foto lieve van dijck

 

Wereld, Samenleving, Politiek, België, Tmd, Gentse Feesten Debatten, Gentse Feesten 2010 -

Utopieën zijn er om te realiseren. Zo verbeteren we de wereld

“Hoe maken we de samenleving, hoe maken we de wereld rechtvaardiger, socialer, duurzamer en veiliger, niet enkel bij ons, maar Europees en mondiaal?” Dit is, op vraag van Eric Goeman, de opworp voor het slotdebat van de Gentse Feesten. Dit is, jawel, een pleidooi voor utopieën... maar niet in de betekenis van onhaalbaar.

maandag 26 juli 2010 15:00

Om de wereld te verbeteren, om de wereld te kunnen maken, moeten we die wereld eerst verbeelden. Dat zijn drie taboegedachten in één zin, de wereld verbeelden, maken, verbeteren. Want wat een open deur intrappen zou moeten zijn, is vandaag een deur die amper nog open te wrikken is.

Dit is jawel, een pleidooi voor utopieën, het grootste taboewoord van allemaal – utopie, niet in de betekenis van onhaalbaar, maar in de betekenis van idealen en streefbeelden die wel degelijk haalbaar zijn én moeten zijn.

Het kan dus, de utopieën van hun eiland naar de wereld brengen.

Je moet echt geen krasse tachtiger zijn als François Houtart om de noodzaak van utopisch denken te voelen. Al kan dat helpen natuurlijk – om het overzicht te bewaren en het essentiële in de gaten te houden. Vergeet niet, een krasse tachtiger heeft de economische depressie van de jaren dertig nog meegemaakt als kind, vervolgens de Tweede Wereldoorlog én de maatschappelijke creatie van de welvaartsstaat.

Jazeker, creatie: die welvaartsstaat is niet uit de lucht komen vallen, ze is allerminst zomaar het onvermijdelijke resultaat van een vrije markteconomie. Ze is integendeel de verwezenlijking van heel wat utopieën, van algemeen stemrecht en politieke democratie, gelijke rechten voor man en vrouw, de achturendag, het recht op gelijke toegang tot gezondheidszorg, algemene sociale zekerheid, zelfs betaalde vakantie, het recht op leren en op cultuur, noem maar op.

Het kan dus, de utopieën van hun eiland naar de wereld brengen, de titel die ik gaf aan een boek dat goed anderhalf jaar geleden verscheen. Het wedervaren van dat boek is illustratief voor wat ons overkomt, het haalt wel aandacht van veel bewegingsmedia, maar amper van de massamedia. Die slagen er niet in om op te merken dat dit een echt politiek boek is, ja zelfs met een volledig politiek programma, geen boek van een politicus die campagne voert en daartoe alle glijmiddelen gebruikt die binnen bereik liggen.

In tegenstroom

Wat we dus zullen moeten doen, is de nieuwe utopieën naar de wereld brengen, tegen de stroom in.

Want het is een spijtige zaak dat de verkozen politici al jaren forfait geven. Die politiek weigert een sociale, ecologische en democratische wereld te verbeelden, en dus bedrijven politici te weinig of eigenlijk zelfs geen politiek meer, in de betekenis van vorm geven aan de samenleving zoals we die willen.

Doodjammer is het dat media onmachtig zijn om de slagader te voelen van een levende samenleving, dat ze blind zijn voor utopieën en dat ze dus impotent zijn om het politieke debat te voeren en te voeden.

Wat wij ons dus moeten verbeelden, zijn de utopieën op al die terreinen waar de wereld vandaag in crisis is. Financieel en economisch rijden we ons te pletter, ecologisch doorboren we de grenzen van de planeet, sociaal houden we niet op de welvaart ongelijker te spreiden, de politiek is gekoloniseerd door het neoliberalisme, de zeggingschap over ons economische bestaan wordt zwaar aangetast.

Mogen we dan dromen?

Mogen we dan dromen van politieke democratie, niet om de zoveel jaar, maar altijd, zodat inspraak en zeggingschap echt iets betekenen, en zeker altijd wanneer het nodig is? Geen Lange Wappers achter gesloten deuren, en geen blanco cheque van honderden miljarden voor de banken.

Is het te veel gevraagd dat de grootbanken en hun aandeelhouders van de wereld geen hold-up plegen van veel meer dan 1.000 miljard euro? Dat is een roofoverval op ons allemaal van dik 1 miljoen keer 1 miljoen euro. Een overval die vele miljoenen mensen hun job heeft gekost, hun inkomen, hun huis, hun bestaan.

