De onzin van ‘Tax Freedom Day’
Opinie, Nieuws, Samenleving, België, Rechtvaardige belastingen, Tax freedom day - Dirk Van der Maelen

De onzin van ‘Tax Freedom Day’

Vandaag is het ‘Tax Freedom Day’ of fiscale bevrijdingsdag. De boodschap die PricewaterhouseCoopers uitstuurt is duidelijk. Alles wat we vanaf vandaag verdienen is voor onze eigen portemonnee. Wat we tot gisteren hebben verdiend werd in beslag genomen. Het spreekt dan ook vanzelf dat hoe vroeger de fiscale bevrijdingsdag valt hoe beter.

woensdag 8 juni 2011 22:25

Het idee van een ‘Tax Freedom Day’ impliceert dat de overheid, door zowat de helft van ons inkomen uit onze zakken te slaan, een fenomenale verarming van haar bevolking veroorzaakt en dat onze fiscale en sociale bijdragen verdwijnen in een groot zwart gat. Dat is natuurlijk niet zo. Ze gaan naar pensioenen, gezondheidszorg, onderwijs, kinderbijslag, politie, justitie, brandweer, openbaar vervoer, bibliotheken, parken, zwembaden, autowegen en fietspaden, om maar enkele zaken te noemen.

In tegenstelling tot waar PwC op aanstuurt, dragen die gemeenschapsvoorzieningen en sociale verzekering wel bij aan onze levenskwaliteit en onze echte koopkracht. Een voorbeeld. Indien we de werkelijke kost zouden moeten betalen dan zou ons dat per kind dat het traject van kleuterklas tot universiteit doorloopt 100.000 euro meer kosten. Voor een ziekenhuisverblijf betaalt een patiënt gemiddeld 411 euro, terwijl de werkelijke kost bijna het tienvoudige bedraagt.

Alles voor niets

Als je er ook maar even bij stilstaat is de koppeling van de sociale bijdragen aan de sociale zekerheid en van de fiscale uitgaven aan de gemeenschapsvoorzieningen een vanzelfsprekendheid. Toch wordt aan die vanzelfsprekendheid makkelijk voorbijgegaan. Zo was 85,3% van de respondenten het eens met de stelling “de belastingen moeten in ieder geval worden verlaagd” uit Doe de stemtest van VRT in 2003. Tegelijk wilde men een verhoging van de pensioenen en uitkeringen, goedkoper openbaar vervoer, meer geld voor ontwikkelingssamenwerking en als ouderen de kosten van het rusthuis niet kunnen betalen, moet de overheid daarvoor zorgen.

In Doe de stemtest van 2004: een verloning voor huishoudelijke arbeid, een onkostenvergoeding voor vrijwilligers, een minimumloon voor beginnende zelfstandigen en kunstenaars, meer steun voor multinationals, gratis basisonderwijs, en een gewaarborgd minimuminkomen voor de boeren. Maar ook liefst geen registratierechten meer en graag lagere belastingen in het algemeen.

Yves Desmet (DM, 25-05-2004) schreef er een edito over met als titel: “Alles, maar wel voor niets”. De voormelde vanzelfsprekendheid blijkt broos te zijn. De link tussen bijdragen en gemeenschapsvoorzieningen is minder direct dan het prijskaartje bij een paar schoenen. Bovendien betaalt niemand graag belastingen. Aan de kassa van de supermarkt doen we toch ook geen vreugdedansje als we de rekening krijgen? Maar een kijkje in de winkelkar kan ons wel vrede doen nemen met de rekening.

Propaganda

Het concept ‘Tax Freedom Day’ knipt bewust de band door tussen de overheidsbijdragen en wat ermee wordt gefinancierd. Het is een handigheidje om het bestaande negatieve beeld over belastingen nog te versterken. Het is een propagandamiddel overgewaaid uit de VS. ‘Tax Freedom Day’ werd er dertig jaar geleden in het leven geroepen door de libertaire denktank Tax Foundation. De ideologische strijd voor de afbraak van de overheid en van de sociale bescherming werd verpakt in een pleidooi voor minder belastingen. Wie pleit voor minder belastingen krijgt immers meer bijval dan wie pleit voor sociale afbraak. Zeker als je doet alsof het ene niets met het andere te maken heeft.

