Arundhati Roy bij de maoïstische rebellen, ook Naxalieten genoemd

 

Nieuws, Wereld, Politiek, India, Oorlog en vrede -

Arundhati Roy, op stap met de Kameraden

De Indiase Arundhati Roy is Booker Prize-winnares en activiste. In februari 2010 trok ze zich terug in het Dandakaranya-woud in Centraal-Oost-India. Het is de thuisbasis van verschillende traditionele volksstammen. De maoïstische rebellen, ook Naxalieten genoemd, vechten er voor het behoud van hun levenswijze en tegen de groeiende industrie. 'Walking with the Comrades' is Arundhati's verslag.

vrijdag 9 april 2010 10:26
Spread the love

Vorig jaar gaf India het startsein voor operatie Green Hunt, die het verzet van de maoïsten moest breken. Het is de zoveelste fase in een oorlog van de regering, de militaire machten en de grote bedrijven tegen de armste inwoners van India. Zij leven diep teruggetrokken in het Dandakaranyawoud of het DK-woud. Het is duidelijk dat India met dit conflict de democratie, waar ze graag in wil geloven, ondermijnt. 

Grootste veiligheidsbedreiging voor India

Door het ontstaan van de Indiase grondwet in 1950 wordt de traditionele levensstijl van de stammen die in het DK-woud leven sterk onderdrukt. Sinds dan beschouwt de regering hen als illegalen. Grote bouwprojecten krijgen voorrang waardoor vele dorpen leeglopen en verdwijnen. Het maakt deze mensen tot vluchtelingen van de vooruitgang waar India naar op zoek is.

Ondertussen koopt en ontwikkelt de Indiase regering moderne wapens om ze in te zetten tegen de veel slechter bewapende guerillastrijders. Het land vormt politiemannen om tot militairen om ze in te zetten tegen de maoïsten. Hun motto is ‘Fight a guerilla, like a guerilla’

Arundhati begrijpt door de vele gesprekken met de maoïsten dat geweldloos verzet voor hen geen optie is. Ze beseft dat justitie niet naar hen luistert, want de economische ontwikkeling van India gaat voor op de belangen van de traditionele volksstammen.

De maoïsten vertelden Arundhati dat in de zomer van 2005 de bouw van twee staalfabrieken gepland was in het Dandakaranya-woud. Tezelfdertijd verklaarde eerste minister, Manmohan Singh, dat de maoïsten de grootse veiligheidsbedreiging vormen voor India. De Peoples War Group (PWG), een fractie van de Communistische Partij van India (CPI) en de oorspronkelijke Naxalieten, was toen net 1.600 leden verloren in de strijd met het regeringsleger.

De eerste minister wekte de indruk dat de maoïsten met harde hand moesten worden verdreven. Dat was het startsein voor de Purification Hunt, een grondoffensief van het Indiase leger. Tijdens hun vernielingstocht langs de dorpen in het DK-woud doodde het leger honderden mensen. Dorpelingen die niet vrijwillig naar controlekampen verhuisden, beschouwden ze als maoïsten. Wie in het woud leefde, werd plots beschouwd als een terroristische dreiging voor de Indiase staat.

Aanslag op democratische waarden

De Purification Hunt mislukte door het verzet van de maoïsten, maar er waren wel nog verschillende bouwprojecten op til. De regering kwam toen met de Green Hunt op de proppen. Opnieuw gingen de guerillastrijders de confrontatie aan.

Het verleden van de volksstammen is er een van geweld en conflict. Het bewijs dat in het Indiase DK-woud de nationale veiligheidsdiensten, de grote politieke partijen en de bedrijfswereld sterk verweven zijn met elkaar. Dat is een regelrechte aanslag op de democratische waarden waar het land zo graag voor staat.

De maoïsten hebben het moeilijk met de manier waarop ze door de media worden voorgesteld. Ze zijn geen nihilitische strijders of rebellen. Bovendien wijst woordgebruik als ‘maoïstische plagen’ of ‘geïnfecteerde gebieden’ op genocidale gevoelens.

De Naxalieten gaven aan Arundhati toe dat ook zij fouten maken. Het kan gebeuren dat ze op mensen schieten van wie ze vermoeden dat het politie is, terwijl dat achteraf niet zo blijkt te zijn. Maar de maoïsten vinden het beeld dat de media van hen schetst, niet voldoende genuanceerd. De militairen en de politiemacht worden voorgesteld als de dapperen die vechten tegen de rebellen. Ze vinden dat de rechtbank niet naar hen luistert, omdat hun straf de publieke opinie tevreden stelt. Iemand moet de zondebok zijn om de samenleving te sussen.

Niet langer gewenst

Arundhati spreekt zelf niet over een genocide, maar het wijst er volgens haar wel op dat de volksstammen niet langer gewenst zijn. Of meer precies, het verzet van de maoïsten is de grootste obstakel voor de regering.

De dorpelingen in het DK-woud willen niet vluchten, maar de regering maakt het hen moeilijk. Er is de geschiedenis van geweldplegingen door politie en militairen, er is gebrek aan medicijnen, dokters en ziekenhuizen. Niet alleen de mannen, maar ook de vrouwen nemen de wapens op.

Landbouw wordt steeds moeilijker in het woud, omdat er geen irrigatiesystemen worden aangelegd. En als ze er al komen, is dat op de foute plaats. De volksstammen in het Dandakaranya-woud hebben nood aan mensen met kennis om hun gronden te kunnen bewerken.

Charu Majumdar, de oprichter en leider van de Naxalietenbeweging, vertelt zijn maoïsten dat ze geweld moeten gebruiken als ze hun vrijheid terug willen. Hij zegt dat China’s leider ook hun leider is en dat China’s weg ook hun weg is. Maar hij zwijgt wel over de Rode Khmer in Cambodja, over de excessen van de Russische en de Chinese revoluties en over Tibet.

Ook binnen de Naxalietenbeweging vonden gewelddadige excessen plaats, maar Arundhati vraagt zich af of ze te vergelijken zijn met de verachtelijke verwezelijkingen van de Congrespartij. Volgens haar mogen we niet vergeten dat Majumdar de droom van de revolutie levend houdt. Want kan India zonder deze revolutionaire droom? Ook legt Arundhati de link met de Indiase leiders die nu hetzelfde zeggen: ‘China’s weg is onze weg’, en dat terwijl ze de maoïsten zo sterk verdrukken.

De maoïsten maken deel uit van de volksstammen die in het DK-woud leven. Daarom is de Communistische Partij van India een volkspartij met een volksleger, de maoïsten. Zij zijn de enigen die opkomen voor de belangen van de mensen die al generaties lang in het woud leven.

Het is mogelijk dat de partij zich na de revolutie tegen het volk keert. Misschien zal ze de grondstoffen die in het woud aanwezig zijn, willen exploiteren, in plaats van ze te beschermen tegen de industrie zoals ze dat nu doet. Toch moet de partij volgens Arundhati een kans krijgen om nu een revolutie te voeren, zonder te denken aan een mogelijke ommekeer. Want de bezorgdheid voor de toekomst mag de maoïsten nu niet immobiliseren.

————–

Je kan hieronder het boek: ‘Walking with the comrades’  van Arandahti Roy downloaden.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!