En eigenlijk is het roofmoord. Want dit zijn de financiële middelen die niet zijn kunnen gaan naar wat de wereld het meest nodig heeft. En dus blijven er, veel meer dan nodig, elke dag een paar tienduizend mensen sterven aan honger, aan de ziekten die daarmee gepaard gaan, aan gebrek aan zuiver drinkwater en riolering.

Hoe zullen we de politiek ter verantwoording roepen, en vooral hoe zullen we dit veranderen?

Kunnen onze politici, kunnen onze samenlevingen maar heel even hun hersens wakker schudden? Zodat ze zich herinneren dat er zelfs bij ons nog maar kort geleden overheidsbanken en coöperatieve banken bestonden, en dat wereldwijd de wereld van het geld aan ketens was gelegd, en enkel dat mocht doen wat goed was voor de economie en voor de samenleving. We moeten hier zelfs niet van dromen, we willen gewoon terug wat prima werkte. Maar vandaag is er geen parlementslid, geen gevestigd medium die dat door de strot krijgt, durft krijgen.

Op dusdanige wijze afstand nemen van utopieën, dat is blindheid, dat is zware maatschappelijke regressie die ons zuur opbreekt, en die de politiek zwaar ten kwade moet worden geduid. Want zij, die verantwoordelijk zijn voor het algemeen belang, hebben toegestaan dat het algemeen belang – opnieuw – onder de voeten wordt gelopen door de kortzichtige privébelangen van het financiële establishment.

Er is pas democratie wanneer het gelijkheidsbeginsel niet enkel politiek maar ook economisch krachtig doorbreekt.

Mogen we dromen van economische democratie waar mensen greep hebben op hun economische bestaan? Waar bedrijven niet op de beurs staan, maar in handen zijn van hun werknemers? Waar geen schimmige concerns de plak zwaaien, maar waar de klanten mede-eigenaar van zijn? Waar energie en telecommunicatie geen wingewesten zijn voor monopolistische bedrijven als Electrabel, maar eigendom en nuttig instrument voor de samenleving. En waar de markt opnieuw een economisch instrument is dat we aanwenden telkens het nuttig is, en geen heilige koe die misbruikt wordt door onterecht verworven economische machtsconcentraties.

Denk niet dat ik idealiseer. Ik weet maar al te goed dat overheidsbedrijven mankementen kunnen vertonen, en dat coöperatief ondernemen en zelfbeheer geen vanzelfsprekende fluitjes van een cent zijn… Dat is allemaal waar.

Maar die alternatieven zijn altijd veruit te verkiezen boven ons uitleveren aan een zogenaamde vrije markt waar de financiële wereld en monopolisten naar hartelust met onze voeten spelen. Want er is pas democratie wanneer het gelijkheidsbeginsel niet enkel politiek, maar ook economisch krachtig doorbreekt, wanneer mensen economisch onafhankelijk zijn.

Kunnen we dan zeker werk maken van een ecologische economie die de grenzen van onze planeet respecteert? Met een gelijk, maar beperkt aardegebruiksrecht voor iedereen?

Kunnen we dan zorgen dat het om een sociaalecologische economie gaat die op een ecologisch duurzame wijze de welvaart voorbrengt die alle 7 miljard mensen in staat stelt om menselijk te leven?

Mogen we dromen van maatschappelijke zekerheid en verzekerde gezondheidszorg voor iedereen? Kunnen we dan om te beginnen komaf maken met de privéhospitalisatieverzekering en het ‘mutualisme’ (het principe van de ziekenfondswerking) volledig in eer herstellen?

Begrijpen we dan opnieuw het belang van publieke goederen en diensten? En kunnen we belastingen dan niet langer afschilderen als een kwaad, maar net als de bijdrage van iedereen – naar vermogen en inkomen – om te investeren in alles waar we samen beter van worden? Kunnen we belastingen dan ook opnieuw zien als een terechte bestrijder van te grote inkomensongelijkheid?

Mogen we dromen van waarlijk onafhankelijke en betrouwbare massamedia die het belangrijke van het futiele weten te onderscheiden? En die niet in handen zijn van privéconcerns? We doen dat ook niet voor cultuur of onderwijs.

Kunnen we dus de crisis van de verbeelding, die geen oplossingen wil zien voor de vele deficits die de tegenwoordige globalisering, doorbreken? Hoe dan wel?

