Nieuws, Wereld, Afrika -

Migranten op Mauritius leven als slaven

De welvaart van Mauritius ruikt naar slavenarbeid. Duizenden Aziatische migranten leven er in onmenselijke en uitzichtloze omstandigheden. De regering toont zich verbolgen over de misstanden.

maandag 5 juli 2010 12:32

De 32-jarige Mohamed Amin (niet zijn echte naam) liet 23 maanden geleden zijn vrouw en twee kinderen achter in Bangladesh om in een fabriek op Mauritius te gaan werken. Hij betaalde 150.000 taka (ongeveer 1770 euro) aan een bemiddelaar in zijn land, die hem een baan in het vooruitzicht stelde waar hij 20.000 Mauritiaanse roepie (521 euro) per maand kon verdienen.

Veel Bengalese migranten gaan een zware lening aan of verkopen hun akkers en andere familiebezittingen om hun kans te wagen op Mauritius. “Een loon van 20.000 roepie is erg hoog voor Bangladesh”, legt Amin uit. Maar het draaide anders uit. Hij verdient nu amper een vierde van het bedrag dat hij hoopte te krijgen. “Ik ben erin geluisd”, zegt hij.

Amin werkt in Grand Gaube, in het noorden van Mauritius. Hij leeft in een piepklein slaapvertrek dat hij kreeg toegewezen door zijn werkgever, Firemount Textiles. Hij is gefrustreerd, want over een jaar moet hij weer weg uit Mauritius en hij heeft nog niets kunnen sparen. Om de drie maanden stuurt hij een klein bedrag naar zijn gezin in Bangladesh, maar van de rest van zijn loon houdt hij niets over.

Vlooien

Er werken bijna 6000 Bengalese en nog eens 24.000 gastarbeiders van andere nationaliteiten op Mauritius. De meesten kloppen lange dagen voor een hongerloon. Soms worden ze helemaal niet betaald – omdat hun werkgevers in financiële problemen raken of moeten dichtmaken. Maar de meeste migranten durven geen kik te geven. Vorig jaar werden honderden Bengalezen naar huis gestuurd omdat ze hun ongenoegen publiek hadden gemaakt.

Veel gastarbeiders verblijven in slecht onderhouden slaapzalen in of bij de fabrieken. Ze slapen op oude matrassen vol vlooien en ander ongedierte.

Feizal Ally Beegun, de woordvoerder van de Textile Manufacturing and Allied Workers Union, een vakbond van de textielsector, laat IPS een met houten schotten onderverdeelde slaapzaal in Grand Gaube zien waar vijftig Bengalezen en Indiërs samenhokken. Volgens hem zijn de versleten matrassen en het groezelige keukengerei al zeker vijftien jaar in gebruik.

“De werkgevers zorgen niet voor hun arbeiders; ze leven als dieren”, zegt Beegun. “En er is geen overheidsinstantie waar de migranten hun beklag kunnen doen, zelfs niet als hun werkgevers hun paspoort inhouden.”

Voor Imam Nasrullah Ginowrie, een sociaal werker van Baie-du-Tombeau in de buurt van de hoofdstad Port Louis, zijn de gastarbeiders op Mauritius “moderne slaven”. “Ik mag hen niet ontmoeten en zij worden gewaarschuwd niet bij mij te klagen. Ik ken Bengalese vrouwen die geschopt werden door hun opzichters, en die tot ‘s nachts moeten werken.”

Achterpoortjes

De nieuwe minister van Arbeid en Werk, Shakeel Mohamed, toonde zich eind mei geschokt bij een verrassingsbezoek aan een slaapzaal voor migranten in Happy Village, in het oosten van het eiland. “Sommige werkgevers behandelen hun arbeiders als machines, die alleen maar moeten produceren tot het einde van hun contract”, zegt de minister tegen IPS.

Wettelijk gezien “moeten migranten dezelfde arbeidsvoorwaarden genieten als Mauritiaanse burgers, en daarbovenop hebben ze recht op een gratis terugvlucht, accommodatie en een maaltijdvergoeding”, zegt Mohamed. Volgens de minister maken sommige werkgevers misbruik van achterpoortjes in de wet om te beknibbelen op hun uitgaven voor de opvang van migranten, maar die wil hij sluiten. Er komen precieze voorschriften hoe onderkomens voor migranten er moeten uitzien.

Mukeshwar Gopal, de voorzitter van de Exportvereniging van Mauritius, geeft toe dat sommige ondernemers te weinig aandacht besteden aan de levensomstandigheden van hun personeel. Maar zonder met de ogen te knipperen legt hij de schuld ook bij de migranten zelf. “Vooraleer er nieuwe migranten aankomen, worden de slaapzalen gecontroleerd door de gezondheidsdiensten en de brandweer. Maar we moeten begrijpen dat die mensen uit arme en vuile landen komen, waar hygiëne onbekend is.”

En er zijn ondernemers die veel beter doen, zegt Gopal. Neem nu de Compagnie Mauricienne de Textile (CMT), die zijn 10.000 werknemers huisvest in nieuwe gebouwen “die vergelijkbaar zijn met vijfsterrenhotels”. Volgens Beegun en Mohamed moeten andere werkgevers dat voorbeeld volgen. (PD)

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!