Noam Chomsky op het Wereld Sociaal Forum van 2003
Opinie, Nieuws, Wereld, Economie, Wereld Sociaal Forum, Andersglobaliseringsbeweging, Sociale bewegingen, NGO's, Michel Chossudovsky, Financiering, Establishment -

Geld, de andersmondialiserings- beweging en de ‘elites’

Enkele weken geleden verspreidde de Canadese econoom Michel Chossudovsky een artikel met als titel 'The Anti-Globalization Movement is Funded by the Corporate Elites'. Het werd inmiddels vertaald naar het Nederlands en verspreid via de website van een esoterische/spiritualistische beweging. Los van dat laatste is het een artikel dat zeker de aandacht verdient, vindt Francine Mestrum.

dinsdag 12 oktober 2010 12:20

Kort samengevat komt de stelling van Chossudovsky (nvdr: hij is directeur van het Canadese Centre for Research on Globalization (CRG) en schrijft regelmatig bijdragen voor Le Monde Diplomatique)  hier op neer: door een beleidskader én geld ter beschikking te stellen van de non-profitsector kan de heersende klasse ook de leiders van de basisbewegingen coöpteren.

De naïeve en goedbedoelende jongeren die in Seattle, Praag of Quebec protesteren tegen de mondialisering moet aan het verstand worden gebracht dat de regeerders niet legitiem regeren. We hebben een andere strategie voor het protest nodig.

Naar analogie van een concept dat Noam Chomsky introduceerde (“het vervaardigen van instemming”) spreekt Chossudovsky van “het vervaardigen van dissidentie”.

Het gaat er vooral om dat de illusie van democratie moet worden bewaard, zonder dat bewegingen ook echt het establishment en de sociale orde in gevaar kunnen brengen. Door de dissidentie zelf in handen te nemen, hebben de elites ook een soort van ‘veiligheidsklep’ in hun bezit. De beste manier om dit te doen, is de bewegingen ook zelf te financieren.

Coöptatie gaat er immers niet enkel om zich zeker te stellen van de steun van politici. De grote stichtingen van de economische elites kunnen ook tal van NGO’s en burgerbewegingen in leven houden. De Ford-, Rockefeller- en McCarthy-stichtingen financieren milieubewegingen en antikapitalistische netwerken om ze zo beter onder controle te houden.  

Zo ontstaat ‘politiek correcte oppositie’. Men doet er ook alles aan om de diverse bewegingen gescheiden te houden en te vermijden dat er een echte massabeweging zou ontstaan. Daarom worden sommige NGO’s ook officieel erkend om deel te nemen aan een ‘dialoog’ met de instellingen, zoals bij de WTO of de Wereldbank.

De voorbeelden van Chossudovsky zijn echter lang niet overtuigend. SAPRIN, dat zou gefinancierd zijn door USAID en de Wereldbank, is door de Wereldbank zelf ‘bedankt’ toen het duidelijk niet aan het lijntje liep. IATP, een Amerikaanse NGO die in Genève een ‘Trade Watch’ organiseert, heeft inderdaad soms bedenkelijke praktijken.

In mijn ogen is het altijd in eerste instantie een anti-EU-beweging geweest, ter verdedigingen van VS-belangen, voornamelijk in de landbouwsector. De bewegingen die deelnemen aan het Wereld Economisch Forum van Davos hebben in de andersmondialiseringsbeweging niet meteen een goede reputatie, laat staan ook invloed.

Het Wereld Sociaal Forum (WSF) van Porto Alegre ten slotte zou geld krijgen van de Ford-stichting, Novib, Oxfam en Action Aid, en onrechtstreeks van de Europese Unie en een hele rits van VN-instellingen.

Dit zijn de bewijzen om te stellen dat het kapitalisme het antikapitalisme financiert.

Geld, de achillespees van de andersmondialiseringsbeweging

Deze beschuldigingen zijn niet min en de argumenten verdienen alle aandacht. Aangezien ik zelf lid ben van de Internationale Raad van het WSF weet ik hoe delicaat alle geldzaken liggen en hoe moeilijk het soms is de rekeningen rond te krijgen.

