“Wie is er bang van de islam?”
Nieuws, België, Samenleving, Recensie, Islam, Beeldvorming, Selahattin Koçak, Boekvoorstelling, KifKif -

“Wie is er bang van de islam?”

Linda Doornkamp ging voor Kif Kif naar de boekpresentatie "Wie is er bang van de islam" van auteur/politicus Selahattin Koçak. Er was een tamelijk gemengd publiek op de avond afgekomen: van meisje-met-hoofddoek tot leerkracht van wat in Geert Wilders’ termen ‘kutmarokkaantjes’ genoemd worden.

woensdag 26 mei 2010 16:15

 

“Sorry mensen, ik ben een babbelaar!”  Selahattin Koçak (SP.A, schepen stad Beringen) meldde het maar alvast en ik zuchtte bij de gedachte aan weer zo’n politicus die zichzelf iets te graag hoort praten. Zijn gekeuvel bleek echter zeer onderhoudend en ondanks de toegankelijkheid zeker niet zonder diepgang.

Koçak was door de Federatie van Marokkaanse Verenigingen (FMV) uitgenodigd om zijn boek ‘Wie is er bang van de islam’ te presenteren. Er was een tamelijk gemengd publiek op de avond afgekomen: van meisje-met-hoofddoek tot leerkracht van wat in Geert Wilders’ termen ‘kutmarokkaantjes’ worden genoemd.

Clichés en vooroordelen

Allen waren ze op een of andere manier geraakt door de kwestie die Koçak in zijn boek aandraagt: clichés en vooroordelen van autochtone Vlamingen tegenover moslims én omgekeerd.

Koçak vertelt dat hij tijdens een toespraak eens merkte dat hij in één zin vijf keer het woordje ‘wij’ had gebruikt – en alle vijf keren omvatte het woord een andere identiteit. Het ging onbewust, maar het was geen toeval: dit is de manier waarop Koçak de samenleving aanschouwt.

‘Wij’ zijn niet alleen moslims, niet alleen Turken. En ‘jullie’ trouwens al helemaal niet. Maar we zijn stuk voor stuk wèl allemaal Belgen, Europeanen, wereldburgers.

Eén pot nat dus, als je het zo bekijkt. Probleem is dat nog veel te weinig mensen dat ook werkelijk zo zien. Reden daarvoor is vooral angst, van beide kanten. De een is bang dat binnenkort alle vrouwen met een hoofddoek lopen, de ander vreest voor gedwongen naaktloperij.

Onzin, zegt Koçak, alleen al omdat dit soort extremen maar weinig mensen werkelijk interesseren. Koçak: “99 procent van de moslims in België maakt zich drukker om de sluiting van Opel-Antwerpen en de belastingen die ze moeten betalen, dan om de vraag hoe ze morgen België gaan verdelen”.

Ook over onze democratie maakt hij zich niet al te veel zorgen. Ondanks een aantal recente gebeurtenissen met angstaanjagende gelijkenissen met het antisemitisme – zie de extreme reactie van de stad Antwerpen op de onruststokerij van Sharia4Belgium – gelooft hij absoluut niet in een soort Belgisch nazi-Duitsland.

Onze democratische structuren zitten volgens hem veel dieper, veel sterker verankerd in de maatschappij. Dat gedeelte zit dus wel goed, nu nog een verandering bewerkstelligen in de hoofden van de mensen!

Extremisten te veel aan bod

We moeten onszelf en elkaar ervan overtuigen dat niet die paar extremen, maar wij – de overgrote, gematigde meerderheid – de baas zijn, stelt Koçak. Momenteel laten we echter te veel toe dat extremisten – van alle kanten – het woord voeren. Een hiermee samenhangend probleem is dat er tussen mensen meer overeenkomsten dan verschillen zijn, maar die laatsten krijgen veel vaker de nadruk.

Niets is immers makkelijker dan de ander af te kraken om jezelf beter te voelen! En, waarschijnlijk om dezelfde reden: slecht nieuws verkoopt nu eenmaal goed. We moeten dan ook proberen de tegenstander geen munitie meer te geven en ondertussen de al bestaande angst te bestrijden.

De wereld is geen flower power, stelt Koçak, dus termen als ‘dialoog’ en ‘bruggen bouwen’ moeten meer zijn dan enkel clichés. Maar het is mogelijk en het kàn ook!

Helaas bleken zowel gastheer als publiek hier nog niet helemaal rijp voor. Waar Koçak in zijn boek extreme voorbeelden en clichés geeft om aan te tonen dat ze niet meer zijn dan dat – namelijk extreem, benadrukken de vragen vanuit de FMV en de toehoorders telkens weer de al dan niet werkelijk bestaande verschillen tussen de zogenaamde groepen.

Sommige toehoorders trokken de lezing van Koçak liever in twijfel door het geven van voorbeelden waaruit bleek hoe anders ‘wij’ zijn en hoezeer wij tegenover elkaar staan, dan dat ze gezamenlijk begonnen te zoeken naar manieren om zijn ideeën tot uitvoer te brengen.

Selectieve verontwaardiging

Zo werd er verwezen naar de selectieve verontwaardiging die Belgische moslims vaak ervaren als het gaat om bijvoorbeeld geweldsmisdrijven. Bij een aanslag door islamitische terroristen in een ver land moet de Belgische moslim zich collectief en openlijk verontschuldigen, omdat die ander toevallig ook een moslim was.

Maar na een racistische moordpartij als die van Hans Van Themsche trekt geen mede-autochtoon zijn mond open. En werd de blanke oer-Belg daarvoor op het matje geroepen door de moslims? Geen denken aan!

Ook kwesties als het hoofddoekverbod en het monddood proberen te maken van mensen als Abou Jajah en imam Nourdine Taouil kwamen tijdens het debat aan bod. Islamitische homohaters en vervelende Marokkaanse scholieren – als discussieonderwerp, niet in real life – eisten eveneens hun portie gespreksstof op.

Op zich niet ten onrechte, dat verwijzen naar deze reële problemen, al begint het mij persoonlijk wat te vervelen telkens op dezelfde zaken terug te komen in plaats van vooruit te kijken.

Misplaatste groepsgevoel

Het was echter vooral onthutsend te zien dat zelfs deze mensen, op het eerste gezicht zo open en met elkaar begaan – ja, neutraal bijna! – zich stiekem toch ook schuldig maakten aan dat waarop Koçak ons nu juist wijst: laat je toch niet verleiden tot zwart-wit denken! Doe er niet aan mee, aan die angst! Stap af van die schuldvraag! En maak je alsjeblieft eens los van dat misplaatste groepsgevoel.

Ja, er moet een ‘wij’ komen! Maar dan wel een ‘wij’ van insluiten, erbij horen. Dat gaat uiteraard niet vanzelf, dus werk daaraan – one for all and all for one. Zelf geeft hij alvast het goede voorbeeld. Bang voor de islam? Ik kan me er iets bij voorstellen, maar laat mij u het tegendeel bewijzen!
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!