Een assemblagelijn van Hyundai in Zuid-Korea. (Copyright: Taneli Rajala/creative commons)

 

Verslag, Nieuws -

Amerikaanse autovakbonden proberen globaal te denken

De pijnlijke herstructurering van de Amerikaanse auto-industrie is een heet thema op het Amerikaans Sociaal Forum, dat op 22 juni in Detroit begint. De crisis scherpt de strijd op leven en dood tussen de Amerikaanse autobouwers en hun buitenlandse concurrenten nog aan, maar de bijeenkomst in Detroit wil sterkere allianties smeden tussen Amerikaanse arbeiders en hun collega's in andere landen.

maandag 21 juni 2010 14:09

Het Amerikaans Sociaal Forum is ontstaan uit het Wereld Sociaal Forum (WSF), een internationale bijeenkomst van andersglobalisten. Op de vijfdaagse bijeenkomst in Detroit worden duizenden leden van Amerikaanse actiegroepen en vakbonden verwacht. Detroit is het hart van de Amerikaanse auto-industrie, en veel discussies zullen dan ook gaan over gaan de toekomst van de 1,7 miljoen werknemers in de sector.

Aziatische opmars

Detroit behoort tot de Amerikaanse steden die het zwaarst getroffen worden door de concurrentie uit Azië. Volgens het Centre for Automotive Research (CAR) waren buitenlandse constructeurs als Toyota, Honda and Hyundai in 2007 voor het eerst goed voor de helft van alle auto’s die in de VS werden verkocht. Eind 2009 was het aandeel van de Amerikaanse autobouwers teruggevallen tot 42 procent. Chrysler, Ford en General Motors werden ook in moeilijkheden gebracht door de stijging van de olieprijzen en de recessie.

Tussen 1993 en 2008 gingen er in Michigan, de staat waarin Detroit ligt, 83.000 banen in de auto-industrie verloren. En in 2008 werkte de Amerikaanse autonijverheid op minder dan 50 procent van haar capaciteit.

Amerikaanse vakbondsmensen geloven niet dat het ooit weer als vroeger wordt. “Er ontstaan wereldwijd nieuwe markten, terwijl de Amerikaanse markt stagneert en instabiel blijft omdat er steeds meer geld en inkomen van de werkende bevolking naar de rijken gaat”, analyseert Frank Joyce, een voormalige woordvoerder van de Amerikaanse automobielvakbond United Auto Workers (UAW). “Kwaliteit, productiesystemen, design en marketing worden in heel de wereld steeds meer vergelijkbaar. Zelfs de kloof in de loonkosten wordt kleiner: de lonen in de Amerikaanse automobielnijverheid dalen, terwijl bedrijven in China en in andere landen meer moeten betalen.”

Nieuwe concepten

De Amerikaanse automarkt krimpt en de Aziatische groeit, maar de problemen waarmee Amerikaanse arbeiders in de sector te maken krijgen, zijn vergelijkbaar met die van hun collega’s in Azië, zegt Richard Feldman, een militant van de UAW die deelneemt aan het Amerikaans Sociaal Forum. “Toyota heeft zijn enige fabriek in de VS gesloten waar de vakbond sterk stond”, zegt Feldman. “We moeten meer investeren in de organisatie van de werknemers van Aziatische en Europese multinationals in het zuiden.” Ook Amerikaanse autobouwers produceren overigens steeds meer in andere landen. Ongeveer 16 procent van de Noord-Amerikaanse autoproductie vindt nu al in Mexico plaats, en dat aandeel zal de komende jaren waarschijnlijk stijgen tot 20 procent.

Volgens Feldman is de centrale uitdaging in alle hoeken van de wereld vergelijkbaar. “We moeten inzien dat we nieuwe transportconcepten moeten ontwikkelen, die rekening houden met de eindigheid van de natuurlijke hulpbronnen op onze planeet en waar arbeiders en plaatselijke gemeenschappen gerespecteerd worden en inspraak hebben.”

Onrust in China

Met veel interesse volgen Amerikaanse vakbondsmensen de recente golf van sociale onrust bij buitenlandse bedrijven in China, die zich van de grote industriepolen aan de kust lijkt te verspreiden naar het armere binnenland. Honda had bijvoorbeeld al af te rekenen met opeenvolgende sociale conflicten in vier fabrieken in China. In andere bedrijven lopen de spanningen zo hoog op dat ze al aanleiding gaven tot een reeks van zelfmoorden. De conflicten houden verband met de lage lonen, lange werkdagen en pogingen van werkgevers om de kosten te drukken.

Volgens experts is de sociale onrust in China tekenend voor een nieuwe generatie van werknemers die geen vrede neemt met de slechte arbeidsvoorwaarden die hun voorgangers accepteerden. In Chinese staatsbedrijven zouden die conflicten waarschijnlijk snel gesmoord zijn, maar in buitenlandse bedrijven kan de onrust langer broeien. Doordat vrije vakbonden er verboden zijn, loopt de druk er bovendien hoog op.

In een reactie heeft de regering in Peking alvast hogere lonen in het vooruitzicht gesteld voor arbeiders en boeren. Honda heeft de lonen die het in China betaalt met minstens 20 procent opgetrokken.

De deelnemers aan het Amerikaans Sociaal Forum hopen dat ze kunnen helpen een sterk democratisch antwoord te formuleren op de uitdagingen waar arbeiders in de hele wereld voor staan. In de automobielnijverheid is die uitdaging dubbel. “Autobouwers moeten groener worden en economisch rechtvaardiger tegenover hun arbeiders”, zegt Joyce. Feldman heeft het over “een nieuwe Amerikaanse droom – we kunnen onze levensstandaard verbeteren door eenvoudiger te gaan leven.”

Bankole Thompson en Mitch Moxley | IPS

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!