Gulnara Karimova, de oudste dochter van de president van Oezbekistan, wordt erg gehaat door een groot deel van de bevolking vanwege haar decadente levenswijze.

 

Interview, Tmd, Centraal-Azië, Oezbekistan, Karimov -

EU sluit ogen voor repressie door Oezbeeks regime

Vijf jaar na de bloedige opstand in de stad Andizjan blijft de Oezbeekse regering repressief optreden. Vooral praktiserende moslims worden daarbij geviseerd. De internationale gemeenschap neemt echter een dubbelzinnige houding aan. “Oezbekistan zit wel degelijk met een terreurprobleem: staatsterreur”, zegt Bruno De Cordier.

woensdag 12 mei 2010 17:00

Op vrijdag 13 mei 2005 kwamen honderden mensen om bij een uitbarsting van geweld in de Oezbeekse stad Andizjan. Gewapende mannen vielen regeringsgebouwen aan en braken in in de gevangenis om 23 plaatselijke ondernemers te bevrijden die straffen riskeerden op beschuldiging van ‘religieus extremisme’, en zetten het volk aan om te protesteren.

Duizenden ongewapende betogers kwamen samen op het grootste plein van de stad om hun grieven te uiten over de armoede en repressie door de regering. Nadat het regeringsleger het plein probeerde af te sluiten, vluchtten de betogers, maar ze liepen in een hinderlaag van het leger. Volgens officiële cijfers stierven 187 mensen, officieuze bronnen gaan tot ‘duizenden’. Wellicht waren het er ongeveer 800.

“Los van het aantal doden had Andizjan een verregaand psychologisch effect, niet alleen in Oezbekistan zelf, maar wel in de wijde regio“, zegt Bruno De Cordier van de Conflict Research Group van de Universiteit Gent.

“Toen die protestbeweging in Andizjan aan de gang was, had een deel van de bevolking zijn hoop gesteld in een bemiddeling of tussenkomst van de president, maar dat gebeurde niet.”

Tot dan gingen mensen er vanuit dat de president een soort vaderfiguur was, die het goed meent met de bevolking, terwijl corruptie vooral te vinden was bij lokale potentaten. Die naïeve illusie werd vijf jaar geleden aan flarden geschoten.

Moegetergd door het regime

Volgens de officiële lijn was de opstand georganiseerd door externe radicaal-islamitische krachten, meer bepaald de Taliban en de Hizb ut-Tahrir. Ze verwezen ook naar de krachten die achter de kleurenrevoluties zaten in de wijdere ex-Sovjetruimte.

“Dat het een gewapende opstand was, wordt vaak door het regime en sommige buitenlands diplomaten en internationale regiowatchers gebruikt om die beweging in diskrediet te brengen, wat ik een compleet hypocriete lijn vind. Vanwege de gewelddadige natuur van het regime is vreedzaam verzet immers steeds minder een optie in Oezbekistan.”

Bruno De Cordier acht twee oorzaken waarschijnlijker: “Het feit dat de bevolking moe getergd was door het regime en het machtsmisbruik op zowel centraal niveau als bij de lokale vertegenwoordigers. Er was ook een machtstrijd tussen regio’s en lokale machtsfiguren aan de gang.”

De eigenlijke aanleiding voor de protesten ziet Bruno De Cordier in het proces dat gevoerd werd tegen een aantal plaatselijke ondernemers op de verdenking van lidmaatschap van een extreem-islamitische organisatie. “Een aantal van hen waren wel lid van religieus geïnspireerde netwerken die lokaal waren ontstaan, maar het feit dat lokale ondernemers mikpunt waren van repressie bracht een diepere malaise aan het licht.”

Het gaat daarbij niet zozeer om de autoritaire natuur van het regime, maar wel over de frustratie over een totaal gebrek aan economische democratie. “Elk economisch initiatief dat niet rechtstreeks verbonden is met de directe entourage van de president en zijn dochter wordt onmogelijk gemaakt. En dat in een bevolking met een ondernemerstraditie en een land met een zeker potentieel, dat daardoor beknot wordt.”

Echt of vermeend extremisme?

