Pedofilie in de kerk: hoe de impasse vermijden?
Opinie, Nieuws, Samenleving, België, Kerk, Pedofilieschandaal -

Pedofilie in de kerk: hoe de impasse vermijden?

Het onderzoek naar kindermisbruik in de kerk dreigt in een impasse te geraken. Om dat te vermijden moet de kerk open communiceren en moet er ook een parlementaire onderzoekscommissie komen, meent Johan Leman.

donderdag 8 juli 2010 16:36

Vooraf:

Wat de precieze gevolgen zullen zijn van de tussenkomst van het college van Procureurs-Generaal op het verdere onderzoek van onderzoeksrechter De Troy in de pedofiliezaak, is moeilijk te voorspellen. Maar als het inderdaad waar is, dat ook diplomatieke valiezen meegenomen werden, dan is er al minstens één reden waarom het tot een impasse kan leiden. Als daarnaast ook nog eens heel wat correspondentie meegenomen werd die geen enkel verband heeft met de pedofilie-kwestie… kan ook dit problemen geven.

Ondertussen komt ook de roddel op gang: zo zouden er voor de inval op een of ander golfterrein al weddenschappen geweest zijn of De Troy tot een huiszoeking zou durven overgaan of niet… en anderen zagen Léonard al binnenstappen bij het Parket-Generaal. Audenaert gaf ondertussen een interview dat hij volgens mij beter niet gegeven had.

En het Mccarthyisme dreigt Vlaanderen in zijn greep te krijgen. Een anonieme briefschrijver ziet de kans schoon om de bisschop van Gent te waarschuwen voor extreem homoseksuele priesters, wat uiteraard de krant haalt. In plaats van te zwijgen, gaat die bisschop daar ook nog eens publiekelijk op in… Opletten, Monseigneur, straks vertelt iemand ook nog in het openbaar dat u op de hoogte was van pedofiele feiten… en daar staat u dan.

Waar stevenen we op af? Juist: recht naar de impasse. En de gewone burger, gelovige of niet, zal met een kater achterblijven. Het slachtoffer uiteraard nog méér. Gelukkig zijn er de Ronde van Frankrijk en de vakantiemaanden die een en ander misschien toch nog goed kunnen maken. Waar dat allerminst goed zal voor zijn, is die zo vaak benadrukte nood aan vertrouwen in de instellingen.

Laten we ons niettemin even wagen aan enkele suggesties om de impasse vooralsnog te vermijden:
1. Laten we een onderscheid maken tussen feiten en mogelijke feiten,
2. Willen de kerkleiders zo vriendelijk zijn om hun communicatie op punt te stellen?
3. Wil het gerecht de bevolking de zoveelste gerechtelijke interne twist besparen?
4. Wil de federale politie zich discreet opstellen?
5. Wat te denken over de (on)afhankelijkheid van onderzoeksrechters?
6. Waarom nu al niet een akkoord maken over een parlementaire onderzoekscommissie?
7. Kan de commissie-Adriaenssens, al dan niet met dezelfde voorzitter, niet gewoon haar werk onder een of andere vorm verder zetten?

1. Het onderscheid tussen feiten en mogelijke feiten

In Vlaanderen heeft een bisschop, de heer Vangheluwe, een minderjarige misbruikt. Zoiets noemt men een feit. Bij de Commissie-Adriaenssens liggen 475 dossiers van slachtoffers. Ook dit is een feit, maar hier geldt reeds een mogelijk onderscheid tussen een klacht en de feitelijke grond ervan. Wie extrapolaties wil maken (zoals collega Karlijn Demasure deed), moet weten dat in zulke materies extrapolaties zeer gewaagd zijn…

Persoonlijk zou ik me daar niet aan wagen. Betekent het feit dat in enkele gevallen een persoon tien slachtoffers maakte, je dan mag extrapoleren van 475 dossiers naar 5000 slachtoffers? En over hoeveel jaren liggen die verspreid? 40 tot 50 jaar? Of 20 jaar? En gaan sommige klachten over mensen die overleden zijn? Die zullen moeilijk hun versie van de feiten kunnen geven…  Het is geenszins mijn bedoeling de feiten onderuit te halen, integendeel… het moet de bedoeling zijn om feiten ‘sec’ vast te leggen. Van feiten verschuiven we vandaag echter stilaan naar veronderstellingen… Wie een goede afloop wenst voor het dossier, moet zich aan de feiten houden.

