De scheepslift van Strépy-Thieu
Nieuws, Politiek, België, Dossier N-VA -

Nieuwe scheepslift bij La Louvière: Waals antwoord op De Wever

Op 7 oktober – deze week vrijdag – wordt middels een groot aantal toespraken een van de belangrijkste nieuwe infrastructuurwerken in Wallonië plechtig in gebruik genomen: de ‘trimodale terminal’ bij La Louvière. Een trimodale terminal dient als overslagplaats tussen water-, spoor- en autowegen. Daar komen indrukwekkende kraan- en andere hefwerktuigen bij kijken.

dinsdag 4 oktober 2011 20:21

De nieuwe terminal bij La Louvière biedt zich aan – naar het zeggen van Willy Taminiaux, gewezen burgemeester van La Louvière en drager van dit project – als een alternatief voor de volle binnenhavengebieden van Vlaanderen en Brussel, en als een ideale anker-en overslagplaats tussen Frankrijk en Duitsland, tussen Schelde en Rijn, of tussen West-en Oost-Europa. Dit zal de toekomst uitwijzen. Maar in deze terminal wordt ook een nieuwe toekomst gezien voor een regio –Le Centre – waarin naar schatting op dertig jaar tijd zestigduizend arbeidsplaatsen zijn verdwenen.

Indrukwekkend is deze terminal alleszins, maar achter deze installatie zit een hele nieuwe – Waalse – filosofie verscholen. De Waalse kanalen van vroeger, zoals het Canal du Centre bij La Louvière, dienden bijna uitsluitend voor de afvoer van steenkool, staal of andere producten van de regionale delfstoffenindustrie naar de Vlaamse (Antwerpen) of Noord-Franse havens. Maar de steenkoolmijnen gingen allemaal dicht en datzelfde proces ondergaan nu ook de meeste staalbedrijven – zij het niet allemaal. Dit kwam er op neer dan men in La Louvière – alweer naar een woord van Willy Taminaux – ‘de boten op de kanalen enkel zag passeren, en een boot die passeert dient tot niets’.

Van de ‘trimodale terminal’ wordt nu verwacht dat de boten stoppen, en dat boot, trein en truck vanuit heel het westen van Europa hun overslagfunctie hier uitoefenen. De terminal maakt ook deel uit van een groter project, het PACO (Port autonome du Centre et de l’Ouest), waarbij – vanuit La Louvière naar het westen toe – ook de steden Bergen (Mons) en Doornik, met hun tussenliggende gebieden zijn betrokken, maar deze ‘trimodale terminal’ bij La Louvière is er wel het paradepaardje van.

PACO werd al in 1999 opgericht, en kan sindsdien worden beschouwd als een van de projecten die in het zgn. ‘Marshallplan’ passen, al was die term in 1999 nog niet in gebruik: Marshallplan is een nieuwe benaming voor de diverse planmatige investeringen die de opeenvolgende Waalse regeringen sindsdien hebben ondernomen in de economische sector, met de nadruk op de logistiek.

Het hele PACO-project, terminal inbegrepen, zou tot nu 25 miljoen euro hebben gekost, waarvan 20 procent uit Europese fondsen kwam en 25 procent uit het Marshallplan van de Waalse regering; de rest kwam van regionale publieke fondsen en van de privésector. Er wordt immers verwacht dat de enkele overblijvende lokale grote bedrijven, die mee hebben geïnvesteerd, massaal en systematisch van deze terminal gebruik gaan maken. De eerste klant – en kapitaalverschaffer – is het staalbedrijf DUFERCO (La Louvière), dat voortaan het grootste gedeelte van zijn transport langs het binnenwater zal gaan verrichten, en veel minder per truck.

De terminal bij La Louvière zal ook het transport per binnenschap langs het hele Canal du Centre revaloriseren, de bekende scheepslift bij Strépy-Thieu inbegrepen: een Bart De Wever ging daar met zijn troepen, enkele jaren geleden, monopoly-geld rondstrooien, als illustratie voor het volgens hem in dit project weggesmeten geld. De waarheid is dat de scheepslift van Strépy-Thieu voortdurend aan belang wint (meer dan 1,2 miljoen ton vorig jaar), en dat de lift in aansluiting met de terminal van La Louvière zijn volle rendement gaat krijgen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!