En wat Chossudovsky aanklaagt, is zeker iets wat alle sociale bewegingen permanent bedreigt. Zijn kritiek komt echter vrij laat. In het WSF zelf is al jarenlang een discussie over de financiering aan de gang, met kritiek op de echte financiers en dat zijn niet diegenen die Chossudovsky aanklaagt.

Oxfam, Novib en Action Aid? Jawel, zij helpen, gelukkig maar. Hoewel de zogenaamde ‘sociale bewegingen’ lang niet gelukkig zijn met geld van ‘NGO’s’. Geld van de Ford Stichting? Jawel, ook dat is er geweest, voor zover ik weet niet met voorwaarden. Geld van de Europese Unie? Nooit van gehoord. Geld van VN-organisaties? Jawel, onrechtstreeks van enkele organisaties die deelnemende bewegingen financieel steunden.

Controle op wie de deelnemende organisaties steunt, is er niet, wie weet dat dit nog verrassende resultaten zou kunnen opleveren! De grote financiers zitten echter in Brazilië, met bijvoorbeeld Petrobras, de staatsoliemaatschappij. Of van een grote overheidsbank. In Caracas werd het WSF gesteund door Chavez, niet met geld, maar door de terbeschikkingstelling van infrastructuur.

In Dakar (WSF van 2011) komt er o.m. steun van het stadsbestuur en van de universiteit, eveneens in de vorm van infrastructuur. De financiering is inderdaad een zeer heikel punt, want laat ons eerlijk zijn: honderdduizend mensen van over de hele wereld bijeen brengen, kost geld. Mensen moeten reizen, ergens slapen, er zijn tolken nodig, gebouwen, media, enzovoort. Wie kan dat betalen? Waar moet dat geld vandaan komen?

Is geld van een NGO zoals Action Aid beter dan dat van Petrobras? Alleen over dat punt is er binnen het WSF al heel wat discussie. Zeer zeker, met de Internationale Raad zijn er al vergaderingen geweest in dure hotels, in Mexico bijvoorbeeld stelde het stadsbestuur een hotel in het stadscentrum ter beschikking.

En wie durft er te beweren dat we zo iets moeten weigeren en de voorkeur moeten geven aan afgedankte kloosters, zoals zo vaak het geval is? Kloosters? Die zijn van de kerk! Aanvaarden we liever geld van de katholieke kerk dan van een links stadsbestuur? Alweer een moeilijke vraag.

Financiën vormen zonder meer het erg zwakke punt van elke internationale sociale beweging, Europees zowel als mondiaal. Het is telkens zoeken en schrapen, zich afvragen wat ethisch verantwoord is en wat niet. Is het beter bijeen te komen met een financiële bijdrage van een NGO, van een kerk, van een overheidsbedrijf, dan beter helemaal niet bijeen te komen?

Wie zouden de linkse financiers kunnen zijn? Wie ze kent, gelieve dringend hun namen en e-mailadressen door te geven. En hoe dan ook, een linkse ‘elite’ blijft een ‘elite’, toch?

Gelukkig bieden de nieuwe informatiemedia wel een stukje oplossing. Sinds het WSF in het Braziliaanse Belém in 2009 wordt er telkens een ‘extended’ formule toegepast: via internet en video worden er rechtstreekse contacten gelegd met groepen op het forum en groepen die thuis zijn gebleven. Op het Onderwijsforum dat volgende week in Ramallah (Palestina) wordt gehouden, zijn er tientallen virtuele ontmoetingen gepland met groepen in Frankrijk, Mexico, Senegal en Marokko.

Manicheïsme

Chossudovsky mag dan niet bijzonder goed op de hoogte zijn van het reilen en zeilen in het WSF, zijn argumenten zijn wel belangrijk en moeten elke andersmondialist doen nadenken over wat kan en wat niet kan. En we moeten ons tevens afvragen wat mensen als hij of de esoterische vereniging die deze tekst liet vertalen, beweegt.