Sommigen draaien er bovendien hun hand niet voor om creatief te werk te gaan opdat ‘Tax Freedom Day’ zo laat mogelijk zou vallen, om op die manier de boodschap te versterken. Op basis van een bedenkelijke berekening beweert de onafhankelijke denktank WorkForAll dat we pas op 12 oktober voor onzelf beginnen werken. Slaven van de overheid zijn we. Zo wordt er een karikatuur gemaakt van een karikatuur.

Het pleit voor PricewaterhouseCoopers, een internationaal advieskantoor dat vijf jaar geleden ‘Tax Freedom Day’ in ons land introduceerde, dat ze het rekenwerk niet manipuleren. Er valt trouwens niet veel te rekenen. Men deelt het bedrag aan belastingen en sociale bijdragen dat de overheid in totaal heeft geïnd door het Nationaal Inkomen. Dat vermenigvuldigt men vervolgens met 365, het aantal dagen in een jaar.

Dat PwC – 14.000 medewerkers in België en adviseur van menig multinational – daarvoor een Leuvense Professor onder de arm neemt, durf ik dan ook te wijten aan een poging om het onzinnige concept een wetenschappelijk cachet te geven en dus meer geloofwaardigheid. Met succes. De boodschap komt over, elk jaar opnieuw. Een kleine greep uit de krantenkoppen van de voorbije jaren: “Vanaf vandaag werken we eindelijk voor onszelf”, “Vanaf vandaag werken we voor eigen portemonnee”, “Vanaf vandaag werken we niet meer voor vadertje staat”, “Vanaf vandaag werkt u voor eigen rekening”, ….

Opbod van belastingverlagingen

De ontkoppeling lijkt een feit. Steeds meer wordt over fiscaliteit geschreven en gesproken alsof het een soort boetesysteem is. Gesneden koek is dat voor rechtspopulisten als Jean-Marie Dedecker, die bijval oogsten als ze belastingontwijking een daad van wettige zelfverdediging noemen. Het reduceert het politiek en maatschappelijk debat over fiscaliteit tot een opbod van belastingverlagingen. “Hoe minder hoe beter” lijkt wel een natuurwet en niet alleen in ons land overigens.

Toch is het geen simpele “minder of meer?”-discussie. Een visie over fiscaliteit is fundamenteel verbonden met de visie op de samenleving en over welke rol de overheid daarin te spelen heeft. Als we een samenleving willen waar iedereen gelijke kansen heeft en waar inkomensongelijkheid beperkt is, dan is er een sterke, strategische en actieve overheid noodzakelijk. Zo’n overheid heeft middelen nodig. Niet zo veel mogelijk, niet zo weinig mogelijk, maar wel voldoende om haar opdrachten naar behoren uit te kunnen voeren. Put your money where your mouth is.

Tegelijk is het de plicht van de overheid om dat zo efficiënt mogelijk te doen. Kan ze meer doen met dezelfde middelen? Kan ze hetzelfde doen met minder? Laat ons dat debat voeren, uitklaren en er dan werk van maken.

Eerlijke verdeling

Minstens even belangrijk is dat de lusten en de lasten eerlijk verdeeld worden. Aan de bijdragekant is daar alvast nog veel werk aan de winkel. Om in de sfeer te blijven: er is niet echt één ‘Tax Freedom Day’. Arcelor Mittal, Electrabel, Janssen Pharmaceutica, AB InBev en onze grootbanken bijvoorbeeld hebben hun feestje al maanden achter de rug, het moet ergens in januari zijn geweest. Sommige van hen zelfs al in de nacht van oud op nieuw. En misschien wel met dank aan PwC voor de uitmuntende tax planning.

Ditzelfde geldt voor mensen met grote vermogens. Van werknemers daarentegen wordt een buitenproportionele bijdrage gevraagd. Over de noodzaak om via een fiscale herschikking tot een eerlijke fiscaliteit te komen waarbij de verschillende ‘Tax Freedom Days’ dichter bij elkaar komen te liggen, lezen we niets in de berichtgeving die door PwC wordt gestuurd. Meer nog, wat volgens PwC dringend moet gebeuren is een fiscale hervorming ten voordele van diegenen voor wie fiscale bevrijdingsdag nu al het vroegste valt.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!