2. De communicatie vanuit de kerk

Dit brengt ons tot een delicaat maar niet onbelangrijk punt. Zou het niet wenselijk zijn dat de Belgische kerkleiders de reële informatie waarover ze beschikken vrijgeven zonder de privacy te schenden? Dat is geen kwestie van voyeurisme, maar het legitieme recht van de gelovigen om niet overgeleverd te worden aan speculaties in een zaak die iedereen ergens wel aanbelangt. De gehele samenleving heeft daar recht op. Het moet perfect mogelijk zijn om hierover een duidelijk verhaal te brengen zonder de anonimiteit van de betrokkenen te schenden. Ook over de manier waarop hiermee omgegaan werd… Daar is dringend nood aan.

3. Mogelijke spanningen binnen het gerecht

Ondertussen lezen en horen wij dat sommige mensen het hebben over een oorlog tussen katholieken en loge, zoals dat bij ons altijd zo romantisch verwoord wordt. Het valt inderdaad niet uit te sluiten dat sommigen in het gerecht met plezier willen vaststellen dat kardinaal Danneels ‘hangt’ in deze zaak. Maar als hij echt recht in zijn schoenen staat, moet hij niets vrezen. Al neem ik aan dat het allesbehalve prettig moet zijn voor hem om een tijdlang over de tongen te gaan… en ‘beschadigd’ lijkt hij me hoe dan ook nu al te zijn.

4. De federale politie zou best discreet blijven.

De heer Audenaert had zijn interview niet moeten geven. Dat er foto’s bestaan over de huiszoeking had men ook moeten vermijden. Het komt allemaal de sereniteit niet ten goede. Het is niet gemakkelijk, ik weet het. Ik geef een voorbeeld ter vergelijking. Toen het Centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding, waar ik toen nog directeur van was, tien jaar geleden een proces begon tegen de vzw’s die het Vlaams Blok financierden, heb ik me voorgenomen hierover geen enkel interview te geven en heb ik zelfs de media opgeroepen om daar niet over te schrijven en het gerecht gewoon zijn werk te laten doen.

Gevolg: de media berichtten er wèl over, en een hele tijd lang was het CGKR zelf afwezig in het publiek debat om zijn versie te brengen van de beweegredenen om tot de actie over te gaan. Gevolg: het VB gaf als enige duiding bij de zaak en het was zeer moeilijk om dat nadien nog bij te sturen. Wellicht heeft Audenaert gedacht dat hij tijdig de versie van zijn instelling moest geven… Maar dan nog had het soberder gekund, zonder commentaar op professor Adriaenssens of op katholieke kerkleiders versus imams, enzovoort. Zoiets houdt men beter binnenkamers.

5. En de onafhankelijkheid van onderzoeksrechters?

Uit mijn vroegere loopbaan (CGKR), en met name uit de manier waarop ik een fraudedossier heb zien behandelen in de jaren ’90 op een Belgische ambassade in het buitenland (ambabel Sofia), onthou ik dat een en ander toch met een korreltje zout moet bekeken worden… Een dubbel gevoel dus… ja, misschien is die onderzoeksrechter in dit concrete geval onafhankelijk,… maar toch heb ik enige reserve tegenover onderzoeksrechters in het algemeen.

6. Waarom nu al niet beslissen tot een parlementaire onderzoekscommissie?

Mijn indruk is dat het enige dat momenteel kan beletten dat het tot een impasse komt in het dossier “Kerk en Pedofilie”, het vooruitzicht is dat het hele onderzoekswerk door een parlementaire onderzoekscommissie zal onderzocht worden. De protagonisten weten dan dat ze moeten opletten, want dat elk fout optreden wel eens aan het licht zou kunnen komen… Ze zullen zich moeten verantwoorden.

De parlementaire onderzoekscommissie zal moeten onderzoeken wat er waar is van sommige roddels. Ze kan nagaan hoe het  gerecht en hoe de kerk met zaken van pedofilie omgegaan zijn door de jaren heen en hoe met de slachtoffers omgegaan werd, enzovoort, breder en dieper gravend dan enkel maar met een focus op de kerk. Het moet gaan over én de kerk én de samenleving én haar instellingen.

7. En laten we de slachtoffers niet vergeten…

Ondertussen blijkt meer en meer dat zoiets als de commissie-Adriaenssens verder gezet moet worden, al was het maar opdat de kerk op transparantere wijze in het reine zou komen met een stuk van haar verleden, én opdat slachtoffers die er echt vertrouwen in hadden zouden gehoord worden en de opvolging zouden krijgen die ze verdienen.

take down
the paywall
steun ons nu!