Crisis komt zwaar aan in Balkanlanden
Verslag, Nieuws, Europa, Balkan -

Crisis komt zwaar aan in Balkanlanden

SARAJEVO -- De landen van voormalig Joegoslavië kreunen onder hoge werkloosheid. De economische crisis heeft het herstel dat de regio had ingezet na de verschrikkelijke oorlogsjaren doen stilvallen.

zondag 11 juli 2010 16:31

De Bosnische Mevliha Cebo is kleuterjuf, maar het is alweer zes jaar geleden dat ze nog een klasje vanbinnen heeft gezien. Ze verloor haar baan in 2004 als gevolg van besparingen in het onderwijs, en leidt sindsdien in een restaurantje in Sarajevo.

De ingrediënten voor het stevige ontbijt dat klanten er voorgezet krijgen, komen allemaal van de boerderij van Cebo’s moeder. “Alleen dankzij die aanvoer kan ik mijn restaurant draaiend houden en kan onze hele familie van 20 het hoofd boven water houden.”

Mevliha is de afgelopen twintig jaar al meer moeilijke periodes doorgesparteld. “Eerst was er de oorlog tussen 1992 en 1995. Toen raakte in mijn baan ook kwijt. Daarna kon ik weer aan de slag, maar in 2004 moest ik opnieuw iets anders verzinnen om geld te verdienen.”

Maar intussen maakt de 52-jarige vrouw zich vooral zorgen om haar zoons. De ene is dierenarts, de andere heeft een diploma dat toegang biedt tot de bankwereld, maar in het Sarajevo van vandaag biedt dat geen garantie op werk. 

Volgens de officiële cijfers zit 40 procent van de Bosniërs zonder werk. Dat is niet alleen een gevolg van de economische crisis die de Balkanlanden nu treft. De omschakeling naar een markteconomie en de heropbouw na 1995 was geen succes, een gevolg van corruptie en een slecht investeringsklimaat. De internationale recessie van 2008 heeft de ontwikkeling nog doen vertragen.

“Het is een nieuwe klap voor de bevolking”, zegt Zijad Jusufovic, 45, een gids in Sarajevo. “We begonnen net weer aan te knopen met een normaal leven, maar nu overheerst weer een gevoel van hopeloosheid. Jonge mensen hier hebben nog nooit een indruk gekregen van hoe een aanvaardbaar bestaan eruit ziet.”

Slovenië

Zelfs Slovenië, het rijkste land van de Balkan, heeft het sinds 2008 veel moeilijker. De nieuwe EU-lidstaat moet mee borg staan voor het financiële reddingsplan van Griekenland, een inspanning die overeenkomt met 3,6 procent van zijn begroting van 2010. Tegelijk worstelt het land met een pijnlijke hervorming van zijn pensioenstelsel.

Om meer mensen kansen te bieden op de arbeidsmarkt, wil de regering ook het aantal uren beperken dat studenten wekelijks mogen werken. Die plannen leidden vorige maand tot hevige protesten. “We hadden het zo goed in vergelijking met anderen in de regio. De protesten zijn begrijpelijk”, zegt Rado Pezdir, een jonge universiteitsdocent. “Nu moeten mensen elke cent omdraaien”.

Volgens Pezdir gaan te veel Slovenen ervan uit dat de overheid hun problemen moet oplossen, een probleem waar ook andere landen in de regio onder leiden. “De mensen hier zijn apathisch. Ze willen volle winkelrekken en geld om al die spullen te kopen, maar niemand beseft dat daar ook hard voor moet worden gewerkt en dat goede banen ook weer kunnen verdwijnen.”

Servië

In Servië, met 7,4 miljoen inwoners het grootste land dat uit Joegoslavië is ontstaan, bedraagt de werkloosheid bijna 30 procent. Sinds 2008 hebben een kwart miljoen mensen er hun baan verloren. De staat kan geen extra banen meer creëren en investeringen blijven uit. Steeds meer mensen moeten leven van uitkeringen, maar die zijn mager.

“Ik krijg 10.000 dinar (95 euro) per maand, zegt de 43-jarige Nikolina Strajic, een moeder van twee die onlangs ontslagen werd als caissière in een supermarkt. “Mijn man verdient 45.000 dinar (423 euro) per maand. Ik hoop dat we het daarmee kunnen redden tot ik een nieuwe baan vindt. Maar ik weet niet wanneer dat zal lukken.”

PD

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!