België moet tandje bijsteken voor nieuwe Europese antidiscriminatierichtlijn
Nieuws, Europa, Amnesty International Vlaanderen -

België moet tandje bijsteken voor nieuwe Europese antidiscriminatierichtlijn

Nu het EU-voorzitterschap van België echt van start gaat, vraagt Karen Moeskops, directeur van Amnesty International in Vlaanderen de Belgische regering en Europees president Herman Van Rompuy om extra werk te maken van de nieuwe Europese antidiscriminatierichtlijn.

donderdag 1 juli 2010 11:30

Gebelgde Unie
Tijd voor gelijke rechten.
Het tij moet keren.

Inderdaad, een haiku. En deze keer is hij niet van de hand van EU-President Herman Van Rompuy, maar van Amnesty International. Al hoopt Amnesty er wel Van Rompuy en het Belgische voorzitterschap van de Europese Unie mee te bereiken. Vandaar die ‘Gebelgde Unie’. Want de EU is nog nooit zo Belgisch gekleurd als vandaag het geval is.

Een ideale gelegenheid voor onze Belgische regering en voor de Belgische EU-President om te laten zien dat ze willen en kunnen streven naar een Europa waarin gelijkheid en het verbod van discriminatie niet alleen als basisprincipes van het Europese project erkend worden, maar ook effectief beschermd worden.

Akkoord, de EU heeft al het een en ander gedaan om racisme en andere vormen van discriminatie tegen te gaan. Er bestaat een algemene richtlijn tegen racisme en er is een richtlijn die naast racisme ook discriminatie op grond van geloof of levensbeschouwing, handicap, leeftijd en seksuele geaardheid aanpakt. Maar die laatste richtlijn geldt enkel op de werkvloer. Dus stel dat een homoseksuele man ontslaan wordt omdat zijn werkgever geen homo’s in zijn bedrijf wil. Dan zegt het Europees recht dat dat niet kan. Maar als diezelfde man een appartement geweigerd wordt omdat de eigenaar niet aan homo’s wil verhuren, zwijgt het Europees recht.

Voor een land als België maakt het al dan niet bestaan van een ruime antidiscriminatierichtlijn, die ook van toepassing is op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg, sociale zekerheid en de toegang tot goederen en diensten, niet zoveel verschil uit. Ons land heeft immers al nationale wetgeving die ook die vormen van discriminatie verbiedt. Maar voor andere Europese landen zou zo’n richtlijn wel een wezenlijk verschil uitmaken.

Vooral in landen die nieuw zijn in de Unie, is er geen sprake van gelijke rechten voor iedereen. Integendeel. In vele landen, zoals Litouwen en Polen, heerst er nog een klimaat van homofobie en discriminatie. Daar horen we sporadisch over in het nieuws, zoals wanneer een pride verboden wordt of er wetgeving komt die communicatie over homoseksualiteit strafbaar stelt. Welnu, de richtlijn zou die landen verplichten om ook wetten te maken tegen discriminatie op grond van geloof of levensbeschouwing, handicap, leeftijd en seksuele geaardheid.

Al in 2008 deed de Europese Commissie een voorstel van richtlijn. Maar de onderhandelingen tussen de ministers van de lidstaten verlopen stroef. Het verzet van Duitsland is daar de oorzaak van. Duitsland vreest dat de richtlijn teveel geld zou kosten – ze vereist immers een inspanning van de overheid om gelijkheid te waarborgen. Bovendien betwijfelt men er het belang van de richtlijn in de strijd tegen discriminatie.

Precies op dat punt kunnen én Van Rompuy én het Belgisch voorzitterschap het verschil maken. Er moet met Duitsland gepraat worden. Het land moet over de streep getrokken worden om mee de strijd tegen discriminatie aan te gaan. Er moet ook actief onderhandeld worden met andere EU-Lidstaten om een stevige coalitie pro richtlijn te vormen. En er moet aangetoond worden dat de richtlijn belangrijk is en dat ze er zo snel mogelijk moet komen.

België heeft 180 dagen als voorzitter van de Unie om dat te verwezenlijken. Van Rompuy uiteraard meer. Hoe dan ook ligt het in de mogelijkheden van beiden om het verschil te maken en de deadlock in de onderhandelingen te doorbreken. Het tij moet keren!

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!