Er zit iets paradoxaals in de beschuldiging van Chossudovsky. Volgens hem is het juist de financiering door ‘de elite’ die verhindert dat er een massale eengemaakte beweging ontstaat van alle antiglobalisten. Maar zelf zaait hij tweedracht door een deel van de beweging uit elkaar te spelen.

Peter Waterman, sociaal wetenschapper die eveneens actief is in het WSF, ziet in hem een ‘manicheïstisch marxist’ die de wereld uitsluitend in zwart-wit binaire tegenstellingen kan zien. Hij maakt deel uit van een groep die het niet zo graag over ‘mondialisering’ heeft, maar liever over ‘imperialisme’, die ‘NGO’s’ voortdurend afzet tegen ‘sociale bewegingen’, die de ‘revolutie’ nog steeds stelt tegenover ‘reformisme’, de ‘bourgeoisie’ tegenover het ‘proletariaat’, de ‘massa’ tegenover de ‘voorhoede’, de ‘klassenstrijd’ tegenover de ‘civiele maatschappij’, enz.

Hun marxisme is niet dialectisch, maar heeft de wetenschappelijke waarheid in pacht. Het is niet zo moeilijk om in deze kritiek ook een deel van de kritiek te herkennen die ik elders formuleerde op de linkerzijde in Vlaanderen, want ook in Vlaanderen willen sommigen helemaal niets van het WSF of de andersmondialiseringsbeweging horen. In hun ogen zijn alle NGO’s instrumenten van het imperialisme.

Een dergelijke visie mondt makkelijk uit in een complottheorie. Manicheïstische marxisten zijn in wezen essentialisten voor wie dingen – NGO’s, sociale bewegingen, stichtingen – ‘zijn’ en nooit iets anders kunnen zijn of worden onder invloed van sociale krachten.

“Een andere wereld is mogelijk” betekent voor hen alleen dat het kapitalisme door een revolutie kan worden vervangen door ‘socialisme’. Het levert al bij al een steriele en machteloze tegenstelling op.

Want wat doe je ondertussen? Er is ondertussen al een aardige bibliotheek bij elkaar geschreven over de acties en de financiering van NGO’s, met name in de ontwikkelingssector.

Ik zelf ben bijzonder sceptisch over hun mogelijkheden om iets structureels in de Derde Wereld te veranderen. Zoals ik ook bijzonder sceptisch ben over alle filantropische en liefdadigheidsacties die soms géén, maar meestal wel politieke bedoelingen hebben. Elke beweging, elke actie moet op eigen merites beoordeeld worden.

Er nemen aan het Wereld Sociaal Forum organisaties deel die daar m.i. niet echt hun plek hebben. Maar wij willen een ‘open ruimte’ zijn en dus blijft iedereen die het Handvest van Porto Alegre goedkeurt ook welkom.

In de Internationale Raad worden telkens opnieuw moeilijke discussies gevoerd over eventuele grenzen die moeten worden getrokken. Voor het volgende WSF in Dakar (nvdr: januari 2011) geldt dat met name voor vrouwen- en homorechten. We willen graag respect hebben voor andere culturen, maar hoe ver kan dat gaan?

Discussies over ‘het kapitalisme’ en ‘het imperialisme’ brengen ons meestal niet verder dan een algemene veroordeling. In het Wereld Sociaal Forum vinden we dat niet genoeg en gaan we op zoek naar concrete actiepunten, het liefst gemeenschappelijk.

Hoe moeilijk dat is, blijkt al uit het artikel van Chossudovsky. Af en toe is zo’n herinnering aan de noodzaak van ‘verscheidenheid’ toch nuttig.

Francine Mestrum

Francine Mestrum is lid van de Internationale Raad van het Wereld Sociaal Forum en schreef al diverse boeken over globalisering en de impact ervan op ontwikkeling.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!