“Een van de voornaamste mikpunten van de repressie, dat het regime internationaal het best kon verkopen, was het islamitische extremisme. Extremisme werd voor het regime echter steeds meer een alibi of zelfrechtvaardiging. En de interpretatie ervan is veel breder dan in het Westen of internationaal.”

“Hoewel Oezbekistan zich seculier noemt, zijn de vervolgingen een voortzetting van de meer agressieve fases van het Sovjetatheïsme. De repressie wordt sterk opgevoerd tegen mensen die individueel hun religie praktiseren, in dit geval vooral moslims. Dit wordt verpakt als een strijd tegen moslimextremisme, en tal van internationale organisaties, diplomatieke vertegenwoordigers en staten zijn daarin getrapt – of koesteren gewoon stilletjes sympathie voor die aanpak.”

Na de onafhankelijkheid van Oezbekistan in 1991 nam de overheid aanvankelijk een welwillender houding aan tegenover de islam, die daarna is omgeslagen. Bruno De Cordier vermoedt omdat het vooral ging om een beweging die het regime hoopte te recupereren, maar waar ze uiteindelijk weinig vat op kreeg.

“Oezbekistan kent een soort van staatsislam, een systeem dat ze hebben overgenomen van de Sovjet-Unie. Vaak zijn dat officiële imams die de president bewieroken en het regime rechtvaardigen. Maar veel gelovigen wantrouwen dit soort islam. Er komen ook interpretaties van de islam van buitenaf, niet noodzakelijk uit de Arabische wereld en Turkije, maar ook uit transnationale islamitische bewegingen.”

Geen maatschappelijk draagvlak

“Je kunt niet ontkennen dat er extreem-islamistische groepen in Oezbekistan waren”, benadrukt Bruno De Cordier. “Die hebben echter geen bredere basis binnen de Oezbeekse samenleving. De meeste moslims beleven hun geloof, maar zijn niet extremistisch, zoals het regime ons wil doen geloven. Het regime schakelt praktiseren gewoon gelijk met extremisme.”

“In de jaren negentig waren er wel bewegingen waar later gewapende groepen uit zijn voortgekomen. Een voorbeeld is de groep rond Tahir Juldasj, die na lange omzwervingen bij de Afghaanse Taliban beland is. Maar zij hebben geen maatschappelijk draagvlak of brede steun bij de bevolking in Oezbekistan. Hun militaire en politieke impact gaat volgens mij niet verder dan die van de Baader-Meinhofgroep in de jaren zeventig in Europa en de rechtse milities in de VS. Ze hebben hun actieterrein ook verlegd naar Kunduz in Afghanistan, waar er ook een etnisch Oezbeekse bevolking leeft.”

Een andere groep die actief zou zijn in Oezbekistan en Eurazië is Hizb Ut-Tahrir. “De aanhang ervan is moeilijk vast te stellen omdat het bestaat uit een netwerk van kleine cellen. Het regime schildert hen af als terroristische groep en heeft hen in verband gebracht aan de opstand in Andizjan en de terreuraanslagen in Tasjkent in 1999 en 2002. Er zijn echter geen ernstige aanwijzingen dat de Hizb Ut-Tahrir een militaire vleugel heeft, en dat ze technisch betrokken was bij de aanslagen.”

Integendeel zelfs, Hizb Ut-Tahrir heeft terreuraanslagen in bijvoorbeeld Pakistan veroordeeld. Het gaat veeleer om een politiek-intellectuele groep die in Oezbekistan eerder een vector is van een bepaald islamitisch project met utopische trekjes en een maatschappelijke kritiek die effectief inspeelt de realiteit. Door het clandestiene en onzichtbare karakter van de beweging zijn ze een alomtegenwoordige vijand geworden voor iedereen die er gebruik van wil maken.”

“Lidmaatschap van Hizb Ut-Tahrir is een voorwendsel geworden om mensen te arresteren en onder druk te zetten. Die repressie gebeurt soms heel subtiel: mensen verongelukken bij hun voorarrest, bewijsmateriaal wordt ‘geplant’, in plaats van de dissidenten zelf wordt hun familie onder druk gezet, huizen en goederen worden in beslag genomen, …”

Kartonoppositie

Het Oezbeekse regime weet wat internationale organisaties willen horen en speelt hier handig op in. Er zijn formele hervormingen doorgevoerd, maar die staan in schril contrast met wat er op het terrein zelf gebeurt.

