Pakistanen krijgen genoeg van taliban
Nieuws, Wereld -

Pakistanen krijgen genoeg van taliban

ZUID-WAZIRISTAN - Nog niet zo lang geleden werden de taliban als goede moslimstrijders bekeken in de Pakistaanse stammengebieden aan de grens met Afghanistan, maar nu taant hun populariteit. De voortdurende aanslagen tegen moskeeën, scholen en burgers openen veel Pakistanen de ogen.

maandag 10 januari 2011 14:11

“De taliban genieten niet langer de steun die ze hadden toen de VS en hun bondgenoten Afghanistan aanvielen”, zegt Jamilur Rehman, een student aan de Universiteit van Peshawar die afkomstig is uit Zuid-Waziristan. Toen de taliban eind 2001 van de macht werden verdreven in Afghanistan, vonden velen van hen een onderkomen in Waziristan en andere afgelegen stammengebieden net over de grens met Pakistan. De Pakistaanse overheid heeft er nauwelijks iets te zeggen, en de de taliban konden er samen met plaatselijke islamisten toenemend de wet opleggen.

Gevoelens geraakt

Maar nu is de stemming omgeslagen. “Onze kinderen kunnen het huis niet verlaten door uitgaansverboden en voortdurende schermutselingen. De taliban laten kinderen niet toe te spelen en naar school te gaan. Hoe kunnen we hen nog steunen?”, zegt Jamal Akbar, een winkelier uit Zuid-Waziristan. Ooit was hij een vurige aanhanger van de militanten. Maar dat is voorbij. “De mensen worden armer door de activiteiten van de taliban”, zegt Akbar.

“De aanslagen op moskeeën en scholen hebben de gevoelens van de mensen hier diep geraakt”, zegt Wajid Ali, een leraar aan een Koranschool in Khyber Agency, een van de stammengebieden.

Ook de executies van mensen die veroordeeld zijn door islamitische rechtbanken van de taliban, doen hun imago geen goed. Het aantal van die executies is inmiddels opgelopen tot 54. Vrouwen worden niet gespaard. Onlangs werd het lijk van een vrouwelijke danser aan een stroompaal gehangen nadat ze was afgeslacht. Ook verhalen over extreme lijstraffen doen de ronde. “Vorige week werden in Orakzai Agency de handen afgehakt van iemand die betrokken was in een familieruzie met een commandant van de taliban”, zegt Wajid Ali.

Vóór 2004 werden er in de stammengebieden betogingen gehouden als de Amerikanen of het Pakistaanse leger een talibanleider uitschakelden. Na 2005 zijn er geen protesten meer geweest, al maken aanvallen met onbemande vliegtuigjes steeds meer slachtoffers onder de talibanstrijders.

Minachting

“Het voorbije jaar stierven er 1224 onschuldige mensen bij 52 zelfmoordaanslagen door de taliban”, zegt Sajjad Shah, een politieman in Dera Ismail Khan. “Dat is genoeg om minachting op te wekken in de hoofden van de mensen.”

De taliban kwetsen paradoxaal genoeg ook de religieuze gevoelens van de mensen in de stammengebieden. “Militanten steken moskeeën en korans in brand”, zegt Juma Gul, een voormalige medewerker van de Afghaanse inlichtingendiensten. Op 19 november deden militanten die aanleunen bij Al Qaeda in het district Gizab in Afghanistan nog een moskee in de vlammen opgaan. Daarbij werden ook tientallen korans verkoold. Ook aanslagen op gerespecteerde islamkenners in Afghanistan en Pakistan worden de islamisten zwaar aangerekend.

Rehman, de student uit Zuid-Waziristan, hoopt dat de steun voor de taliban snel verder afbrokkelt en dat de militanten met de noorderzon verdwijnen.

Steun uit Pakistan

De taliban – letterlijk “theologiestudenten” – verschenen in 1994 op het toneel. In enkele jaren tijd verwierven ze controle over bijna het volledige Afghaanse grondgebied. Dat lukte onder meer dankzij genereuze steun uit Pakistan.

Op vraag van verschillende religieuze partijen gaven tienduizenden Pakistanen geld aan de beweging die in hun ogen Afghanistan weer zou winnen voor de echte islam. Toen in september 2001 met de interventie van Amerikaanse troepen het einde van het talibanregime in zicht kwam, trokken duizenden Pakistaanse jongeren naar Afghanistan om schouder aan schouder met de taliban tegen de westerse soldaten te vechten.

Toen de taliban de wijk moesten nemen, bleek het leeuwendeel van de 5 miljoen inwoners van de Pakistaanse stammengebieden bereid hen onderdak te bieden. De islamistische strijders konden zich er herorganiseren en bonden samen met Pakistaanse geestesgenoten ook de strijd aan tegen het Pakistaanse leger.

Hoe groot de steun voor de taliban in die tijd was, bleek toen de Muttahida Majlis-i-Amal (MMA), een alliantie van religieuze partijen die het voor de taliban opnemen, in oktober 2001 een absolute meerderheid behaalde bij de verkiezingen in de provincies Khyber Pakhtunkhwa en Balochistan. Vijf jaar lang bestuurde de alliantie de twee provincies.

De leiders van de MMA verzetten zich met hand en tand tegen de “oorlog tegen het terrorisme” die de VS en hun bondgenoten in Afghanistan voeren. Ze verkondigden dat de toenmalige Pakistaanse president Pervez Musharraf een marionet in de handen van de VS was geworden.

Bij nationale verkiezingen in 2002 haalde de MMA 11 procent van alle stemmen in het land. Maar sindsdien is het steil bergaf gegaan met de alliantie. In 2008 kon ze nog amper 770.000 kiezers overtuigen, goed voor amper zes zetels in het parlement.
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!