Het Gentse stadhuis
Nieuws, Samenleving, België, Armoede, Gent, Kif Kif, Vrouwennetwerk, Joke Clijsters, Bea Van Robaeys, Gelijke kansen voor morgen, Allochtone vrouwen, Werelddag van verzet tegen extreme Armoede -

Allochtone vrouwen en armoede: een drievoudige strijd

GENT - Het Gentse vrouwennetwerk 'Oog in Oog' nodigde Bea Van Robaeys uit om op 14 oktober haar onderzoek ‘Gelijke kansen voor morgen’ voor te stellen en een gesprek aan te gaan met het publiek. Joke Clijsters ging voor Kif Kif haar oor te luisteren leggen in het Gentse stadhuis.

dinsdag 26 oktober 2010 14:55

Het lunchgesprek in het stadhuis van Gent paste mooi in ‘Het Jaar van de Armoede’. Op zondag 17 oktober was het de ‘Werelddag van verzet tegen extreme Armoede’.

Het Gentse vrouwennetwerk ‘Oog in Oog’ nodigde Bea Van Robaeys uit. Op 14 oktober kwam ze haar onderzoek ‘Gelijke kansen voor morgen’ voorstellen. Ze ging daarna een gesprek aan met het publiek. Tal van organisaties – die met vrouwen in armoede werken – waren aanwezig. De onderzoeksvraag luidde: ‘Beïnvloeden gender en herkomst het risico op armoede?’

Hallucinante cijfers

Het antwoord is een volmondig ‘ja’, volgens Van Robaeys. Zij werkt als onderzoekster en docente aan de Karel de Grote Hogeschool in Antwerpen. Eerst legde ze de relatie tussen armoede en herkomst bloot.

De onderzoeksresultaten van 2001 zijn hallucinant: 56 procent van de mensen van Marokkaanse – en 59 procent van de mensen van Turkse herkomst, hebben een inkomen dat onder de Europese armoedegrens ligt. Deze armoedegrens is internationaal vastgelegd op 60 procent van het gemiddeld equivalent inkomen. Ter vergelijking: voor autochtone Belgen bedraagt dit cijfer 10,16 procent.

Het risico om onder de armoedegrens leven, bleek – voor groepen van Turkse – en Marokkaanse herkomst – dus vier tot vijf keer hoger dan voor de groep van Belgische herkomst. Ook het verband tussen armoede en gender (geslacht) is duidelijk. Vrouwen blijken 36 procent kans te hebben om in armoede te leven; voor mannen is dat 11 procent.

Armoede in de praktijk

Een moeder getuigt: “Ik kan niet geven wat mijn kinderen willen. Bij een verjaardag kan ik ook niet geven wat ze willen. En dan het eten: ik kan het niet kopen. Ik heb het niet. Ik ga naar de Aldi of … Wij volgen de islam: wanneer we een feest hebben, geven we cadeaus. Maar ik heb de middelen niet. Wij kopen soms cadeaus die de kinderen willen, maar met het OCMW en de kinderbijslag, is dat niet veel.”

Ook ’s zomers niet op vakantie kunnen gaan naar het land van herkomst, of geen geld kunnen sturen naar de familie, zijn pijnlijke voorbeelden van hoe armoede ervaren wordt. Dat is trouwens heel subjectief: de eerste generatie migranten was al tevreden met een dak boven hun hoofd en brood op de plank. De tweede generatie voelde gemiste kansen op vlak van onderwijs en deelname aan de maatschappij. De derde generatie spiegelt zich aan ‘onze’ autochtone maatschappij en verwacht dezelfde levensstandaard.

Armoede maakt ook dat de vrouwen zich onmachtig, onzeker, afhankelijk en gestresseerd voelen. Er waren getuigenissen over vermoeidheid, schaamte, boosheid en een gevoel van overbodigheid.

De weg vooruit

In de interviews werd ook gepolst naar een mogelijke uitweg uit de armoede. In het algemeen hadden de vrouwen weinig hoop. Ze geloofden wel in een verbetering via goed onderwijs en werk. Dat stemt overeen met wat de autochtonen denken. Verschillend is wel dat de allochtone vrouwen ook de taal en een rijbewijs als belangrijke stappen zagen. Dat zijn dingen die voor autochtonen niet van tel zijn.

Als het gaat over hun kinderen, dan koesteren deze vrouwen wel hoge verwachtingen. Ze vinden het daarom heel belangrijk dat hun kinderen degelijk onderwijs krijgen. Werk vinden wordt dan iets gemakkelijker. Ze zijn zich wel bewust van gevaren zoals lage schoolmotivatie of slechte vrienden.

Inzicht van binnenuit

De lezing gaf ons een kijk in de leefwereld van arme allochtone vrouwen. Dit is verhelderend. Vaak is het beleid niet op de hoogte van de realiteit waarin die mensen moeten leven. Een beter inzicht in hun leef- en belevingswereld helpt om deze kloof te overbruggen.

Van Robaeys pleit voor activering op maat van deze vrouwen: hen bij elk stapje ondersteunen op hun weg uit de armoede. De organisaties uit het middenveld reageerden alvast positief en deelden ook hun ervaringen mee. Het lunchgesprek bood dus een interessant forum waarin de stem van allochtone vrouwen luid opklonk.

Alle mensen, rijk of arm, streven naar ongeveer hetzelfde: naar voldoening en een goed leven. De middelen die ze daarvoor hebben, kunnen echter grondig verschillen. Het gaat hier niet enkel om financiële middelen, maar ook bijvoorbeeld om de opleiding, kansen op de arbeidsmarkt en deelname aan de maatschappij.

De cijfers van hierboven zeggen veel, maar niet alles. Door kwalitatief onderzoek werd het verhaal achter de cijfers ontrafeld. Aan de hand van citaten uit interviews – met arme vrouwen van Turkse en Marokkaanse afkomst – kregen we een beeld van de mensen achter de statistieken.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!