“Oezbekistan heeft een meerpartijenstelsel, gedomineerd door de regimepartij en met daarnaast een zestal kleinere partijen in het parlement”, geeft Bruno De Cordier als voorbeeld. “Maar velen ervan zijn opgericht onder impuls van het regime. Net zoals in de DDR van vroeger gaat het hier om een kartonoppositie.”

“Er is nog maar weinig georganiseerde oppositie. Vroegere kopstukken als Muhammad Salih leven al meer dan vijftien jaar in ballingschap, en de nieuwe generatie staat totaal los van die late-Sovjetgeneratie. Die oude oppositie werd ook geleid door intellectuelen die prachtige maatschappelijke projecten hadden, die echter niet ingebed waren in de realiteit van het land.”

“Een paar opposanten kwam voort uit het regime zelf. Nadat ze in ongenade waren gevallen, wierpen ze zich uit wraak of frustratie op tot opposant, maar ik stel me grote vragen bij hun geloofwaardigheid. Wat er in Oezbekistan nog over is aan oppositie is lokaal en ad hoc – bijvoorbeeld boeren die iets proberen te doen rond een landkwestie of wijkbewoners die opkomen tegen onteigeningen voor nog maar eens een façadeproject – of bestaat veeleer uit individuele dissidenten dan uit bewegingen.”

Ook de afschaffing van de doodstraf in 2008 werd internationaal als een goed teken gezien. In de praktijk wil al eens een arrestant ‘verongelukken’. In de gevangeniskampen voor politieke en religieuze gevangenen zouden rond de 8.000 politieke gevangenen zitten, waarvan de grote meerderheid beschuldigd werden van religieus extremisme, terwijl het vaak gewoon praktiserende moslims waren. Vaak zijn ze vastgezet na bekentenissen die afgedwongen werden met folteringen of met bedreigingen om hun familie aan te pakken.

“De kern van het regime in Oezbekistan bestaat nog altijd uit lokale Sovjetnomenclatuur die in de Sovjet-Unie aan de macht was, die haar greep heeft behouden op de sleutelsectoren van de economie van het land. De oudste dochter van president Karimov leidt een zakenimperium, was vertegenwoordiger van Oezbekistan bij de VN en attaché op de ambassade in Moskou voor ze ambassadrice in Madrid werd. Als would-be jetsetfiguur voert ze in mondaine kringen ook een internationaal charmeoffensief voor het regime.”

Logistieke en economische belangen

Internationale mensenrechtenorganisaties volgen de situatie in Oezbekistan al lang op, en klagen de tweeslachtige houding aan die vooral het Westen aanneemt. Na Andizjan kwam er een lauw wapenembargo en een Europees inreisverbod voor degenen die verantwoordelijk werden geacht voor de slachting, maar dat is al na korte tijd volledig uitgehold en omzeild. Al snel mocht een kopstuk van Oezbekistans geheime dienst voor medische behandeling naar Hannover, en in oktober 2009 hief de EU het wapenembargo tegen Oezbekistan op.

“Wellicht speelde de logistieke noodzaak voor de internationale operatie in Afghanistan hier een grote rol. Via Oezbekistan wordt bijvoorbeeld brandstof en bouwmateriaal getransporteerd voor de basis in Bagram. De bevoorradingsroutes in het zuiden van Afghanistan worden steeds onveiliger, dus is die noordelijke corridor niet onbelangrijk. Dat het Westen het steunpunt in Oezbekistan wil behouden, kan de sussende houding tegenover het regime verklaren.”

Daarnaast ziet Bruno De Cordier in die houding ook ideologische trekken, zeker als je het contrast ziet in de houding van de EU tegenover Hamas in Gaza en de bijna kruiperige houding tegenover het regime in Oezbekistan, dat moslims vervolgt.

“Het islamitische Hamas was democratisch verkozen, kreeg desondanks de les gespeld en leed onder een tijdelijke bevriezing van de samenwerking terwijl de bevolking die nodig had. Ondertussen gaat de EU of althans een deel van de diplomatie uiterst voorzichtig om met het regime in Oezbekistan dat moslims vervolgt. Dat roept vragen op bij de bevolking van Oezbekistan en Eurazië en heeft een enorme impact op de geloofwaardigheid van de EU.”

