“Bebloede en gillende medegevangenen zijn doodnormaal”
Nieuws, Wereld, Gevangenen, Israël Palestina, Marteling -

“Bebloede en gillende medegevangenen zijn doodnormaal”

RAMALLAH -- Veel Palestijnse gevangenen worden mishandeld in Israëlische gevangenissen. IPS kon het verhaal optekenen van een Palestijn die al ruim acht jaar achter de tralies zit.

vrijdag 12 november 2010 13:49

Palestijnse gevangenen in Israëlische cellen worden vaak beledigd, uitgescholden of geslagen, hebben soms dagenlang handboeien aan, worden lang wakker gehouden of geïsoleerd. In sommige cellen heersen abominabele hygiënische omstandigheden. Dat staat in een rapport dat de Israëlische mensenrechtenorganisaties B’Tselem en het Hamoked-centrum voor de Verdediging van het Individu vorige week publiceerden. De twee organisaties verzamelden getuigenissen van 121 Palestijnse gevangenen. “De misbruiken beginnen bij de arrestatie en duren tot het vertrek van de gedetineerden”, staat er in het rapport.

Gesmokkelde gsm

IPS kon met een Palestijn spreken die vast zit in de gevangenis van Ketziot in de Negevwoestijn. Dat gebeurde via een mobiele telefoon die de gevangenis was binnengesmokkeld. Bewakers verdienen goed aan die handel.

Samer Hamdan (niet zijn echte naam) is 26 en zit een straf van negen jaar uit voor lidmaatschap van een verboden organisatie. Hij zegt dat hij al tot bloedens toe geslagen werd. Volgens Hamdan is het geen zeldzaamheid bebloede medegevangen te zien of hen van pijn te horen gillen.

“Ik was maar 17 toen ik gearresteerd werd”, vertelt Hamdan, een voormalig lid van het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP). “Ik was doodsbang, ik wist niet hoe ik met de ondervragingen moest omgaan”.

Het werd nog erger dan Hamdan gevreesd had. “Uiteindelijk beken je alles, ook dingen die je niet gedaan hebt, alleen maar om de slagen en de mishandelingen te doen stoppen.”

Goede bui

Hamdan mag zijn moeder maar één keer per maand drie kwartiertjes zien. Zijn vader kan één keer om de vier maanden langskomen. “Als mijn familie kleren of studieboeken meebrengen, mag ik die niet altijd hebben”, vertelt Hamdan. “Het hangt ervan af of de soldaten in een goede bui zijn.”

“We krijgen niet genoeg te eten, en de kwaliteit van het eten is ondermaats. We moeten ons eigen geld gebruiken om meer eten te kopen in de kantine.” Gelukkig maakt de Palestijnse Autoriteit elke maand geld over op de rekeningen van Palestijnse gevangenen.

Hamdan deelt zijn kleine cel met vijf medegevangenen. Op de bedden liggen dunne, stinkende matrassen. Maar deze cel is veel beter dan de isoleercel waarin Hamdan een maand lang werd vastgehouden tussen ondervragingen door. “Ik werd soms dag en nacht ondervraagd. Tijdens de ondervragingen was ik geboeid en werd ik geslagen. Tussen de sessies door werd ik opgesloten in een ondergrondse isoleercel waar altijd een fluorescerende lamp brandde. Ik kon mijn kleren niet verversen en mocht ook niet douchen. Een emmer die maar af en toe werd geleegd, deed dienst als wc.”

Volgens B’Tselem en het Hamoked-centrum hebben Palestijnse gevangenen al honderden klachten ingediend, maar die hebben nog geen aanleiding gegeven tot onderzoeken of gerechtelijke procedures.
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!