Duitse loonmatiging speelt Belgisch concurrentievermogen parten
Verslag, Nieuws, Economie, België, Tmd, IPA -

Duitse loonmatiging speelt Belgisch concurrentievermogen parten

De lonen in onze buurlanden zullen de komende twee jaar met 5 procent stijgen. Dat is 1,1 procent meer dan de verwachte loonindexering in België. De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven wijst er wel op dat de loonstijgingen in Duitsland altijd overschat worden. Voor de drie buurlanden samen (Duitsland, Frankrijk en Nederland) zou die overschatting 1,1 procent bedragen.

dinsdag 9 november 2010 13:36

Nu het rapport over de concurrentiekracht van de Belgische economie er is, kunnen de onderhandelaars van de vakbonden en werkgevers aan de slag. Nog voor het einde van het jaar zouden zij een nieuw interprofessioneel akkoord moeten sluiten. Dat akkoord vormt dan het kader van de loononderhandelingen in de sectoren en bedrijven.

Het is dan ook telkens uitkijken naar de beschikbare loonmarges in het rapport. Die worden berekend op basis van de verwachte loonevolutie in de drie buurlanden Frankrijk, Nederland en Duitsland.

De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven voorspelt dat de lonen in onze buurlanden de komende twee jaar met 5 procent zullen stijgen. Door de loonindexering in België (de automatische aanpassing aan de levensduurte, een systeem dat in onze buurlanden niet bestaat) zouden de lonen in ons land in 2011 en 2012 met 3,9 procent stijgen. Dat betekent dat er een marge is van 1,1 procent boven de indexering.

Duitsland valt uit de toon

De werkgevers diepen uit het rapport twee cijfers op om de loonmarge te minimaliseren. Zo geeft de CRB aan dat voorspelde loonstijgingen in Duitsland de laatste jaren altijd overschat worden. De CRB baseert zich namelijk op de loonevolutie van de voorbije dertig jaar. Voor Frankrijk zit de CRB er daardoor de laatste jaren altijd pal op. Voor Nederland is er een onderschatting met 1,2 procent. De Duitse lonen stijgen echter gemiddeld 2,3 procent minder snel dan voorspeld.

“Dat komt doordat Duitsland sinds 2003 stevig inzet op loonmatiging”, zegt Luc Denayer van de CRB. Alles samen bedraagt die overschatting gemiddeld 1,1 procent. “De echte verwachte loonkostenontwikkeling bij onze drie buurlanden is daardoor exact gelijk aan de verwachte indexering bij ons”, reageert Pieter Timmermans, directeur-generaal van het VBO.

Het VBO roept daarom op tot “absolute loonmatiging”. Unizo-topman Karel Van Eetvelt wil zelfs sleutelen aan het systeem van de automatische loonindexering. 

Bijkomend argument voor de werkgevers is de ontstane loonkloof sinds 1996, de invoering van de wet op de vrijwaring van het concurrentievermogen. Die loonkloof met de buurlanden bedraagt nu 3,9 procent. Een kloof die vooral geslagen werd in 2007 en 2008 toen de energieprijzen omhoog schoten.

Maar ook hier is het opnieuw Duitsland dat uit de toon valt. De lonen in Frankrijk en Nederland stegen een pak sneller dan de Belgische lonen. Alleen trekt Duitsland het gemiddelde serieus naar beneden.

Loonsubsidies

De vakbonden zullen wijzen op andere cijfers in het rapport. Zo bedragen de loonsubsidies die de bedrijven ontvangen 1,3 procent van de totale loonmassa. De vergelijking met onze buurlanden houden geen rekening met die subsidies. “Het lijkt er op dat dergelijke subsidies in België meer gebruikt worden dan in de buurlanden,” zegt Luc Denayer van de CRB.

En dan zijn er natuurlijk ook nog die factoren die er voor zorgen dat België de trein van de technologische omwenteling mist. Belgische bedrijven investeren een pak minder in onderzoek en ontwikkeling dan hun Duitse en vooral hun Scandinavische concurrenten. “Het peil van onze O&O-uitgaven weerspiegelt onze onderspecialisatie in de hoogtechnologische sectoren”, schrijft de CRB.

Ook op vlak van opleiding en vorming boeren de Belgische bedrijven nog maar eens achteruit. “Bedrijven zien vorming te veel als een kost en te weinig als investering”, aldus het CRB.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!