Plannen voor nieuwe stadsontwikkeling in Tirana (foto: stadsbestuur Tirana)
Opinie, Nieuws, Samenleving, België, Albanie, Immigratie, Visabeleid, Schengen, Grenscontrole -

Belgisch visabeleid aan grondige bijsturing toe

Johan Leman legt uit waarom het Belgische visabeleid niet deugt en aan een grondige bijsturing toe is.

maandag 4 oktober 2010 16:30

Een Leugenpaleis?

Twee authentieke verhaaltjes uit 2009-2010 om mee te beginnen, en aansluitend een e-mail bericht.

Verhaal 1. Een Iraanse medewerkster bij Foyer signaleert me dat haar zus, die in België verblijft, zal bevallen van haar eerste kindje. Zij zou haar moeder graag uit Teheran laten overkomen om bij de bevalling aanwezig te zijn.

Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) in Brussel weigert echter het visum. Net in die periode lees ik een ontroerend interview met de huidige minister van Binnenlandse Zaken, Annemie Turtelboom (Open VLD), over haar relatie met haar opgroeiend kroost.

Zij was toen nog de verantwoordelijke minister voor DVZ. Zulk begrijpend moederhart zal zoiets laten natrekken, dacht ik. Ik contacteer haar. Kan dit visum echt niet toegekend worden? Na enkele dagen krijg ik te horen dat het niet kan, want dat DVZ heeft laten weten dat reeds meerdere leden van die Iraanse familie van zulke truuk gebruik hebben gemaakt om zich in België te vestigen.

Boos op mijn medewerkster omdat ze me voor zoiets ‘fake’ gemobiliseerd heeft, laat ik alles in detail natrekken. Op het eind moet ik vaststellen dat buiten haar zus (waarover sprake), mijn medewerkster geen enkel familielid heeft dat in België of zelfs maar in Europa woont, met uitzondering van een heel verre tante in Zweden. Tussen tante en nicht bestaan overigens geen contacten. Wie heeft hier wie voorgelogen?

Verhaal 2. De consultatiedienst voor het jonge kind van Foyer en zijn dienst interculturele bemiddeling in de gezondheidszorg hebben een samenwerkingsakkoord met BANI, een nierdyalisecentrum in Tiznit (Zuid-Marokko).

BANI wenst nu ook een dienst gezondheidsbemiddeling op te starten zoals Foyer. Enkele verantwoordelijken van die dienst komen langs in Brussel om dit concreet te bespreken. Een medewerkster van Foyer gaat voor een stage naar ginds.

Nadien stelt Foyer voor dat twee medewerksters van BANI voor een onbetaalde stage van één week naar Foyer komen. Wat dacht u? Visa geweigerd. Reden? Rarara …

Ik laat het nadien – tegen mijn eerste reactie in – weerom eens navragen via het kabinet, ditmaal van Melchior Wathelet (CdH). Alhoewel aan Foyer door DVZ meegedeeld werd dat het visum geweigerd was, krijgt het kabinet eind september te horen dat er nooit een aanvraag aangekomen is op DVZ.

(Aanvraag was in Marokko ingediend begin augustus.) Bepaalde diensten op DVZ gaan blijkbaar lijken op een Leugenpaleis? (Voor alle duidelijkheid: er werken daar in die ‘grote bedoening’ ook erg degelijke, zeer bekwame en positief gemotiveerde mensen.)

In die twee gevallen gaat het om visa van korte duur (dit wil zeggen: voor mensen die een verblijfsduur op het oog hebben van minder dan drie maanden), het zogenaamde visum C.

Wat is daar de regel? Dat er geen aflevertermijn bestaat en dat de Belgische overheid, zeg maar: de betrokken ambtenaar; over een ruime discretionaire bevoegdheid beschikt om het visum al dan niet toe te kennen. Het verkrijgen van een visum C is immers geen recht.

Ere-consul stempelaar?

En nu een e-mail die ik op 24 september uit Albanië ontving, onduidelijk of het een visum C of D betreft. Als het bij dit visum van 6 maanden over een ‘Schengenvisum’ gaat, zoals in het bericht staat, is het immers een visum C, gaat het om een nationaal visum dan is het een visum D.

Ik lees het bericht van onze Albanese vriend: “Een visum geregeld krijgen op de Belgische ambassade in Tirana is een kruisweg vol problemen. (…) Ik ben een Albanese ecoloog, die in meerdere projecten werkt zowel in Albanië als in de EU.”

“Nu werd ik enkele maanden geleden geselecteerd om een betaalde stage te komen volgen bij de Groenen (European Greens of the EFA/Federation of Young European Greens) in Brussel. Ik mocht starten in september 2010. Als ik echter zie hoe de Belgische bureaucratie werkt, zal ik van veel geluk mogen spreken als ik midden oktober in Brussel aankom. Het gaat om een Schengenvisum voor 6 maanden. Welnu, eerst moest ik een gerechtelijk document voorleggen, dan een medisch attest, fotokopieën van mijn ID-kaart en paspoort.”

“Nadien zei men me op de Belgische ambassade in Tirana dat ik twee van die documenten moest gaan laten legaliseren bij de Belgische ereconsul in Durres (West-Albanië). Het gaat om twee stempels, waarvoor ik de man 33 euro heb moeten betalen. Dan ging ik met die gestempelde documenten terug naar de Belgische ambassade in Tirana. Nu vroeg men me daar 25.200 lek = 183 euro, omdat het om een ‘betaalde’ stage gaat. Tegelijk zei men me toen dat de ambassade zelf geen beslissing neemt, maar de vraag per diplomatiek valies naar DVZ stuurt in Brussel.”

“Op 13 september kon ik alles eindelijk voorleggen op de ambassade. Dossier volledig in orde. Op de website http://www.diplomatic.be/tirana staat te lezen dat je in 7-10 dagen bescheid krijgt. Na 10 dagen hoor ik nog steeds niets.”

“Op 21 september contacteer ik DVZ in Brussel, waar men me zegt dat mijn aanvraag niet bestaat, want niet is aangekomen. Ik contacteer een bekende van mij in Brussel, die op haar beurt DVZ contacteert en als antwoord krijgt dat er inderdaad geen aanvraag toegekomen is op DVZ, en dat eenmaal dat de aanvraag er zal zijn, er hoe dan ook dan nog eens 2 à 3 weken zullen over gaan.”

“Om kort te zijn: mijn eerste ervaring met België is zéér ontgoochelend. Op andere westerse ambassades hier in Tirana krijgt je dit soort eenvoudig visum binnen de week. België lijdt duidelijk op dit vlak aan een hoogst inefficiënte overbureaucratisering.”

Mensje pesten?

Tot daar drie duidelijke gevallen van gewild of ongewild inefficiënt beheer van visa-aanvragen. Ondertussen weet iedereen dat er in Brussel enkele duizenden niet-EU-ers aanwezig zijn die gewoon nooit een visum aangevraagd hebben en dus ook nooit een probleem gehad hebben om over te komen.

Ik herinner me dat jurist prof. Jean-Yves Carlier van de UCL in de jaren negentig ervoor gepleit heeft om de ‘visa voor korte duur’ gewoon af te schaffen.

Hij vond het willekeurige karakter ervan niet meer van onze tijd – wie steekt het in zijn hoofd om zoiets in tijden van verhoogde mobiliteit aan de totale willekeur en de vooroordelen van een ambtenaar toe te vertrouwen? En wat hoopte de overheid trouwens daarmee te regelen? Hij pleitte voor een Europese maatregel. Had hij ongelijk?

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!