Spelen mogelijk ook economische belangen? “Het antwoord daarop is ja en nee. Oezbekistan beschikt over grote aardgasvoorraden, maar voor Europa zijn de Kaspische landen belangrijker. Daarnaast behoort Oezbekistan tot de vijfde grootste wereldproducenten van katoen, maar ook dat lijkt me minder een rol te spelen dan de logistieke overwegingen voor Afghanistan.”

“De EU zit vast aan zijn haar strategische belangen, en haar politiek van constructief engagement heeft gefaald. Het enige wat Europa – en het Westen in het algemeen – kan doen, is eerlijk zijn over zijn belangen. Daarmee raakt het in elk geval in diskrediet, maar het zal minder worden geminacht.”

Potentieel wordt verstikt

“Het ergste aan dit verhaal is dat het potentieel van Oezbekistan verstikt wordt. Het land verliest zijn betere mensen, omdat die gearresteerd worden, naar het buitenland vluchten of omdat ze naar Rusland trekken als gastarbeider. Op termijn ontwricht dat de hele samenleving.”

“En dan is er nog de psychologische ontwrichting: net als met de Stasi in de DDR worden tal van mensen onder druk gezet om verklikker te worden van de geheime dienst. Daardoor heerst er een enorme paranoia tot in de gezinnen toe. En het werkt een opgekropte agressie in de hand. Wat op zijn beurt leidt tot gewelddadige uitbarstingen als in Andizjan. En dat veroordelen vanuit de diplomatieke salons is gewoon walgelijk, misplaatst en hypocriet!”

“Europa toont de obligate diplomatieke bezorgdheid en veroordeling van geweld, en heeft onder druk van de publieke opinie en de mensenrechtenorganisaties een halfslachtig embargo ingesteld. Daarop heeft onder meer de Oezbeekse ambassade voor de Benelux een pr-offensief gevoerd om ons ervan te overtuigen dat het allemaal zo erg niet is, en dat de opstandelingen in Andizjan terroristen zijn die van buitenaf werden opgeleid en betaald.”

“Vooral de dochter van de president is erg gehaat bij zowel de bevolking als een deel van de elite, vanwege haar provocatieve decadente levenswijze en haar machtspositie. Er zijn binnen het regime ook mensen die het anders willen. Daarom vermoed ik dat een omwenteling in de eerste plaats gaat gebeuren binnen het regime zelf.”

“Voorlopig lijkt het of Karimov zijn geheime dienst in de hand heeft. De relaties tussen Rusland en vader en dochter Karimov zijn ondanks de ronkende verklaringen niet zo goed, dus mogelijk gaan zij de val van het regime mee in de hand werken. Moskou begint ook te beseffen dat als Rusland haar invloed wil verzekeren en de harten en geesten van de mensen wil behouden, dat het niet verder kan gaan met het steunen van zulke regimes.”

“Ik denk niet dat Oezbekistan onder de volgende machtshebber in een democratie zal veranderen. Wellicht komen er vanuit het huidige regime figuren naar voren die wel autoritair blijven, maar misschien wel een redelijker beleid voeren. Hoelang dat nog zal duren, valt moeilijk te zeggen.”

“Intussen trekt de bevolking haar plan. Zij wordt onderdrukt, maar zijn niet helemaal geïsoleerd. Ze weten heel goed wat er in Kirgizië gebeurd is bijvoorbeeld. Ze halen veel inkomsten uit migratie en uit de informele economie. Als het regime dat te veel gaat begrenzen, leidt dat tot structurele armoede, en dan kan de boel wel ontploffen. Angst houdt de mensen eronder. Maar vanaf een bepaald punt werkt dat niet meer.”

 Het Oezbeekse regime maakte een video over Andizjan, om te overtuigen dat dit het werk was van doorgewinterde guerrillastrijders. Die had echter een tegengesteld effect, omdat de beelden duidelijk laten zien hoe los en zenuwachtig de protestbeweging was. Bij de links kunt u doorklikken naar het eerste deel van deze video op YouTube. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!