Maar ook een honderdtal hoge legerofficieren. Het leger dat altijd de lekenstaat verdedigde.

64 journalisten zitten momenteel achter slot en grendel. Dat is meer dan waar ook ter wereld. Vaak in voorarrest, zonder enige vorm van proces. Hoewel … hoewel de regering beloofde om het voorarrest te zullen beperken tot … 10 jaar in geval van verdenking van terrorisme. Precies op die denkbeeldige verdenking van terrorisme en/of van contacten met een terroristische organisatie zit onderzoeksjournalist Ahmet Sik al sinds de lente vast.

Ook de journalist Mustafa Balbay van het gerespecteerde dagblad ‘Cumhuriyet’ (‘De republiek’- opgericht door Ataturk) werd bijna 3 jaar geleden opgepakt, hoewel hij als parlementslid (voor de oppositiepartij) verkozen werd en dus immuniteit geniet.

Verscheidene tenoren – intellectuelen, universiteitsprofessoren, Human Rights Watch – klagen het gevaar voor het beknotten van de vrije meningsuiting aan. Een 500-tal studenten zou gevangen zitten, omdat ze op straat kwamen om te protesteren.

De onschuld

Regeringsmaatregelen – de grondwet zou worden gewijzigd – stuiten op verzet. Vlak voor het beroemde Galatasaray-lyceum aan de drukke, wereldse winkelstraat Istiklal, betogen studenten tegen de verhoging van het inschrijvingsgeld aan de universiteit. Bovendien zijn de toegangsexamens voor de universiteit bijzonder zwaar en dus wordt er geregeld beroep gedaan op bijlessen.

In zijn recente roman ‘Het Museum van de Onschuld’ stipt Orhan Pamuk dat zijdelings aan. Pamuk die zelf uit de hogere, kosmopolitische burgerij stamt, weet die sfeer goed te vangen en te beschrijven. Bijscholing kost geld. Heel wat jongeren uit minder bevoorrechte milieus vallen zo uit de boot.

Het terugschroeven van verworven vrijheden ligt de jongeren zwaar op de maag, zoals de intentie van de regering om het internetverkeer te beperken, vorige lente. Dat stuitte op een boel protest en die beperkende maatregel – zogezegd om internetmisdaad en pedo/pornofilie te stremmen – lijkt voorlopig van de baan.

Vrijheid van handel en wandel

“Er is meer aan de hand”, aldus een jonge studentenleider, “de regering vrijt de Arabische landen op. Daar zit momenteel veel economische draagkracht. Maar die moslims willen alleen maar zaken doen met andere moslims. Vroeger werd er handel gedreven tussen christenen, moslims, Joden, … Dat was de ‘rijkdom’ van een stad als Istanbul.”

Nu wordt het beperkt tot ‘ons-kent-ons’ en verliezen de voormalige Europees gezinde families hun economische voetsteun, want de regering-Erdogan steunt op de nieuwe rijken, de islamitische corporaties  En die afwijzing van anderen, dat gebrek aan tolerantie uit zich op nog andere vlakken: hier rond het Galatasaray-lyceum kan en mag alles.

Je kunt er betogen zoveel je wilt (al staat er wel een horde politiemannen op wacht). Maar eens een paar straten verder is het gedaan met de verdraagzaamheid. Een van de galerijen die hier in de buurt opende, werd bij de vernissage door de buurtbewoners kort en klein geslagen: er werden te ‘blote’ werken getoond en er werd alcohol geschonken.

Biënnale 2011

En wil nu de huidige Biënnale beneden deze islamitische wijk zijn tenten opslaan. Niet dat de editie 2011 zoveel schokkends, bloot of godschennis toont. Het is een veeleer cerebrale, designtentoonstelling geworden, zij het met een duidelijk politiek kantje.

De twee curatoren, de Braziliaan Adriano Pedrosa en de Costa Ricaan Jens Hoffmann, kozen de Cubaans-Amerikaanse kunstenaar Félix Gozalez-Torres als ‘leitmotiv’. Félix was – bij leven – al aanwezig op de 5de Biënnale. In 1996 overleed de kunstenaar aan de gevolgen van aids, net zoals zijn partner enkele jaren voordien.

Die ziekte en zijn persoonlijke geschiedenis zitten verweven in zijn werk. Installaties die vaak de titel ‘No Title’ droegen omdat Gonzalez-Torres meende dat een titel het kijken – en dus de interpretatie – beïnvloedt. Daarom hebben beide commissarissen ook gekozen om de vijf secties onbestemd te laten … hoewel ze wel ondertitels meekregen: Abstractie, Ross (zijn partner), Paspoort, Geschiedenis en ‘Dood door geweer’. 

Behalve de persoonlijke levensweg van Gonzalez-Torres kan het ook niet anders dat politiek en politieke boodschappen in deze – overigens zeer ‘geregisseerde’ – gemeenschap van artiesten doorstromen: er liggen stapels rouwbrieven voor Jean-Charles de Menezes, de 27-jarige Braziliaan die verkeerdelijk door de Britse politie in de Londense metro werd doodgeschoten; afrasteringen zoals bij bewaakte grensovergangen; een verbazende collectie vinylplaten van historische opnamen (‘Ich bin ein Berliner’ van Kennedy); een lichtinstallatie ‘Foreigners Everywhere’; een meetlat die bezoekers meekrijgen met data uit de Turkse geschiedenis (de stichting van de republiek, de drie militaire staatsgrepen); de ‘Bibliotheca de No Historia’ van de Chileense Voluspa Jarpa (een boekenrek waaruit bezoekers een boek mogen kiezen, een boek met documenten over de Chileense dictatuur, documenten die door de VS verworpen werden); een tafel met 12.235 tinnen soldaatjes, symbool voor de oorlogen in het Midden-Oosten; een video die 9/11 herdenkt, maar dan wel in 1973 met de staatsgreep tegen Allende in Chili …

De Belgische kunstenaar Kris Martin bouwde een berg met 700 koperen obussen uit de Eerste Wereldoorlog uit ‘onze’ Westhoek. Een andere Belg – Wim Delvoye – stelde in een nevenevenement in een galerie zijn getatoeëerde varkens tentoon. Faut le faire in een land dat meer en meer islamiseert.

Gestold en fragiel ritueel

Meer verweven met de Turkse traditie is Johan Tahon die een prestigieuze plek toegewezen kreeg in het Archeologisch Museum van Istanbul. Daar, in de ‘Tiled Kiosk’, confronteert hij zijn hedendaagse sculpturen met de antieke keramiek van Turkije. Vooral de keramiek van Iznik geniet wereldfaam en niet toevallig heeft Johan Tahon een atelier in dat plekje.

Vanuit de bewondering voor het métier stolt hij zijn eigen vloeibare emoties in een bevroren ritueel. Glazuur maar niet zuur. Het vervlechten van traditie en vernieuwing bevrucht een breekbare sterkte.

Mocht dat nu ook maar met Istanbul – en Turkije in het algemeen – het geval zijn in de toekomst. “Je weet: we hebben nogal moeilijke jaren achter de rug”, bekent Bülent Eczacibasi. Als ik voorzichtig (en wat diplomatisch) opper dat het misschien kinderziektes zijn waar je moet doorheen groeien, zegt hij wat mild ironisch: “Turkije is wel een heel oud kind”.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!