Zuid-Soedanese hoofdstad nieuwe Afrikaanse groeipool
Nieuws, Wereld -

Zuid-Soedanese hoofdstad nieuwe Afrikaanse groeipool

JUBA —Geweld en onzekerheid blijven een groot probleem, maar kunnen duizenden buitenlanders er niet van weerhouden om toe te stromen in Juba, de nieuwe hoofdstad van Zuid-Soedan.

vrijdag 8 juli 2011 15:50

In heel Zuid-Soedan is maar 50 kilometer geasfalteerde weg te vinden, maar dat heeft de enorme groei van de autohandel in het land niet kunnen stoppen.

Drani Moses Juma, een Oegandees uit Kampala, is naar het land gekomen om er een vereniging van autohandelaars op te starten die auto’s importeren.

De auto’s zijn verre van nieuw, maar de zaken gaan goed. Elke maand worden honderden auto’s verkocht aan een mix van Soedanese en internationale klanten. De belastingen zijn erg redelijk: 2 procent, en de handelaars hoeven geen rekening te houden met strenge regels op het vlak van veiligheid of milieu.

De grootste bedreiging voor de winstmarges, zegt Juma, is dat veel klanten, vaak ex-militieleden, zaken doen met een wapen in de hand. De kersverse regering doet weinig om de handelaren te beschermen. “Ze komen hier in burger om een auto te kopen”, zegt Juma. “En drie dagen later, als ze het kleinste probleempje ontdekken, komen ze terug in uniform met een AK-47 in de hand. Wat moeten we doen? We betalen ze terug.

Economische boom

Zuid-Soedan zal een van de armste landen ter wereld worden. Het huidige bruto binnenlands product van Soedan is 1.600 euro per inwoner, en dat van Zuid-Soedan zal ongeveer de helft daarvan zijn – buiten de hoofdstad zelfs nog lager.

De economische activiteit moet het vooral van de oliesector en de landbouw hebben. Industrie is er nauwelijks, waardoor het land vrijwel alle goederen moet invoeren, voornamelijk uit Oeganda.

Maar daar lijkt snel verandering in te komen. Juba is de snelst groeiende stad in Afrika, van nauwelijks honderdduizend inwoners in 2005 tot meer dan een miljoen vandaag. De baksteenfabriek kan de bouwwoede niet bijbenen en nieuwe banken en zaken schieten als paddenstoelen uit de grond.

Het vooruitzicht van een economische boom heeft duizenden handelaren naar Juba aangetrokken, vooral uit Noord-Soedan en Oost-Afrika. Ze zijn ervan overtuigd dat hier goede zaken te doen zijn, maar vinden het ook een moeilijke en onzekere plek om zaken te doen, vooral door de zwakke overheid en de precaire veiligheid.

Moeilijke buren

Zuid-Soedan deelt de langste grens met Noord-Soedan, maar die relatie belooft niet makkelijk te worden. Noord-Soedan beperkt het verkeer naar het zuiden, waardoor er een tekort is aan veel basisgoederen en een torenhoge inflatie in het zuiden. De grensregio’s blijven bovendien erg gevaarlijk.

Daardoor is Juba vooral op de Oost-Afrikaanse buren gericht. De meeste banken bijvoorbeeld zijn die van de buurlanden: de Kenya Commercial Bank en Equity Bank uit Kenia, en de Commercial Bank uit Ethiopië.

Vele handelaren komen uit Oeganda. “Het is hier heel anders, de mensen hebben hier niks”, zegt Helen Akoth, een Oegandese die al drie jaar een groenten- en fruitstalletje heeft in Juba. “De zaken gaan goed als je verkoopt aan mensen die niets hebben.”.

Moeilijkheden

Juba heeft alle voordelen van een groeipool, maar ook de nadelen. Een daarvan is de munt, het Soedanese pond, dat moeilijk te wisselen is in de buurlanden. Omdat het soms moeilijk te wisselen is in de bank, moeten handelaren vaak wisselen op de zwarte markt, tegen duurdere tarieven. Bovendien wil Juba een eigen munt lanceren, het Zuid-Soedanese pond, maar de overheid heeft nog niet laten weten wanneer, hoeveel die waard zal zijn, en wat er gebeurt met de oude ponden.

Onzekerheid en corruptie zijn een ander groot probleem. Minister van Transport Anthony Lino Makana benadrukte woensdag nog dat er geen milities actief zijn rond wegversperringen. Maar handelaren vertellen een ander verhaal: de hoofdweg tussen Juba en Oeganda is bezaaid met versperringen waar betaald moet worden.

Maar ondanks die problemen denken de meeste handelaren er niet aan om te vertrekken. Ook de Noord-Soedanezen in Juba willen blijven. Minister van Informatie Barnaba Marial Benjamin heeft al laten weten dat ze een Zuid-Soedanees paspoort kunnen aanvragen als ze al lang in Juba wonen.

Het is een van de redenen waarom de handelaren de onafhankelijkheid van het zuiden meestal steunen. “Ik was blij met de uitkomst van het referendum”, zegt Yahya Ishaq, een handelaar uit Khartoem die kleding importeert. “Hier is er meer vrijheid dan in het noorden. De overheid eist minder belastingen en doet niet moeilijk over import.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!