De kracht van bewegingen

Overal kunnen we de krachten van de verandering ontmoeten en mobiliseren, het zijn onze mondiale en lokale bewegingen van werknemers, van boeren, van vrouwen, van minderheden en van inheemse volkeren, onze milieubewegingen, vredesbewegingen, mensenrechtenbewegingen, onze burgermedia, de coöperaties allerhande als we zo gelukkig zijn die te hebben, onze ziekenfondsen, onze culturele verenigingen en buurtorganisaties, onze bewegingen voor eerlijke handel, duurzaam ondernemen en een eerlijke fiscaliteit, onze ondernemende mensen, coöperaties en bedrijven die de duurzame welvaart van morgen willen creëren, onze consumentenverenigingen, onze civil servants en overheden die de zware uitdagingen hebben begrepen, noem maar op… allemaal samen maken ze beweging.

Het komt erop aan waar ook ter wereld op alle mogelijke niveaus elke bestaande bewegingsruimte te gebruiken om andere modellen uit te bouwen. Het meest fundamenteel is dat die ecologisch, sociaal en democratisch moeten zijn.

We zijn een sociaalecologische beweging die de overgang naar een sociaalecologische en democratische economie wil forceren.

En het is van onschatbaar belang dat deze veelzijdig geschakeerde beweging daarbij volop haar economische vleugels ontwikkelt. We moeten overal onze coöperaties zien bloeien om werk te creëren en welvaart voort te brengen, coöperaties voor energie, wonen en gezondheidszorg, onze media, kennis- en vormingscoöperaties, onze ziekenfondsen, onze banken en verzekeringen, coöperaties zover de verbeelding en de noodzaak reikt. Zo veroveren en verhogen we als beweging onze autonomie en slagkracht.

Fundamenteel zijn we een sociaalecologische beweging die de overgang naar een sociaalecologische en democratische economie wil forceren. En natuurlijk zijn we daarmee eveneens een economische beweging, want uitgroeien tot een nog veel sterkere beweging die ook economisch doorweegt, dat is inderdaad onze grote ambitie, die ons zeker moet lukken.

En we zijn ook een culturele beweging die erin slaagt waarden als zeggenschap, autonomie, rechtvaardigheid en solidariteit wereldwijd te concretiseren en het voortouw te laten nemen.

De toekomst van onze beweging voorspellen is onmogelijk, maar de chaos- en complexiteitstheorieën kunnen ons een beetje wegwijs maken. Wanneer je alternatieven gestalte geeft en steeds sterker maakt, zul je hun kracht niet makkelijk en niet meteen kunnen opmerken.

Ze zullen moeten blijven opboksen tegen het dominante model… tot op het moment dat de krachtsverhouding een of meer kritische drempelpunten bereikt. Dan kantelt in weinig tijd de werkelijkheid en maakt ze plaats voor een wereld waarin we de grootste kans hebben om onze alternatieven in de plaats te schuiven.

En wat met de politiek?

Hoe is onze verhouding dan tot de politiek in de meer enge zin, tot de wereld van de politieke partijen en de politici?

Wij kunnen ons als bewegingen nooit beperken tot wat politiek lobbywerk in de marge. Het gaat erom de maatschappelijke macht op te bouwen waarmee we daadwerkelijk kunnen wegen op de politieke besluitvorming.

Succesvolle sociale bewegingen krijgen, naast een economische poot, wel vaker een verlengstuk in de vorm van politieke partijen.

Elke sociale beweging koestert politieke ambities: ze wil haar maatschappelijk project realiseren door het om te zetten in algemeen aanvaarde regels en wetten. Het is bijgevolg normaal dat vanuit deze bewegingen steun zal opduiken voor partijen of politici die onze utopieën dichterbij brengen. Al weten we: zij zijn wereldwijd een zeer schaars goed.

Het is al even normaal dat mensen uit deze bewegingen zich ontpoppen tot politici die in het politieke veld de gewenste veranderingen vorm willen geven.

Maar misschien is het niet genoeg. Zullen deze bewegingen voor verandering niet hun eigen politieke partij moeten creëren, de eerste mondiale politieke partij met wortels in heel de wereld?

Dat is niet uit te sluiten. Succesvolle sociale bewegingen krijgen, naast een economische poot, wel vaker een verlengstuk in de vorm van politieke partijen die zich rechtstreeks in de democratische politieke strijd werpen. Dat versterkt hun succes.

Dat is zeker zo wanneer het politieke terrein wordt bezet en zelfs geüsurpeerd door partijen waarvan de praktijk volledig haaks staat op de ambities van de samenlevingen en hun bewegingen. Dan moeten deze bewegingen uitmaken of zij uiteindelijk ook zo’n partij zullen creëren…

Dirk Barrez, 25 juli 2010

Journalist en coördinator van DeWereldMorgen.be, tv-documentairemaker, auteur van Van eiland tot wereld. Appèl voor een menselijke samenleving en co-auteur van Het mondiale uitzendkantoor. Waardig werk in tijden van globalisering en crisis

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!