Cultuur, Recensie, Cultuur, Randy newman -

Luisterpost: Randy Newman ‘Songbook vol. 2’

De naam Randy Newman doet als songwriter en performer vooral bij een oudere generatie een belletje rinkelen. De iets jongeren kennen hem dan weer van de soundtracks bij een aantal Disneyfilms zoals ‘Toy Story’. De man zet nu – na een halve eeuw carrière - een keure van zijn liedjes in naakte versies op een nieuwe verzamelaar.

zaterdag 14 mei 2011 16:40
Spread the love

Die geeft hij op ‘The Randy Newman Songbook Vol. 2’ weer de vorm die het dichtst ligt bij het ontstaan van de nummers: louter piano en stem. Newmans reden ervoor is dat een aantal van de arrangementen die hij indertijd op de songs kleefde nu gedateerd zouden klinken, terwijl een stem en een piano daar makkelijker aan ontsnappen. Ook is het zo dat de Amerikaan redeneert dat hij sinds jaar en dag solo optreedt en deze aanpak de songs een grotere intensiteit en maturiteit aan de liedjes meegeeft. Newman is nooit een topzanger geweest –dat weet hij zelf het best- maar net daardoor blijkt er op dat vlak weinig te klagen. De stem van de inmiddels 67-jarige zanger heeft de tijd immers beter doorstaan dan bij voorbeeld (oké, het is een extreem voorbeeld) Bob Dylan. Ook de productie van Lenny Waronker en Mitchell Froom is uitstekend.

liedjesgeschiedenis

Newman kiest hier uit liedjes van zijn eerste plaat (‘Randy Newman Creates Something New Under The Sun’ uit 1968) tot zijn meeste recente (‘Harps and Angels uit 2008), wat dik 40 jaar liedjesgeschiedenis oplevert. Dit lijkt echter vooral een plaat voor de mensen die het werk reeds kennen. Zij zullen de subtiele veranderingen nog het meest waarderen en bij voorbeeld merken dat oorspronkelijke arrangementen zoals in de opener ‘Dixie Flyer’ mooi doorklinken in de pianoversie. 

Waar we echter niet volledig in meegaan is dat deze versies per se superieur zijn aan de originelen. Ik denk bij voorbeeld aan de filmische strijkers- en blazers van het hier hernomen ‘Cowboy’ die echt een essentieel onderdeel van de song uitmaken zodat de kale nieuwe versie slechts een ghostprint van het origineel oplevert. Ook in ‘Last Night I Had A Dream’ missen we enorm de slidesolo van Ry Cooder die het eerste versie pas echt zijn snedigheid meegaf. Een enkele keer weet hij de song echt te redden, we denken dan aan ‘My Life Is Good’ dat van alle bombast ontdaan, weergaloos grappig is en niet meer irriteert door de dolgedraaide synthesizers die het origineel verknalden. Soms is er dan weer geen merkbaar verschil zoals in het nog steeds sublieme ‘Dayton Ohio 1903’.

Dat woordje ‘subliem’ geldt trouwens voor de meeste songs hier. Toch mag je deze plaat niet vergelijken met de laatste ‘American’-platen van Johnny Cash, want Newman herneemt louter eigen werk. Het lijkt dan ook alsof we hier een schilder aan het werk zien die in zijn eigen werk bladert en tegen de toeschouwer zegt: kijk, dit heb ik gemaakt, ik schets het u even. Mooi gedaan, hoor, maar laten we toch ook de originele versies niet vergeten.

Beoordeling: +++

(Nonesuch)

take down
the paywall
steun ons nu!